Op Bonaire bepaalt de passaatwind hoe u uw dag indeelt
Over het eiland waait volgens het meteorologisch bureau vrijwel constant een oostenwind van 20 tot 30 kilometer per uur. Dat is aangenaam op het strand en zwaar op de fiets: dezelfde route voelt heen en terug totaal anders.
Praktisch betekent dat: begin altijd tegen de wind in en kom met de wind mee terug. Dit artikel behandelt fietsen, wandelen en kajakken, met afstanden, prijzen, tijden en de regels van het park.
Het eiland heeft ongeveer 300 kilometer aan routes
Over het eiland ligt een net van asfaltwegen, zandwegen en aangelegde mountainbikepaden, samen enkele honderden kilometers. De kustweg langs de zoutvlaktes is vlak; het binnenland golft licht.
Een gewone fiets huren kost 15 tot 25 dollar per dag, een elektrische 35 tot 50. Van de hoofdplaats naar het dorp in het noorden is het 25 kilometer over de binnenweg. Neem minstens twee liter water mee: onderweg is er buiten de dorpen niets te koop en er is nergens schaduw.
Het nationale park in het noorden sluit om vijf uur en laat niemand na half drie meer toe
Het park op het noordelijke derde deel van het eiland beslaat ongeveer 5.600 hectare en heeft twee rondwegen: een korte van 24 kilometer en een lange van 34 kilometer, beide onverhard.
Toegang zit in de natuurbijdrage. Het park opent om acht uur, de laatste toegang is om half drie en om vijf uur moet iedereen eruit. Let op: gewone personenauto's worden niet toegelaten; u hebt een terreinwagen of pickup nodig, en die huurt u voor 55 tot 80 dollar per dag.
De hoogste top is 241 meter en u moet er voor tien uur aan beginnen
In dat park ligt de hoogste heuvel van het eiland, 241 meter. Het pad ernaartoe is 3 kilometer heen en terug over kalksteen en losse rots, en kost twee tot drie uur.
Er zijn geen extra kosten. De parkbeheerder hanteert de regel dat u de klim voor tien uur 's ochtends moet beginnen, omdat het daarna te heet wordt en er geen schaduw is. Meld u bij de ingang, neem drie liter water mee en draag schoenen met een stevige zool.
Kajakken doet u in de mangroven van de oostelijke baai
De grote baai aan de oostkant is ondiep en beschut, met aan de randen een mangrovebos waar smalle geulen doorheen lopen. Buiten die baai is de zee te ruw voor beginners.
Een kajak huren kost 25 tot 35 dollar voor twee uur; een begeleide tocht door de geulen kost 50 tot 70 dollar per persoon en duurt twee tot drie uur, met een minimumleeftijd van zes tot acht jaar. Ga 's ochtends, want in de middag wakkert de wind aan en waait hij de baai op.
Op de rest van de kust kajakt u niet zomaar
De westkust lijkt kalm, maar de aflandige wind van 20 tot 30 kilometer per uur duwt u van de kust af, en terugpeddelen kost dan het dubbele van de 30 tot 45 minuten die u op de heenweg kwijt was. Aan de oostkant staat vrijwel altijd branding op het rif.
Let op: huur geen kajak om zelf de kust langs te varen zonder plaatselijke uitleg. De hulpdiensten hier zijn klein en de eerstvolgende landmassa ligt honderden kilometers verderop. In de beschutte baai en langs de kade bij de hoofdplaats is varen op eigen houtje wel prima te doen.
Fietsen langs de zoutvlaktes gaat over 30 kilometer vlakke weg
De weg langs de zuidkust loopt tussen de zoutpannen en de zee door, kaarsrecht en vlak, langs de roze bassins, de zoutbergen en de stenen hutjes uit 1850.
Rijden kost niets. Van de hoofdplaats naar de vuurtoren op de zuidpunt en terug is ongeveer 30 kilometer. Ga bij zonsopgang: dan is het 26 graden in plaats van 31, staat de wind lager en is het licht op de zoutpannen het mooist. Er is over die hele lus geen enkele winkel.
Alles wat u hier doet, valt onder de natuurbijdrage
De parkbeheerder heft een jaarbijdrage die niet alleen voor het water geldt maar ook voor het nationale park op land. Voor duikers is dat ongeveer 45 dollar per kalenderjaar, voor andere activiteiten rond de 25 dollar.
U koopt hem online of bij een van de aanbieders en krijgt een code die bij de parkingang wordt gecontroleerd. Kinderen onder de 12 jaar zijn vrijgesteld. Het geld gaat naar het beheer van het rif en het park, en dat is precies de reden dat beide er nog zijn.
Praktisch
Vanuit Nederland vliegt u in ongeveer negeneneenhalf uur rechtstreeks. Dit is een bijzondere gemeente van Nederland, dus geen visum, maar betalen gaat in Amerikaanse dollars. Er wordt Nederlands en Papiaments gesproken.
Het is hier het hele jaar 27 tot 31 graden met ongeveer 500 millimeter regen, vrijwel alles tussen oktober en januari. Voor sportieve dagen zijn de uren tussen zes en tien uur 's ochtends de enige die echt comfortabel zijn. Buiten de bebouwde kom lopen 's avonds ezels en geiten op de weg.