Henegouwen is de onbekendste verrassing van België
Foto: LIZHI LIANG / Pexels
Henegouwen ligt pal onder de Vlaamse grens en blijft toch buiten de vakantieroutes, en dat is onterecht: de provincie combineert een barok belfort van werelderfgoedformaat, scheepsliften als technische wonderen, het grootste merengebied van het land en kastelen met Versailles-allure. Dit artikel zet de onbekende parel op een rij.
De afstanden zijn Belgisch klein: vrijwel alles hieronder ligt binnen 50 kilometer van elke basis, en de A-wegen maken elke dagtocht kort.
Bergen draagt werelderfgoed op zijn heuvel
Provinciehoofdstad Bergen, in 2015 Europese culturele hoofdstad, stapelt zijn oude stad rond de Grand-Place op een heuvel, met het enige barokke belfort van België, sinds 1999 werelderfgoed, als kroon. De Sint-Waltrudiskerk bewaart de gouden processiewagen van het jaarlijkse Doudou-feest, dat zelf op de UNESCO-lijst van immaterieel erfgoed staat.
Even buiten de stad wacht kasteel Beloeil, het Versailles van België, met zijn barokke tuinenpark; samen zijn stad en kasteel de klassieke openingsdagen van een Henegouwse week.
De scheepsliften zijn techniek als bezienswaardigheid
Het kanaal van het Centrum tilt schepen al ruim een eeuw over het hoogteverschil: de vier hydraulische liften uit de late negentiende eeuw staan sinds 1998 op de werelderfgoedlijst, en de moderne lift van Strépy-Thieu hijst binnenschepen in één beweging 73 meter omhoog, bij de opening in 2002 de hoogste ter wereld.
Volgens de rederijen nemen rondvaartboten bezoekers dwars door de oude liften mee, en het jaagpad maakt er een fietsroute van. Voor techniekliefhebbers en kinderen is dit de verrassendste attractie van Wallonië.
De meren van l'Eau d'Heure zijn het waterhart
Foto: Alex Vasey / Unsplash
Op de zuidrand ligt het merengebied van l'Eau d'Heure: vijf stuwmeren met samen zo'n 70 kilometer oever, het grootste watersportdomein van België. Zeilen, kabelwakeboarden, duiken en zwemstranden vullen de zomer; wandel- en fietsrondes de rest van het jaar.
De stuwdam zelf is te bezoeken, met uitzicht over het hele merenstelsel. Voor gezinnen is dit de vakantiekern van de provincie; de verhuurcentra en strandjes liggen op rij.
Het industriële verleden werd hier cultuur
De mijnsites van Henegouwen staan sinds 2012 op de werelderfgoedlijst, met Grand-Hornu als paradepaard: een neoklassiek mijncomplex dat tegenwoordig design en moderne kunst toont. De terrils, de begroeide mijnsteenbergen, zijn uitkijkpunten geworden.
Wie de geschiedenis tastbaar wil, combineert een mijnsite met het archeologiedorp van Aubechies, waar Gallische en Romeinse huizen herbouwd zijn. Zo leest de provincie als een tijdlijn van tweeduizend jaar werken.
Praktisch in Henegouwen
De provincie begint op een uur rijden van Rijsel en ruim twee uur van de Randstad; de wegen zijn gratis en rustig. Frans is de voertaal, maar de toeristische adressen redden zich in het Engels en vaak in het Nederlands.
Houd er rekening mee dat veel musea op maandag sluiten en de zondag heilig is voor de lange lunch; plan de bezichtigingen dinsdag tot en met zaterdag. De dagschotel van 15 tot 20 euro is de betaalbare norm, en de streekbieren horen bij elke stop.
Wanneer je gaat
Mei tot en met september is de volle tijd, met de kasteelparken in bloei en de meren op temperatuur; de Doudou-week rond Drievuldigheidszondag is het uitbundigste moment van Bergen, rond zijn belfort van de lijst van 1999. Juni en september zijn de rustige toppers.
De herfst kleurt de terrils en bossen, en de winter leunt op musea, brouwerijbezoeken en kerstmarkten. Henegouwen kent geen drukteseizoen zoals de kust of de Ardennen; precies dat maakt het de onbekende parel.