Rond het Caldonazzomeer ligt fietsland voor twee snelheden
Foto: Andreas Schnabl / Pexels
Het Caldonazzomeer in de Valsugana-vallei is met zo'n 5,6 vierkante kilometer het grootste meer dat volledig in Trentino ligt, en het warmste zwemwater van de streek. Voor fietsers is de ligging goud: rond het meer is alles vlak en veilig, en zodra je de vallei uit klimt, begint een bergwereld die tot ruim 2.000 meter reikt.
Dit artikel splitst de routes in twee: de gezinskant langs het water en de klimkant de bergen in.
Het oeverrondje is de gezinsklassieker
Rond het meer loopt een aaneenschakeling van fietspaden en rustige weggetjes, goed voor een ronde van zo'n 13 kilometer met nauwelijks hoogtemeters. Onderweg liggen strandbaden, ijskiosken en aanlegsteigers, dus het rondje is met kinderen eerder een reeks pauzes dan een tocht.
Het water haalt volgens de metingen in juli en augustus 22 tot 24 graden, uitzonderlijk warm voor een Alpenmeer. Huurfietsen en aanhangers staan in de dorpen rond het meer klaar vanaf zo'n 15 euro per dag, e-bikes vanaf 30 euro.
De Valsugana-fietsroute volgt de rivier door de vallei
De grote lijn van de streek is de Valsugana-fietsroute, die de Brenta-rivier volgt: van het meer stroomafwaarts richting Bassano del Grappa telt hij zo'n 80 kilometer, vrijwel geheel op eigen fietspad en met een aangenaam dalend profiel.
Onderweg liggen dorpen met vestingtorens, kerkjes en fruitboomgaarden; Levico en Borgo Valsugana zijn de logische stops. De slimme aanpak: heen fietsen en terug met de trein, die op deze lijn fietsen meeneemt voor een paar euro. Zo wordt de dagtocht ook voor gezinnen haalbaar.
Naar Trento en over de oude spoorlijn
Westwaarts brengt het fietspad je in zo'n 20 kilometer naar Trento, de hoofdstad van de streek, met zijn beschilderde gevels en het kasteel Buonconsiglio. Het traject stijgt licht op de terugweg; met een e-bike merkt u er niets van.
Delen van de route volgen oude spoortracés en tunnels, waardoor het profiel vlak blijft waar de weg ernaast klimt. Neem een lampje mee voor de tunnels en houd rekening met de trein als terugvaloptie; die rijdt tot laat.
De Panarotta is de klim voor de benen
Boven het meer klimt de weg naar de Panarotta, het skigebied dat 's zomers wielerdoel wordt: vanaf Levico gaat het in zo'n 17 kilometer naar ruim 1.800 meter, met stukken van 8 tot 10 procent. Reken op anderhalf tot twee uur klimmen.
De beloning is het panorama over het complete meer en de Dolomieten aan de horizon. Boven zit een berghut met polenta en een kaiserschmarrn-achtige nagerecht voor rond de 10 euro. Neem een windjack mee voor de afdaling; het scheelt boven zomaar 10 graden.
Mountainbiken en e-bikes openen de hellingen
Foto: Engjell Gjepali / Unsplash
De Vigolana-bergrug aan de westkant is het mountainbikegebied: singletracks en bosweggetjes met rondes van 20 tot 40 kilometer en flinke hoogtemeters, met uitzicht dat bij elke bocht wisselt tussen meer en vallei.
Wie de bergen wil zonder de pijn, huurt een e-bike; het netwerk van laadpunten bij hutten en dorpen maakt tochten van 50 kilometer met 1.000 hoogtemeters gewoon haalbaar. De verhuurders leveren kaarten met routes op niveau; vraag naar de gemarkeerde lussen, want de bergpaden zijn niet allemaal even goed aangegeven.
Het meer zelf is een van de warmste van de Alpen
Het Caldonazzomeer beslaat ongeveer 5,6 vierkante kilometer en is daarmee het grootste meer dat volledig binnen Trentino ligt; het is maximaal 49 meter diep. Doordat het op 450 meter hoogte in een breed dal ligt, warmt het water in juli en augustus op tot 22 tot 24 graden, warmer dan de meeste alpenmeren. Aan de oevers liggen strandbaden bij Calceranica, San Cristoforo en Caldonazzo, met dagkaarten van een paar euro. De middagwind maakt het meer bovendien geschikt voor zeilen en surfen, met scholen in dezelfde dorpen.
De forten uit de Eerste Wereldoorlog liggen op de hellingen
Het dal was tot 1918 grensgebied van Oostenrijk-Hongarije, en dat is te zien: rond het meer liggen forten en loopgraven uit de Eerste Wereldoorlog. Het Forte Colle delle Benne boven Levico staat op een heuvel van rond de 550 meter en is via een pad in twintig minuten te bereiken; hoger op de Panarotta liggen resten van stellingen langs de fietsklim. In Levico Terme zelf staat het kuurpark met een aanleg uit de Habsburgse tijd, ruim 13 hectare met bomen uit de hele wereld. Toegang tot het park en de forten is gratis.
Het Levicomeer is de rustige buur
Twee kilometer verderop ligt het kleinere Levicomeer, dieper ingesloten door bossen en merkbaar stiller. De ronde eromheen telt zo'n 6 kilometer en laat zich makkelijk aan het grote rondje vastplakken.
Aan de oever ligt het kuurpark van Levico Terme, met een van de grootste historische parken van Trentino: honderden boomsoorten uit de Habsburgse tijd, gratis toegankelijk. Een fietsdag die beide meren en het park combineert komt op zo'n 25 kilometer, en dat is met kinderen een volle maar prettige dag.
Praktisch en wanneer voor de fietsdagen
De streek is met de auto vanuit Nederland een lange dag rijden en per trein via Verona en Trento goed bereikbaar. Vrijwel alle verblijven verhuren of stallen fietsen; vraag bij aankomst naar de gastenkaart, die in Valsugana bussen en soms liften goedkoper maakt.
Mei, juni en september zijn de beste fietsmaanden: 18 tot 25 graden en weinig verkeer. Juli en augustus zijn warm en vol, met het meer als afkoeling na elke rit. Houd er rekening mee dat onweer in de zomer meestal in de late middag komt; wie voor 9.00 uur vertrekt, rijdt de klim in de koelte en zit droog aan de lunch.