In Gyula staat de enige gotische bakstenen burcht van de Hongaarse vlakte
De burcht werd in de vijftiende eeuw van baksteen opgetrokken en is als enige in dit vlakke deel van Midden-Europa in die vorm bewaard gebleven; elders zijn ze afgebroken of tot ruïne vervallen.
Hij staat midden in een park met daarnaast een badcomplex op thermaal water. Dit artikel behandelt de burcht, de baden en de stad, met entreeprijzen, openingstijden en afstanden.
De burcht is van binnen als museum ingericht
Binnen loopt u door de kelders, de kapel en de verdedigingsgangen, met wapens, maquettes en een uitkijkpunt op de toren. De rondgang is met borden en beeldschermen ingericht en duurt ongeveer anderhalf uur.
Entree kost rond de 4.000 forint, omgerekend zo'n 10 euro; het is van dinsdag tot zondag open, doorgaans van tien tot zes en in de winter korter. In juli en augustus wordt er in de open lucht bij de burcht theater gespeeld, een festival dat al sinds 1964 bestaat; kaarten kosten 3.000 tot 8.000 forint.
Het thermale water komt van 2.500 meter diepte
Naast de burcht ligt een badcomplex waar water van ruim zeventig graden uit de diepte wordt opgepompt en in bassins tot 32 tot 38 graden wordt teruggekoeld. Er zijn binnen- en buitenbaden, waaronder een deel met glijbanen voor kinderen.
Een dagkaart kost 6.000 tot 8.000 forint, ongeveer 15 tot 20 euro. Het complex is dagelijks open van negen tot zeven, in het weekend langer. Let op: in de heetste bassins wordt aangeraden niet langer dan twintig minuten te blijven, en voor kinderen gelden aparte, koelere baden.
Het park rond de baden is zeven hectare groot
De baden en de burcht liggen in een oud parkbos met eiken en platanen die volgens de gemeente meer dan tweehonderd jaar oud zijn. Er lopen brede paden en er staan banken; toegang tot het park is gratis.
Aan de rand van dat park staat een achttiende-eeuws landhuis van de familie die hier de grond bezat, nu ingericht als museum met interieurs uit die tijd. Entree kost rond de 2.500 forint en het is van dinsdag tot zondag open. Reken op een uur.
De worst uit deze stad heeft een Europese beschermde naam
De met paprika op smaak gebrachte droge worst uit deze plaats mag sinds 2010 alleen die naam dragen als hij hier volgens het vastgelegde recept is gemaakt. Er is een fabriek met een winkel en een klein museum erbij.
Een kilo kost 6.000 tot 9.000 forint. In oktober is er een worstfestival van enkele dagen op het plein, met proeverijen en wedstrijden. Wie er zelf mee naar huis wil: gedroogde worst mag gewoon mee binnen de Europese Unie, gekoeld vervoerd houdt hij het een dag of twee prima uit.
Het oude centrum is klein en in een uur rond te lopen
Rond het hoofdplein staan een classicistisch stadhuis, een barokke kerk en een koffiehuis dat sinds het begin van de negentiende eeuw bestaat en dat als een van de oudste van het land geldt. Rondlopen kost niets.
Een taart met koffie kost er 2.000 tot 3.000 forint. De weekmarkt is op zaterdagochtend, met groente, kaas en paprika in alle scherptes. Prijzen liggen hier merkbaar onder die in Boedapest: een maaltijd kost 3.500 tot 6.000 forint per persoon.
Op een half uur rijden ligt een nationaal park met trappen
Ten westen van de stad ligt een nationaal park van ongeveer 50.000 hectare dat in 1997 is ingesteld en dat bestaat uit steppeweiden, moerassen en rivierbossen. Er leeft een van de laatste populaties grote trappen van Europa, vogels die tot vijftien kilo wegen.
Toegang tot de wandelroutes is gratis; begeleide excursies kosten 2.000 tot 4.000 forint per persoon en worden vooral in het voorjaar gehouden. Blijf op de paden en houd afstand: de vogels vliegen op zodra mensen te dichtbij komen, en dat kost ze in het broedseizoen hun nest.
De rivieren eromheen zijn traag en geschikt om te kanoën
Door de streek stromen enkele rivieren die zo langzaam lopen dat u er in beide richtingen op kunt varen. Er zijn kanoverhuurders die tochten van 10 tot 25 kilometer uitzetten, met ophaalservice.
Een dag kanoën kost 5.000 tot 9.000 forint per persoon inclusief materiaal, van mei tot september. De oevers zijn begroeid met wilgen en er broeden ijsvogels. Het is hier vlak, dus fietsen werkt net zo goed: verhuur kost 2.000 tot 3.500 forint per dag.
Praktisch
Vanuit Boedapest rijdt u er in tweeënhalf tot drie uur naartoe over ongeveer 220 kilometer; er rijden ook treinen, met een overstap, in ongeveer drie uur. Vanuit Nederland vliegt u in twee uur op Boedapest. Hongarije betaalt met de forint, niet met de euro, al accepteren de baden en hotels vaak wel kaarten in euro's.
Mei, juni en september zijn de aangenaamste maanden met 20 tot 27 graden. In juli en augustus loopt het op naar 33 tot 37 graden en zijn de buitenbaden vol. In de winter is het koud met mist, maar dan zijn de thermale baden juist op hun best en is het er rustig.