Vakantie in Malta
Reistips, bezienswaardigheden en praktische informatie voor Malta, geschreven door onze redactie.
Wat je moet weten over Malta
Malta ligt honderd kilometer onder Sicilie, midden in de Middellandse Zee, en bestaat uit drie bewoonde eilanden op samen driehonderdzestien vierkante kilometer.
Wat het is: een dichtbevolkte rots van honingkleurige kalksteen, met een geschiedenis die van de steentijd via de ridders en Napoleon naar de Britse tijd loopt en overal zichtbaar is.
Wat het bijzondere eraan is: Engels is er officiele taal, naast Maltees. Ongeveer achtentachtig procent van de bevolking spreekt het, en dat merk je aan alles: het menu, de bordjes, de garagehouder.
Het weer bij ons meetpunt in Valletta: juli 30,1 graden overdag bij 24,2 's nachts, augustus 30,2 bij 25,2. Regen is er in die maanden vrijwel niet, en zelfs januari haalt overdag nog 15,2 graden.
Wat er te kiezen valt: een appartement met zeezicht in Sliema, een vakantiewoning in een dorp in het binnenland, een villa met zwembad op Gozo, of een klein vakantiehuisje in een oude kern.
Wat je vooraf moet weten: dit is geen strandbestemming in de gebruikelijke zin. De kust is grotendeels rots, en dat is het eerste waar mensen zich op verkijken.
Wat villas op Malta in de praktijk zijn
Veel mensen zoeken in het Engels naar villas op Malta, en het is goed te weten wat daar hier onder valt.
Wat het meestal is: een vrijstaand of geschakeld huis met twee tot vier slaapkamers, een terras of dakterras, en in de betere categorie een eigen zwembad. Op Gozo zijn dat vaak omgebouwde boerderijen van kalksteen.
Wat het soms ook is: een appartement in een blok dat als villa wordt aangeprezen. Kijk naar de plattegrond en naar foto's van de buitenkant.
Waarom een eigen zwembad hier zwaarder telt dan elders: er zijn nauwelijks zandstranden, en het water is vanaf de rotsen niet overal makkelijk in te komen. Een bad bij het huis is daarom het verschil tussen wel en niet ontspannen zwemmen, zeker met kinderen.
Wat een farmhouse is: op Gozo een specifiek type, een oud boerenhuis rond een binnenplaats met dikke muren, vaak met een bad in die binnenplaats. Dat is de aangenaamste categorie op de eilanden, en het is het vakantiehuis dat de meeste terugkerende bezoekers uiteindelijk huren.
Wat je hier niet vindt: een vakantiepark zoals in Nederland. De grote terreinen op Malta zijn hotels, en zelf koken doe je in een appartement of een huis.
Waar je op let bij het boeken: of er airco in de slaapkamers zit, hoeveel trappen er zijn (Maltese huizen hebben er veel en steile), en of het zwembad in het voor- en naseizoen gevuld en verwarmd is.
Tempels die ouder zijn dan de piramides
Dit is het onderdeel dat bijna niemand verwacht en dat Malta van elke andere zonbestemming onderscheidt.
Wat er staat: op Gozo liggen de Ggantija-tempels, gebouwd tussen 3600 en 2500 voor Christus. Ze zijn daarmee ouder dan de piramides van Gizeh en ouder dan Stonehenge.
Waar dat op neerkomt: je loopt tussen muren van blokken van meerdere tonnen die zijn neergezet door mensen zonder metaal en zonder wiel.
De status: Ggantija staat sinds 1980 op de werelderfgoedlijst. In 1992 is die vermelding uitgebreid met vijf andere tempelcomplexen op de eilanden, waaronder Hagar Qim en Mnajdra op het hoofdeiland.
Wat er nog meer is: het Hypogeum van Hal Saflieni, een ondergrondse grafkamer uit dezelfde periode, uitgehakt in de rots. Daar mogen per dag maar weinig mensen naar binnen en kaarten zijn maanden vooruit uitverkocht. Boek dat vroeg of sla het over.
Wat je verder ziet: Valletta zelf staat ook op de werelderfgoedlijst, als vestingstad die de ridders na 1565 in een paar decennia uit de grond stampten.
Wat dit betekent voor je week: er is bij regen of te veel hitte altijd iets te doen, en dat is op een klein eiland een groter voordeel dan het lijkt.
Het weer, maand voor maand
Malta heeft het meest uitgesproken mediterrane klimaat van alle bestemmingen op deze site.
Hoogzomer: juli 30,1 graden overdag bij 24,2 's nachts, augustus 30,2 bij 25,2. Regen is er praktisch niet: 0,3 en 1,4 regendagen.
Wat de nachten doen: het koelt nauwelijks af. Vijfentwintig graden om drie uur 's nachts in augustus is normaal, en dat is de reden dat airco in de slaapkamer geen luxe is.
De schouders: juni komt op 26,9 en september op 27,6. Dat zijn de twee beste maanden, met warm water en draaglijke hitte.
Mei en oktober: 21,9 en 24,2 graden, allebei met weinig regen. Prima om te wandelen en te bezichtigen, en in oktober is de zee nog op temperatuur.
De winter: hier is Malta ongewoon. Januari haalt overdag nog 15,2 graden en zakt 's nachts naar 11,5. Het vriest er niet. November is met 76 millimeter de natste maand, en dat is voor Europese begrippen niet veel.
Wat dat betekent: het eiland is het hele jaar bruikbaar. Voor wandelen en steden bekijken is de winter er zelfs prettiger dan de zomer, al zijn de huizen slecht geisoleerd en vaak niet goed te verwarmen.
Waar je zit op de eilanden
De eilanden zijn klein, maar de sfeer verschilt sterk per hoek.
Sliema en St Julian's: de moderne strook aan de noordoostkust, met appartementen, winkels en uitgaan. Druk, praktisch en het best bediend door bussen.
Valletta: de ommuurde hoofdstad op een landtong, met smalle straten en trappen. Prachtig om te logeren, maar wel steil en 's avonds rustiger dan je zou denken.
Mellieha en de noordpunt: hier ligt het grootste zandstrand van het hoofdeiland en de veerhaven naar Gozo.
Het binnenland en de zuidkust: dorpen als Zurrieq en Marsaxlokk, met vissersboten en markten. Rustiger, authentieker, minder voorzieningen.
Gozo: het tweede eiland, groener, langzamer en met de mooiste farmhouses. Een half uur varen, en het voelt als een andere vakantie.
Wat de vuistregel is: wil je reuring en gemak, kies dan Sliema of St Julian's. Wil je rust en een huis met een bad, ga dan naar Gozo en neem een auto.
Gozo en Comino
De twee kleinere eilanden zijn de reden dat veel mensen terugkomen.
Gozo: ongeveer een derde van de oppervlakte van het hoofdeiland, met terrasvelden, kliffen en een tempo dat merkbaar lager ligt. De hoofdplaats Victoria heeft een citadel met uitzicht over het hele eiland.
Hoe je er komt: de veerboot vanaf Cirkewwa vaart de hele dag door en neemt auto's mee. De overtocht duurt ongeveer een half uur.
Waar je op Gozo zwemt: bij Ramla Bay, het enige echte zandstrand met rode zandkorrels, en verder vanaf rotsplateaus bij Dwejra en Wied il-Ghasri.
Comino: het derde eiland, vrijwel onbewoond, met de Blue Lagoon. Het water is er spectaculair helder en het is in de zomer ook spectaculair vol. Ga vroeg of ga in mei of oktober.
Wat je moet weten over de boten naar Comino: ze varen van meerdere plaatsen en de prijzen lopen uiteen. Op drukke dagen is het er schouder aan schouder op een klein stukje rots.
Wat het beste moment is: buiten juli en augustus is de Blue Lagoon een van de mooiste plekken van de Middellandse Zee. In augustus is het een drukke dagbestemming.
Engels als officiele taal, en wat dat scheelt
Dit klinkt als een detail en het verandert in de praktijk veel.
De situatie: Malta heeft Maltees en Engels als officiele talen, een erfenis van de Britse periode die tot 1964 duurde. Ongeveer achtentachtig procent van de bevolking spreekt Engels.
Wat je ervan merkt: alle bordjes, menu's, contracten en huisregels zijn in het Engels. Een misverstand over de borg of de sleuteloverdracht is hier veel minder waarschijnlijk dan in Zuid-Europa.
Wat er nog meer Brits is: er wordt links gereden, de stopcontacten zijn de Britse driepins, en er staan rode brievenbussen en telefooncellen.
Wat dat betekent voor je koffer: neem een verloopstekker mee. Dat is het meest vergeten voorwerp op dit eiland.
Wat het betekent met kinderen: er zijn veel taalscholen, en in de zomer zit het eiland vol met tieners die Engels komen leren. Dat maakt Sliema en St Julian's in juli en augustus jong en luidruchtig.
Wat het niet wegneemt: de bureaucratie is Zuid-Europees, ook in het Engels.
Heen en weer, en het verkeer
De reis is kort, en het rijden is het enige wat wennen vraagt.
Vliegen: er zijn directe vluchten vanuit Nederland, ongeveer drie uur. Buiten het seizoen wordt het aanbod dunner.
Vanaf het vliegveld: het ligt midden op het eiland, dus overal ben je binnen een half uur.
Links rijden: dat is de grootste aanpassing. Het wegdek is bovendien vaak slecht, de wegen zijn smal en er wordt fel gereden. Wie het niet gewend is, moet de eerste dag rustig aan doen.
Parkeren: in Sliema, Valletta en St Julian's is het een probleem. Vraag na of er bij je adres een plek hoort, want anders sta je ver weg.
De bus: het busnet dekt het hele eiland en is goedkoop. Het is wel traag en in de spits overvol, maar voor wie niet wil rijden is het een werkbaar alternatief.
Of je een auto nodig hebt: op het hoofdeiland niet per se, op Gozo wel. Daar rijdt de bus met grote tussenpozen.
Wat het kost
Malta is niet duur naar Europese maatstaven, maar ook niet meer het koopje van vroeger.
Wat meevalt: uit eten en drinken, zeker in de dorpen en op Gozo. De bus kost bijna niets.
Wat tegenvalt: accommodatie in juli en augustus in de bekende plaatsen, en alles rond de Blue Lagoon.
Wat er los bij komt: een verblijfsbelasting per persoon per overnachting, ter plaatse of via het adres te betalen, en bij huizen een eindschoonmaak.
Wat je op de stroom moet letten: airco draait hier maanden achtereen en bij sommige adressen wordt het verbruik apart afgerekend. Vraag dat na als je in augustus gaat.
Waar je op bespaart: buiten juli en augustus gaan, en landinwaarts of op Gozo slapen in plaats van aan de noordoostkust.
Wat een lang verblijf oplevert: in de winter zijn de prijzen laag en zijn er verhuurders die per maand rekenen. Voor wie kan overwinteren is dit een van de goedkopere opties in Europa.
Wanneer je moet gaan
Het eiland is het hele jaar open, en dat maakt de keuze breder dan bij de meeste bestemmingen.
Mei, juni, september en oktober: de beste maanden. Warm, weinig regen, zee op temperatuur en het is te doen qua drukte.
Juli en augustus: heet, vol en het duurst. De nachten koelen niet af en de Blue Lagoon is onbegaanbaar.
November tot april: mild, groen en stil. Perfect voor wandelen, de tempels en de steden, en spotgoedkoop. Zwemmen zit er niet in.
Wat je moet weten over de winter: de huizen zijn op hitte gebouwd, niet op kou. Vijftien graden buiten kan binnen aanvoelen als tien, en verwarming is vaak een losse kachel.
De feesten: elk dorp heeft in de zomer een festa met vuurwerk, meestal in het weekend. Leuk om mee te maken en luidruchtig als je ernaast moet overnachten.
Wanneer de taalscholen komen: juli en augustus. Wie geen tieners om zich heen wil, moet die maanden Sliema en St Julian's mijden.
Zwemmen, want dat gaat hier anders
Dit verdient een eigen hoofdstuk omdat het de grootste bron van teleurstelling is.
Wat de kust is: grotendeels kalksteen. Vlakke platen, kliffen en inhammen, en het water is er helder en diep.
Waar de zandstranden liggen: op het hoofdeiland vooral in het noorden, bij Mellieha Bay en Golden Bay. Op Gozo is Ramla Bay het enige echte.
Hoeveel dat er zijn: minder dan tien van formaat, voor een eiland met honderdduizenden bezoekers. In augustus zijn ze vol.
Wat je daarom bij een klein huisje in een dorpskern nakijkt: of er een dakterras is, want dat is daar de plek waar je zit. Wat het alternatief is voor het strand: zwemmen vanaf de rotsen, wat de Maltezen zelf doen. Er zijn trapjes en ladders in het gesteente, en het water is er schoner dan bij de stranden.
Wat je daarvoor meeneemt: waterschoenen. De rots is scherp en op sommige plekken zitten zee-egels.
Wat dat betekent voor je keuze van een huis: met kleine kinderen die nog niet zwemmen, is een adres met een eigen bad hier belangrijker dan waar ook.
De eerlijke nadelen
Er is genoeg mis te gaan, en het is beter dat vooraf te weten.
De drukte: Malta is een van de dichtstbevolkte landen ter wereld, en daar komen de bezoekers nog bovenop. In de zomer is het op de noordoostkust vol, met verkeer dat vastloopt.
De hitte 's nachts: vijfentwintig graden in augustus, ook na middernacht. Zonder airco slaap je slecht.
De bouw: er wordt overal gebouwd en gesloopt, en dat gaat vroeg aan. Een bouwput naast je appartement is een reeel risico dat je van de foto's niet ziet.
Het gebrek aan strand: dat is voor veel mensen de grootste tegenvaller. Reken op rotsen, niet op zand.
Het rijden: links, smal, slecht wegdek en veel scooters. Het is de meest genoemde reden dat mensen alsnog de bus nemen.
En het groen: er is nauwelijks bos of schaduw. In de zomer is het eiland dor en geel, en wie groen wil zien moet naar Gozo of in het voorjaar komen.