Vakantie in Luxemburg
Reistips, bezienswaardigheden en praktische informatie voor Luxemburg, geschreven door onze redactie.
Wat je moet weten over Luxemburg
Luxemburg is met tweeduizend zeshonderd vierkante kilometer een van de kleinste landen van Europa, en het ligt op drie tot vier uur rijden van de Nederlandse grens.
Wat het is: een land van twee gezichten. In het zuiden ligt de hoofdstad op een rotsplateau met ravijnen eromheen, in het noorden liggen de Ardennen met bossen, riviertjes en dorpen van leisteen.
Wat het bijzondere eraan is: het openbaar vervoer is er gratis. Sinds 1 maart 2020 kost geen enkele bus, tram of trein in het hele land iets, voor iedereen, ook voor bezoekers. Luxemburg was daarmee het eerste land ter wereld.
Het weer bij ons meetpunt in de stad Luxemburg: augustus 23,5 graden overdag bij 14,1 's nachts, juli 23,4 bij 13,7. Geen enkele maand is echt droog; september is met 9,5 regendagen de beste maand van het jaar.
Wat er te kiezen valt: een vakantiehuis in een Ardennendorp, een huisje op een terrein bij de rivier, een appartement in de stad of een vakantiewoning bij een wijngaard aan de Moezel.
Wat je vooraf moet weten: het aanbod huurwoningen in dit land is klein. Daar staat een eigen hoofdstuk over verderop, want dat bepaalt hoe vroeg je moet boeken.
Wat Luxemburg eigenlijk is
Voor veel Nederlanders is Luxemburg iets waar je doorheen rijdt op weg naar het zuiden, en dat is precies waarom het er rustig is.
Hoe groot het is: tweeduizend zeshonderd vierkante kilometer, ongeveer de oppervlakte van de provincie Gelderland. Van de noordgrens naar de zuidgrens rijd je in vijfenzeventig minuten.
Wat de taal is: er zijn er drie. Luxemburgs wordt thuis en op straat gesproken, Frans op de menukaart en bij de overheid, Duits in de krant en op school. Nederlanders komen met Duits en Engels overal uit.
Waar de naam vandaan komt: het groothertogdom is wat er over is van een veel groter gebied dat in de negentiende eeuw is opgedeeld. De Belgische provincie Luxemburg is dus een ander gebied, en dat verklaart waarom je in zoekresultaten allebei tegenkomt.
Wat je hier komt doen: wandelen, fietsen, kastelen en wijn. Het is geen strandbestemming en geen skibestemming, en wie zon zoekt zit hier verkeerd.
Wat het onderscheidt van de Ardennen aan de Belgische kant: hetzelfde landschap, andere prijzen, en veel minder Nederlandse vakantiegangers.
Het openbaar vervoer is gratis, ook voor jou
Dit is het punt waarop Luxemburg van elk ander vakantieland verschilt, en het scheelt echt geld.
Wat er geldt: sinds 1 maart 2020 zijn alle bussen, trams en treinen in het hele land gratis. Er is geen kaartje, geen inchecken en geen zone-indeling. Luxemburg was het eerste land ter wereld dat dit invoerde.
Voor wie: voor iedereen die er is. Het is niet gekoppeld aan een inwonerspas of een verblijfsvergunning, dus je stapt als bezoeker gewoon in.
De enige uitzondering: eerste klas in de trein. Daar heb je nog steeds een kaartje voor nodig.
Wat dat praktisch verandert: je kunt een vakantiehuis boeken zonder na te denken over parkeren in de stad, en je kunt 's avonds een glas wijn drinken aan de Moezel en met de bus terug. Voor een gezin scheelt dat op een week een fors bedrag aan kaartjes.
Waar je op moet letten: het net is fijnmazig rond de stad en dunner in de Ardennen. In kleine dorpen rijdt de bus een paar keer per dag, dus kijk de tijden na voor je besluit de auto te laten staan.
Wat het niet dekt: ritten over de grens. Zodra je in België, Duitsland of Frankrijk uitstapt, betaal je weer.
Waar je zit: vier verschillende hoeken
Het land is klein, maar de vier gebieden vragen om een andere vakantie.
De Ardennen in het noorden, rond Clervaux, Vianden en Esch-sur-Sûre: bossen, riviertjes, stuwmeren en kastelen. Hier staan de meeste vakantiehuizen en de meeste terreinen met huisjes.
De Mullerthal in het oosten, ook wel Klein Zwitserland genoemd: zandsteenrotsen, kloofjes en varens, rond Echternach en Beaufort. Voor wandelaars het mooiste stuk van het land.
De Moezel in het zuidoosten: wijngaarden op de helling, dorpen aan het water, en aan de overkant Duitsland. Hier is het warmer en zonniger dan in de rest van het land.
De stad Luxemburg en het zuiden: stedelijk, druk met forenzen, en het duurste stuk om te overnachten.
Wat de vuistregel is: wil je wandelen, kies dan de Mullerthal of de Ardennen. Wil je de stad en de wijn, ga dan naar de Moezelkant. Alles ligt binnen een uur rijden van elkaar, dus je hoeft niet te kiezen wat je bezoekt, alleen waar je slaapt.
Het weer, maand voor maand
Luxemburg heeft een landklimaat met milde zomers en natte winters, en het regent er het hele jaar door wat.
Hoogzomer: augustus 23,5 graden overdag bij 14,1 's nachts, juli 23,4 bij 13,7. Aangenaam om in te wandelen, zelden benauwd.
Het beste van het jaar: september. Met 19,5 graden overdag en 9,5 regendagen is dat de droogste maand, en de bossen kleuren dan.
Het voorjaar: mei 17,3 en juni 21,9, allebei met rond de twaalf regendagen. Groen, vol water in de beken, en nog rustig.
De winter: januari komt overdag op 4,3 graden en zakt 's nachts naar min 0,4, met 91 millimeter over 13,8 dagen. December telt met 14,7 de meeste regendagen van het jaar.
Wat opvalt: er is geen droog seizoen. De natste maand (januari, 91 mm) en de droogste (augustus, 59 mm) schelen minder dan een factor twee. Reken dus in elke maand op natte dagen.
Wat je ermee doet: neem regenkleding mee, ook in juli, en kies een huis waar je bij slecht weer een dag binnen kunt zitten zonder gek te worden.
Het aanbod is klein, en dat moet je weten
Dit is de eerlijkste zin van deze pagina: er zijn in Luxemburg maar weinig huurwoningen te vinden.
De orde van grootte: op onze zoekpagina staan er op dit moment tegen de honderd adressen voor het hele land. Ter vergelijking: voor Spanje zijn dat er meer dan honderdvijftigduizend.
Waarom dat zo is: het land is klein, er wonen zeshonderdduizend mensen, en een groot deel van de overnachtingen gaat naar hotels en campings in plaats van naar particuliere verhuur.
Wat dat betekent voor je planning: vroeg boeken. In de zomervakantie en rond de lange weekenden in mei is het bruikbare aanbod binnen enkele weken weg, en dan blijft er weinig over om uit te kiezen.
Wat het alternatief is: veel bezoekers slapen net over de grens, in de Belgische Ardennen of in de Duitse Eifel, en rijden het land in. Dat is een half uur rijden en het aanbod is daar een veelvoud.
Wat je er niet moet verwachten: het grote vakantiepark met een subtropisch zwemparadijs zoals je dat in Nederland kent. Wat hier vakantiepark heet, is meestal een camping met chalets en stacaravans bij een rivier of een stuwmeer, vaak met een zwembad, en dat is een ander soort verblijf.
Wat wel goed vertegenwoordigd is: particuliere verhuur. Vaak gaat het om één vakantiehuisje of een gîte van een familie die het naast een boerderij of een wijngoed doet, en dat rechtstreeks bij de eigenaar huren scheelt in de prijs.
De Mullerthal: 112 kilometer wandelpad
Als je één reden zoekt om hierheen te gaan, is dit hem.
Wat het is: een gebied met zandsteenrotsen die door erosie in blokken zijn gespleten, met smalle doorgangen, mosbegroeide wanden en beekjes ertussen. Het heet Klein Zwitserland, en dat is voor één keer geen overdrijving van een toeristenbureau maar een negentiende-eeuwse bijnaam die is blijven hangen.
Het cijfer: de Mullerthal Trail is 112 kilometer lang, verdeeld over zes etappes. Wie het hele rondje loopt, is er zes dagen mee bezig.
Wat je doet als je geen zes dagen hebt: één etappe. Ze zijn allemaal als lus te lopen vanaf een dorp, dus je hoeft niet met twee auto's te schuiven.
Waar je begint: Echternach, het oudste stadje van het land, aan de Duitse grens. Daar komen de meeste routes samen en daar is parkeren en eten geregeld.
Wat je moet weten over het terrein: het is geen bergwandelen, maar wel voortdurend klimmen en dalen over wortels, trappen en natte steen. Met slechte knieën of met een kinderwagen is dit geen prettig gebied.
Wanneer het op zijn mooist is: mei voor het groen en oktober voor de kleur. In de zomer is het er koel onder de bomen, wat op een warme dag prettig is.
De stad Luxemburg
De hoofdstad is klein genoeg om in een dag te doen en interessant genoeg om er twee aan te besteden.
Wat de stad bijzonder maakt: hij ligt op een rotsplateau met aan twee kanten een diep ravijn, waar de Alzette doorheen loopt. Beneden in het dal ligt een hele wijk, en daar kijk je vanaf de rand op neer.
De status: de oude stadswijken en de vestingwerken staan sinds 1994 op de werelderfgoedlijst van Unesco. Van de zestiende eeuw tot 1867 was dit een van de zwaarst versterkte plekken van Europa, achtereenvolgens in handen van de Bourgondiërs, de Habsburgers, de Fransen, de Spanjaarden en de Pruisen. In 1867 moest de vesting worden ontmanteld.
Wat daarvan over is: kilometers kazematten in de rots, waarvan een deel te bezoeken is, en de wallen langs de rand van het plateau.
Wat het kost om er te komen: niets, want de bus en de tram zijn gratis. Parkeren in het centrum is juist duur, dus laat de auto bij het huis staan.
Wat je moet weten over de prijzen: dit is een bankenstad en dat merk je aan de rekening. Een lunch in het centrum kost aanzienlijk meer dan honderd kilometer verderop in de Ardennen.
Wanneer je moet gaan: doordeweeks is het er druk met kantoorvolk, in het weekend is het rustiger. Op zondag is een deel van de winkels dicht.
De Moezel en de wijn
De zuidoostgrens van het land is een rivier met wijngaarden, en dat is een compleet ander Luxemburg.
Waar het is: van Schengen in het zuiden tot Wasserbillig in het noorden, ongeveer veertig kilometer langs het water, met Duitsland aan de overkant.
Wat er groeit: vooral witte druiven, met riesling, auxerrois, pinot gris en de veelgedronken rivaner. Er wordt daarnaast veel mousserende wijn gemaakt, die hier crémant heet.
Wat je er doet: langs de wijngoederen, waarvan er veel bezoekers ontvangen, en varen op de rivier. Fietsen kan langs beide oevers over een vlak pad.
Waarom Schengen bekend voorkomt: in dat dorp is in 1985 het akkoord getekend waar het paspoortvrije reizen in Europa naar vernoemd is, aan boord van een schip op de Moezel omdat daar drie landsgrenzen samenkomen.
Wat het klimaat hier anders maakt: de vallei ligt lager en beschutter dan de rest van het land, waardoor het er warmer en zonniger is. Dat is ook precies waarom er wijn groeit.
Wat je vooraf regelt: veel wijngoederen ontvangen op afspraak en zijn buiten het seizoen alleen in het weekend open.
Heen en weer, en of je een auto nodig hebt
Dit is voor Nederlanders het grote voordeel van Luxemburg: het is dichtbij.
De rit: drie tot vier uur vanaf de Nederlandse grens, ongeveer driehonderd kilometer vanaf Eindhoven. Voor een lang weekend is dat te doen, en dat kun je van bijna geen enkele andere vakantiebestemming met bergen en bossen zeggen.
De route: via Maastricht en Luik, of via Aken en de Eifel. Geen vignet, geen tol.
Wat je moet weten over benzine: die is in Luxemburg goedkoper dan in de buurlanden, wat de reden is dat er langs de grens zoveel tankstations staan. Tank hier vol voor je teruggaat.
Of je een auto nodig hebt: voor de stad en de Moezel niet, want daar is het gratis openbaar vervoer dicht genoeg gezaaid. Voor de Ardennen en de Mullerthal wel, tenzij je bewust een dorp kiest met een busverbinding en dan te voet verder gaat.
Wat er met de trein kan: er is een rechtstreekse verbinding vanuit Brussel en vanuit Trier. Vanaf de landsgrens is de rest van de reis gratis.
Wat een dagtocht oplevert: vanuit vrijwel elk adres in het land ben je binnen een uur bij de andere drie gebieden.
Wat het kost
Luxemburg is geen goedkoop land, en dat merk je vooral buiten je huurhuis.
Wat meevalt: de accommodatie zelf ligt in de Ardennen op een niveau dat vergelijkbaar is met de Belgische kant, en het vervoer kost niets.
Wat tegenvalt: uit eten in de stad en aan de Moezel. Dit is een land met hoge lonen en dat staat op de rekening.
Wat er los bij komt: een toeristenbelasting per persoon per overnachting in een deel van de gemeenten, en bij particuliere verhuur vaak een aparte post voor de eindschoonmaak.
Waar je op bespaart: boodschappen doen in plaats van uit eten, en tanken binnen het land.
Wat een goedkope overnachting hier betekent: buiten het seizoen, in een dorp in het noorden, en bij een particuliere verhuurder in plaats van op een terrein. In juli en augustus is er nauwelijks iets goedkoops te vinden, simpelweg omdat er weinig is.
De eerlijke nadelen
Er zijn goede redenen om Luxemburg over te slaan, en die hoor je liever vooraf.
Het aanbod: tegen de honderd adressen voor een heel land. Wie laat boekt, kan kiezen uit niets.
De regen: elke maand van het jaar is nat, ook juli en augustus. Er is geen droog seizoen om op te mikken.
Geen water om in te zwemmen: er is geen zee, en de stuwmeren zijn koud en niet overal toegankelijk. Voor een badvakantie is dit niets, en dat is de reden dat een huis met een eigen zwembad hier meer waard is dan het lijkt.
De prijzen buiten de deur: uit eten is duur, zeker in de stad en aan de Moezel.
De bus in de Ardennen: gratis is prettig, maar in kleine dorpen rijdt hij een paar keer per dag. Wie zonder auto komt en een afgelegen huis boekt, zit vast.
En het meest onderschatte: het is klein. Voor een week is er ruim genoeg te doen, voor twee weken op één plek wordt het voor de meeste mensen te weinig, tenzij je serieus komt wandelen.
Bestemming
Luxemburg: klein land met grote verrassingen
Bestemming
Bezoek het Müllerthal: ‘Klein Zwitserland’ van Luxemburg
Bestemming
Wandelen, fietsen en kastelen kijken in Luxemburg
Bestemming
Luxemburg met kinderen: avontuur in een compacte regio
Bestemming
Belgisch Luxemburg: bossen, rivieren en rust
Bestemming
De mooiste wandelroutes in Belgisch Luxemburg
Bestemming
Vakantie met hond in de bossen van Luxemburg
Bestemming
Met kinderen naar Belgisch Luxemburg: kastelen, natuur en ruimte
Bestemming
Diekirch: wandelen en fietsen in het noorden van Luxemburg
Bestemming
Natuur, historie en rust in de Luxemburgse Ardennen
Bestemming
Diekirch met kinderen: boswandelingen, kastelen en cultuur
Bestemming
Grevenmacher: wijnvallei en Moezeloever in Luxemburg
Bestemming
Bezoek kasteelstadjes, wijngaarden en de vlindertuin
Bestemming
Fietsen langs de Moezel door Luxemburg en Duitsland
Bestemming
Grevenmacher met kinderen: wandelen, dieren en boten
Bestemming