Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Lough Allen verschuift per seizoen tientallen meters
Dit meer van ongeveer 35 vierkante kilometer is het eerste grote in de loop van de Shannon en ligt ingeklemd tussen twee bergruggen. Het peil wordt geregeld voor een waterkrachtcentrale verderop, waardoor de oeverlijn per seizoen opschuift en er brede grindstroken droogvallen.
Rond het meer ligt een autoroute van ongeveer 50 kilometer met aanlegsteigers aan beide oevers. Een kano huren kost vanaf ongeveer 25 euro per dagdeel. Let op: door dat wisselende peil is een steiger die in juni bruikbaar is in september soms onbereikbaar, dus kijk ter plaatse hoe het water staat.
De Arigna-bergen waren het laatste kolengebied van Ierland
De bergrug ten westen van Lough Allen leverde tot 1990 steenkool, als laatste mijn van het land die in bedrijf was. Het mijnmuseum met rondleidingen door voormalige mijnwerkers staat net over de grens in County Roscommon, ongeveer 5 kilometer van de Leitrimse oever.
Een rondleiding duurt drie kwartier en kost rond de 12 euro; je loopt een stuk de gang in en hoort van iemand die er zelf heeft gewerkt hoe laag die gangen waren. Over de bergrug loopt een panoramaweg tot ongeveer 400 meter hoogte, met uitzicht over het meer. De hellingen zijn deels met naaldbos ingeplant.
De Shannon-Erne Waterway heeft zestien zelfbediende sluizen
Deze vaarweg van ongeveer 63 kilometer verbindt de Shannon met de Erne in Noord-Ierland. Het kanaal werd in de negentiende eeuw aangelegd, raakte binnen enkele jaren in onbruik omdat de spoorwegen het werk overnamen, en ging in 1994 opnieuw open voor de pleziervaart.
De sluizen bedien je zelf met een pasje. Een huurboot voor vier personen kost in het hoogseizoen rond de 1.200 euro per week; een vaarbewijs is niet nodig, wel krijg je bij vertrek instructie. Langs het kanaal loopt op delen een jaagpad dat te belopen is, vlak en verhard.
Bij Glencar valt het water vijftien meter omlaag
Het meer van Glencar is ongeveer 3 kilometer lang en ligt in een dal met steile wanden. Aan de noordzijde stort een waterval naar beneden, bereikbaar over een vlonderpad van vijf minuten vanaf de parkeerplaats.
Yeats verwerkte deze plek in The Stolen Child uit 1889, en dat staat op een bord bij de val toegelicht. Toegang is gratis en parkeren kost een paar euro. Na regen is de val fors indrukwekkender dan in een droge week, en dan storten er ook tijdelijke watervallen van de dalwanden eromheen.
In Lough Melvin leven drie soorten forel naast elkaar
Dit meer op de grens met Noord-Ierland is ongeveer 13 kilometer lang en onder biologen bekend omdat er drie duidelijk van elkaar verschillende forelvormen leven die verder vrijwel nergens voorkomen: de gillaroo, de sonaghan en de ferox. Ze zijn hier na de laatste ijstijd apart geëvolueerd doordat ze in verschillende delen van het meer paaien.
Vissen mag met een vergunning, te koop in de dorpen aan de oever zoals Kinlough. Er zijn aanlegplaatsen en bootverhuur vanaf ongeveer 60 euro per dag. Het meer ligt deels in Noord-Ierland, dus let op de regels: een vergunning aan de ene kant geldt niet automatisch aan de andere.
Op de ijzerberg staan aangeplante naaldbossen
Op de flanken van Sliabh an Iarainn, 585 meter hoog, staan bossen die vanaf de jaren zestig zijn aangeplant op voormalige turfgrond. Er lopen gemarkeerde routes van 4 tot 9 kilometer met stijgingen tot ongeveer 250 meter.
Op open plekken zie je nog de sporen van de ijzerwinning waaraan de berg zijn naam dankt: ingegraven paden en resten van ovens. Let op: buiten de gemarkeerde paden is het terrein drassig en zakken schoenen tot over de enkel weg, ook na droge weken. Wandelen kost niets en de parkeerplaatsen zijn klein.
De lus bij Ballinaglera is tien kilometer lang
Deze gemarkeerde ronde begint in het gehucht aan de oostoever van Lough Allen en klimt naar de flank van de berg, met ongeveer 250 meter hoogteverschil. Onderweg passeer je oude veldmuren en een bron die volgens de plaatselijke overlevering geneeskrachtig water gaf.
De route duurt drie uur en de ondergrond wisselt tussen asfalt, karrenspoor en veen. Neem water mee, want onderweg is niets te koop en in het gehucht zelf zit hooguit een pub. Dit is een goede eerste kennismaking met het wandelen hier: gemarkeerd, overzichtelijk en toch leeg.
Leitrim heeft zware klei en veel regen
Er valt ruim 1.200 millimeter neerslag per jaar op een zware kleibodem, en dat houdt het landschap groen en drassig. In de natte weilanden groeien orchideeën en in de bossen komt de boommarter voor, die zich in Ierland de laatste decennia sterk heeft hersteld.
Op de meren broeden futen en aalscholvers, en in het najaar overwinteren er duizenden watervogels. Bijna een vijfde van het graafschap is inmiddels met bos beplant, veel meer dan het Ierse gemiddelde; dat is grotendeels productiebos van spar. Voor wandelaars betekent al die regen één ding: waterdichte schoenen in elk seizoen.
Boven Manorhamilton komen vier dalen samen
Boven het dorp staat de ruïne van een versterkt huis uit 1634, gebouwd door Sir Frederick Hamilton, een Schotse officier die hier land toegewezen kreeg. Het terrein is in het seizoen open met een klein bezoekerscentrum en een tuin, tegen een paar euro toegang.
Vanaf het dorp is het vijf minuten lopen. Doordat hier vier dalen bij elkaar komen, is het een goed startpunt voor de wandelroutes in het noorden: je kunt vanuit één plaats vier kanten op zonder de auto te verzetten. In het dorp zitten een paar pubs en een supermarkt, wat in deze streek niet vanzelfsprekend is.
Bij het dorp Leitrim begint het kanaalpad
In het dorp dat het graafschap zijn naam gaf begint de vaarweg naar de Erne, met de eerste sluis direct achter de aanlegsteiger. Langs het kanaal loopt een vlak pad dat over ongeveer 12 kilometer te belopen of te fietsen is, met bankjes en informatieborden bij de sluizen.
Het is er stil: het graafschap telt met rond de 35.000 inwoners de minste bewoners van heel Ierland, en dat merk je op elk pad. Carrick-on-Shannon, de hoofdplaats op 5 kilometer, is de enige plaats van formaat en heeft de meeste voorzieningen; daar huur je ook de boten.