Vakantie in Montenegro
Reistips, bezienswaardigheden en praktische informatie voor Montenegro, geschreven door onze redactie.
Wat je moet weten over Montenegro
Montenegro is met dertienduizend vierkante kilometer kleiner dan Nederland, en het loopt van de Adriatische Zee naar toppen van ruim tweeduizend vijfhonderd meter.
Wat het is: een kuststrook van nog geen driehonderd kilometer met daarachter meteen bergen. Van het strand naar de sneeuw is anderhalf uur rijden.
Wat het bijzondere eraan is: de baai van Kotor, een diep landinwaarts snijdende inham met steile wanden die eruitziet als een fjord en het niet is. Hij staat op de werelderfgoedlijst.
Het weer bij ons meetpunt in Budva: juli 30,4 graden overdag bij 23,4 's nachts, augustus 30,5 bij 23,6, met vijf tot zeven regendagen. En dan de andere kant: in november valt er 379 millimeter.
Wat er te kiezen valt: een appartement met zeezicht in een badplaats, een vakantiehuis in een dorp achter de kust, een vakantiewoning aan de baai of een klein vakantiehuisje in de bergen.
Wat de kracht is: je krijgt hier voor een vakantie het Kroatische landschap tegen aanzienlijk lagere prijzen, en met minder mensen.
De baai van Kotor
Dit is het beeld waar Montenegro om bekendstaat, en het is nog beter dan de foto's.
Wat het is: een inham die vijfentwintig kilometer landinwaarts snijdt, met wanden die tot ruim duizend meter recht uit het water oprijzen. Geologisch is het geen fjord maar een verdronken riviervallei.
De status: het gebied staat op de werelderfgoedlijst van Unesco, om zowel het landschap als de bouwkunst.
Kotor zelf: een ommuurde middeleeuwse stad tegen de rotswand, met een vesting die via ruim dertienhonderd treden de berg op klimt. Die klim is zwaar en het uitzicht bovenaan is de reden dat iedereen het toch doet.
Perast: een dorpje van barokke paleizen met twee eilandjes ervoor, waarvan er een kunstmatig is opgeworpen met scheepsladingen stenen.
Wat je moet weten over de cruiseschepen: die leggen in Kotor aan, en op zo'n dag is de oude stad tussen tien en vier onbegaanbaar. Ga vroeg of blijf slapen.
De weg naar boven: achter Kotor klimt een weg met vijfentwintig haarspeldbochten naar het oude Montenegro. Smal, spectaculair en niets voor wie hoogtevrees heeft.
De kust
De kuststrook is kort en zeer verschillend van noord naar zuid.
Herceg Novi en de baai: het noorden, groen, met tuinen en trappen, en het minst op massatoerisme ingericht.
Budva: de drukste badplaats van het land, met een ommuurd oud centrum en daaromheen nieuwbouw en uitgaansleven. Hier zit het meeste huuraanbod.
Sveti Stefan: het eilandje met de rode daken dat op elke ansichtkaart staat. Het is een privéhotel, dus je kunt er niet op; je kijkt ernaar vanaf de kust.
Ulcinj in het zuiden: dichter bij Albanie, met een Albanees-sprekende meerderheid, en het langste zandstrand van de hele Adriatische kust.
Wat de stranden zijn: overwegend kiezel of grind, behalve bij Ulcinj. Neem waterschoenen mee.
Wat er hard verandert: langs deze kust wordt veel gebouwd, en niet altijd met smaak. Kijk naar recente foto's van de omgeving, niet alleen naar het huis.
Het weer, en de winter die niemand verwacht
De zomer is hier zoals je hoopt en de winter is opzienbarend, dus die krijgt hier evenveel ruimte.
De zomer: juli 30,4 graden overdag bij 23,4 's nachts, augustus 30,5 bij 23,6. Juli telt vijf regendagen, augustus zeven. Dat is een uitgesproken droge, hete zomer.
De schouders: juni komt op 27,0 met negen regendagen en september op 25,6 met elf. Juni is de betere van de twee, want in september begint de regen al.
En dan de winter: november is met 379 millimeter de natste maand, gevolgd door december met 271, januari met 240, februari met 238 en maart met 232.
Wat dat bij elkaar is: ruim tweeduizend tweehonderdvijftig millimeter per jaar. Dat is meer dan in Ierland en meer dan in Wales, alleen valt het hier vrijwel volledig in het winterhalfjaar.
Waarom dat zo is: de bergen achter Kotor lopen steil op uit zee en vangen vochtige lucht van de Adriatische Zee. Dat gebied hoort tot de natste van Europa.
Wat je ermee doet: ga tussen half juni en half september. Daarbuiten regent het stevig, en dat is geen bui maar dagenlang water.
Durmitor en de diepste kloof van Europa
Het noorden is een ander land en het wordt door bijna alle kustgangers overgeslagen.
Wat het is: het nationale park Durmitor, een massief met achttien meren en toppen tot ruim tweeduizend vijfhonderd meter, op een hoogvlakte van vijftienhonderd meter.
De status: het park staat op de werelderfgoedlijst.
De Tara-kloof: ruim dertienhonderd meter diep en tweeentachtig kilometer lang, de diepste kloof van Europa en na de Grand Canyon een van de diepste ter wereld.
Wat je er doet: raften over de Tara, wandelen rond het Zwarte Meer, en over de Djurdjevica-brug rijden die in de jaren dertig over de kloof is gebouwd.
Hoe je er komt: vanaf de kust is het drie tot vier uur rijden over bergwegen. Dat is geen dagtocht; je zult er moeten overnachten, en in Zabljak is daar genoeg voor.
Wat het weer daar doet: op vijftienhonderd meter is het in juli aangenaam en 's nachts fris, en in de winter ligt er een meter sneeuw. Er is een klein skigebied bij Zabljak.
Het Skadarmeer en het binnenland
Tussen de kust en de bergen ligt een gebied dat vrijwel niemand bezoekt.
Het Skadarmeer: het grootste meer van de Balkan, half in Montenegro en half in Albanie, met waterlelies, pelikanen en dorpjes aan het water.
Wat je er doet: varen met een bootje, vogels kijken, en wijn proeven in de dorpen aan de noordoever waar de inheemse vranac-druif groeit.
Cetinje: de oude koninklijke hoofdstad, klein, met paleizen die eruitzien als herenhuizen omdat het land toen zo klein was.
Lovcen: de berg boven Kotor met het mausoleum van dichter-vorst Njegos op de top, bereikbaar via vierhonderdeenenvijftig treden in de rots.
Ostrog: een klooster dat in een verticale rotswand is gebouwd en het drukst bezochte pelgrimsoord van het land.
Wat dat voor je week betekent: vanaf een adres aan de kust is dit alles op een tot twee uur te doen, en het is de reden om een auto te huren.
Wat je huurt
Het aanbod is bescheiden en sterk op de kust geconcentreerd.
De omvang: ruim duizend adressen voor het hele land.
Wat het meeste is: appartementen in nieuwbouw met zeezicht, in en rond Budva en aan de baai van Kotor. Veel daarvan is de laatste vijftien jaar gebouwd.
Wat er minder is: het vrijstaande vakantiehuis met tuin. In het binnenland en in de bergen staat hier en daar een stenen huisje te huur, maar die zijn dun gezaaid.
Wat een vakantiepark hier is: dat bestaat in Nederlandse zin niet. Er zijn hotelcomplexen en er zijn appartementengebouwen met een gedeeld zwembad.
Waar je op let: of er airco is, hoeveel treden er tussen de parkeerplaats en de voordeur zitten (aan de baai zijn dat er soms tientallen), en of het balkon uitkijkt op zee of op de bouwput ernaast.
Wat er los bij komt: een verblijfsbelasting per persoon per overnachting, en bij veel adressen een eindschoonmaak.
Rijden en bereikbaarheid
Het land is klein en de wegen zijn de beperkende factor.
Vliegen: Tivat ligt aan de baai en Podgorica in het binnenland, allebei met verbindingen vanuit Nederland, vaak met een overstap. Dubrovnik in Kroatie ligt op een half uur van de grens en heeft meer directe vluchten.
Met de auto: ruim twintig uur rijden vanuit Nederland. Dat is voor twee weken te doen en voor een week niet.
De grens bij Dubrovnik: die kan in het hoogseizoen uren kosten. Vraag bij een huurauto uit Kroatie vooraf of je de grens over mag en of er een groene kaart nodig is.
De wegen: de kustweg is smal, bochtig en in juli en augustus druk. De bergwegen naar het noorden zijn spectaculair en langzaam.
De tunnel van Sozina: die verkort de rit van de kust naar Podgorica aanzienlijk en kost tol.
Of je een auto nodig hebt: ja, tenzij je een week in Budva blijft. Zonder auto zie je niets van het binnenland.
Wat het kost
Montenegro is goedkoper dan Kroatie en dat is het belangrijkste argument om er heen te gaan.
Wat meevalt: uit eten, drinken, de accommodatie buiten het hoogseizoen en alles in het binnenland.
Wat tegenvalt: de eerste rij aan zee in Budva en aan de baai in juli en augustus. Daar zijn de prijzen de laatste jaren hard gestegen.
De munt: het land gebruikt de euro, zonder lid te zijn van de eurozone. Dat scheelt gedoe met wisselen.
Wat er los bij komt: verblijfsbelasting, eindschoonmaak, en bij de stranden betaal je voor een ligbed en parasol.
Waar je op bespaart: een dorp achter de kust in plaats van de boulevard, en september in plaats van augustus.
Wat het binnenland kost: daar is het opvallend goedkoop, en voor het geld van een week aan zee zit je in Durmitor twee weken.
Wanneer je moet gaan
Het seizoen is scherp begrensd, scherper dan bij de meeste mediterrane bestemmingen.
Juni en de eerste helft van september: onze aanrader. Warm, zee op temperatuur en het is nog te doen.
Juli en augustus: dertig graden, druk en het duurst. De kustweg staat dan vast en Kotor is overvol.
Mei en de tweede helft van september: aangenaam qua temperatuur, maar de regen begint dan al op te komen. September telt elf regendagen.
Oktober tot mei: nat, en dan bedoelen we echt nat. Met tweehonderd tot bijna vierhonderd millimeter per maand is dit geen winterbestemming aan de kust.
Wat het noorden anders doet: Durmitor heeft zijn seizoen van juni tot september voor wandelen, en januari tot maart voor sneeuw.
Wat je moet weten over de Servische en Russische gasten: die komen in juli en augustus in grote aantallen naar deze kust, en dat merk je aan de drukte en de prijzen.
Eten en het dagelijkse leven
Dit is een aangename kant van het land en het kost weinig.
Aan de kust: vis, inktvis en de Adriatische keuken die sterk op de Italiaanse lijkt.
In het binnenland: vlees van de grill, kajmak (een romige zuivel tussen boter en kaas in), en de rookkaas uit de bergen.
Wat je moet proberen: njeguski prsut, de rauwe ham uit het dorp Njegusi boven Kotor, waar de lucht van zee en berg samenkomt en het vlees daarom anders droogt.
De porties: groot. Een gemengde grill is in de regel voor twee personen genoeg.
De koffie: Turks of espresso, en het duurt lang. Een terras is er om op te zitten, niet om snel iets te drinken.
De taal: Montenegrijns, nauw verwant aan het Servisch en Kroatisch. In de toeristische plaatsen wordt Engels gesproken, en Duits en Russisch komen ook ver.
De eerlijke nadelen
Er is genoeg wat tegenvalt en dat hoor je liever vooraf.
De winterregen: bijna vierhonderd millimeter in november. Buiten juni tot september is de kust geen prettige plek.
De bouw: langs de kust wordt overal en soms lelijk gebouwd. De kans op een bouwput naast je appartement is reeel.
De stranden: kiezel en grind, behalve helemaal in het zuiden. Wie zand verwacht, komt bedrogen uit.
De kustweg: een rijbaan per richting voor het hele land, en in augustus staat die vast. Twintig kilometer kan een uur kosten.
De drukte in Kotor: op cruisedagen is de oude stad tussen tien en vier onbegaanbaar.
En het aanbod: ruim duizend adressen voor het hele land. In augustus aan de baai is er weinig meer te kiezen als je laat bent.
Bestemming
Wat te doen in Podgorica: parken, rivieren en stadsleven
Bestemming
Podgorica met kinderen: musea, natuur en speeltuinen
Bestemming
Fietsen en wandelen rond Podgorica en langs de rivier
Bestemming
Dagtochten vanuit Podgorica naar bergen en wijngebieden
Bestemming
Wat te doen in Montenegro: baaien, bergen en historische dorpen
Bestemming
Montenegro met kinderen: rustige stranden en natuuruitjes
Bestemming
De Baai van Kotor verkennen: wandelroutes en uitzichtpunten
Bestemming