Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Szekszárd in Tolna maakt rode wijn op lössheuvels
Szekszárd ligt in het zuiden van Hongarije op heuvels van löss, een fijn windafzettingsgesteente waarin al eeuwen wijnkelders worden uitgegraven. Anders dan in het grootste deel van het land draait het in de Szekszárd-wijnregio om rode wijn.
De stad is de hoofdplaats van de provincie Tolna, telt ruim dertigduizend inwoners en ligt op ongeveer 150 kilometer van Boedapest. Dit artikel behandelt de wijn, de stad en het rivierbos ernaast, met prijzen, openingstijden en afstanden.
In Tolna zitten de kelders in de wand van de holle wegen
Rond de stad lopen zandwegen tussen de wijngaarden van het Szekszárd-gebergte, met in de wanden rijen kelderdeuren naast elkaar. Achter elke deur ligt een gang van tientallen meters diep de löss in, waar het het hele jaar rond de 12 graden is.
Een proeverij bij een familiebedrijf kost 3.000 tot 8.000 forint per persoon en duurt een tot anderhalf uur. Bel een dag vooruit, want de meeste kelders hebben geen vaste openingstijden en staan er voor een onaangekondigde bezoeker niet op ingericht. Neem een trui mee, want binnen is het ook in augustus koel.
De Kadarka was in Tolna bijna verdwenen
De Kadarka, de oude streekdruif, geeft een lichte, kruidige wijn met weinig kleur en verdween in de twintigste eeuw grotendeels omdat hij laat rijpt, gevoelig is voor rot en weinig oplevert. De laatste decennia planten telers hem weer aan.
Een fles kost 2.500 tot 7.000 forint bij het huis. Daarnaast maakt men hier Szekszárdi Bikavér, een zwaardere melange die alleen deze streek en Eger onder die naam mogen verkopen. Vraag bij een proeverij expliciet naar de Kadarka, want op de standaardkaart staat hij niet altijd, terwijl juist die druif het verschil met andere Hongaarse streken laat zien.
Het centrum loop je in een uur rond
Aan het Béla király tér staat het classicistische provinciehuis dat tussen 1828 en 1836 naar ontwerp van Mihály Pollack werd gebouwd, precies op de plek van de benedictijnenabdij die koning Béla I hier in 1061 stichtte; in de binnenhof liggen de opgegraven fundamenten open.
Rondlopen kost niets. Het geboortehuis van de dichter Mihály Babits, die hier in 1883 werd geboren, en het streekmuseum vragen elk enkele duizenden forint en zijn van dinsdag tot zondag open; reken op twee uur voor beide. Het cultuurhuis aan het plein draagt zijn naam. Ten zuiden ligt de Sárköz met dorpen als Decs en Őcsény, bekend om geweven doeken en klederdracht, en met een wijnmuseum in de streek.
Naast Szekszárd in Tolna ligt het ooibos Gemenc
Ten oosten van de stad ligt het Gemenc-bos, volgens het parkbestuur een uiterwaardenbos van ruim 17.000 hectare langs de Donau dat bij hoogwater onderloopt, met oude rivierarmen, wilgen en populieren. Het hoort bij het Nationaal Park Duna-Dráva.
Toegang tot de wandelpaden is gratis. Er leven edelherten die om hun gewei bekendstaan, zeearenden en bevers; een excursie met een boswachter kost 3.000 tot 6.000 forint. Let op dat bij hoogwater in het voorjaar delen onbereikbaar zijn en paden onder water staan, dus kijk de waterstand na voordat je rijdt.
Door het Gemenc-bos in Tolna rijdt een smalspoortreintje
Vanaf Pörböly loopt door het Gemenc-bos een smalspoorlijn die oorspronkelijk voor houttransport werd aangelegd en waarover nu passagiersritten gaan, dwars door het bos en langs de rivierarmen.
Een rit kost 2.000 tot 4.000 forint en duurt een tot twee uur, afhankelijk van het traject. De treinen rijden vooral van april tot oktober en in het weekend; daarbuiten is de dienst beperkt tot enkele ritten en soms helemaal stil. Dit is de rustigste manier om het gebied te zien, want wegen zijn er nauwelijks.
Langs de rivier in Tolna loopt de Donaufietsroute
De doorgaande fietsroute die de Donau van de bron tot de Zwarte Zee volgt, komt hier langs. Het traject in Tolna is vlak en loopt voor een groot deel over de dijk.
Fietsen kost niets en verhuur in de stad 2.000 tot 4.000 forint per dag. Een dagetappe van 40 tot 60 kilometer is hier gebruikelijk. Op de dijk is geen schaduw en geen winkel, dus neem water en eten mee. Terug met de trein kan; een fiets meenemen kost enkele honderden forint.
Het oogstfeest van Szekszárd in Tolna valt in september
Elk jaar in september houdt Szekszárd een oogstfeest van enkele dagen, met een optocht, kramen op het plein en kelders die dan zonder afspraak opengaan.
Toegang is meestal gratis en proeven gaat met muntjes van enkele honderden forint. In die dagen zijn de pensions in de stad vol en liggen de prijzen hoger, dus boek vooruit of slaap in een dorp op tien kilometer. Buiten die week is het hier stil en werken de kelders weer alleen op afspraak.
Praktisch voor je reis naar Szekszárd in Tolna
Vanuit Boedapest rijd je in ongeveer twee uur over 150 kilometer; met de trein duurt het tweeënhalf uur. Vanuit Nederland vlieg je in twee uur op Boedapest. Hongarije betaalt met de forint en op de snelwegen geldt een elektronisch vignet dat je vooraf koopt.
Mei, juni en september zijn de aangenaamste maanden met 20 tot 28 graden. In juli en augustus is het 30 tot 35 graden en is een kelder van 12 graden de beste plek van de middag. Let op dat in Hongarije voor bestuurders nul promille geldt en daar streng op wordt gecontroleerd: wie proeft, rijdt niet, dus regel vooraf een taxi of slaap bij het wijnhuis.