Terschelling is dertig kilometer lang en voor het grootste deel natuur
Foto: Marije Kouyzer / Pexels
Het eiland meet ongeveer 30 bij 4,5 kilometer en bestaat voor het overgrote deel uit duin, bos, strand en kwelder. De dorpen liggen als een kralensnoer langs de zuidkant, met de Noordzee aan de andere zijde.
Dat maakt fietsen en lopen hier de enige zinnige manier van verplaatsen. Dit artikel behandelt de routes, met afstanden, sluitingsperiodes en kosten.
Het oostelijke natuurgebied is van half maart tot half augustus grotendeels gesloten
Foto: Marije Kouyzer / Pexels
De Boschplaat is een kweldergebied van ruim 4.000 hectare aan de oostpunt en geldt sinds 1970 als Europees natuurreservaat. In het broedseizoen, van 15 maart tot 15 augustus, mag u er niet in.
De stuifdijk aan de noordkant blijft in die periode wel begaanbaar, zodat u langs het gebied kunt fietsen en lopen. Toegang is gratis. Buiten die maanden loopt u er wel het gebied in, over paaltjesroutes van 5 tot 12 kilometer. Neem water mee: er is geen enkele voorziening.
Wadlopen naar het eiland bestaat niet; hier loopt u op de platen
Foto: Sies Kranen / Unsplash
De bekende wadlooptochten vanaf de vaste wal gaan naar Ameland en Schiermonnikoog. Naar Terschelling is er geen doorgaande oversteek, omdat er te diepe geulen tussen liggen.
Wat hier wel kan, zijn zwerftochten over de wadplaten bij het eiland zelf, onder leiding van een gids, voor 20 tot 35 euro per persoon. Die duren twee tot drie uur en zijn afhankelijk van het tij. Let op: het wad zonder gids op lopen is levensgevaarlijk, want het water komt van meerdere kanten tegelijk opzetten.
De cranberryvelden zijn de enige commerciële van het land
In de vochtige duinvalleien groeien cranberry's, volgens de overlevering afkomstig uit een aangespoeld vat in 1845. Het gaat om enkele hectaren, en het is de enige plek in Nederland waar de bes voor de verkoop wordt geoogst.
De velden zijn vanaf de paden te zien en dat kost niets. De pluk is eind september en in oktober; zelf plukken mag niet, want de velden zijn in beheer. In de dorpen koopt u jam, sap en likeur van rond de 6 tot 12 euro per fles of pot.
Het bos werd vanaf 1910 aangeplant om het zand vast te leggen
De bossen in het midden van het eiland, ongeveer 1.500 hectare, zijn er niet vanzelf gekomen: ze zijn in de vorige eeuw aangeplant met dennen en berken om verstuiving tegen te gaan en hout te leveren.
De paden zijn gratis en dag en nacht toegankelijk. Door het bos lopen fietspaden van in totaal tientallen kilometers, vlak en verhard. Dit is het deel van het eiland waar u bij harde wind moet zijn: in het bos merkt u van een windkracht 6 vrijwel niets, terwijl het op het strand niet te doen is.
De Brandaris is de oudste vuurtoren van het land en u komt er niet in
De toren dateert in zijn huidige vorm uit 1594, is ongeveer 55 meter hoog en doet nog steeds dienst als verkeerspost voor de scheepvaart. Hij is niet voor publiek toegankelijk.
Eromheen lopen kost niets. Wie hoogte wil, klimt een duin op: bij de westpunt liggen duintoppen van ruim 25 meter met uitzicht over eiland en zee. Vanaf de haven van West-Terschelling is dat een wandeling van een half uur.
Een rondje om het eiland is ongeveer zestig kilometer
Over de fietspaden komt u van West-Terschelling naar Oosterend en terug op zo'n 55 tot 65 kilometer, afhankelijk van de route langs de noord- of de zuidkant.
Fietsen huren kost 10 tot 18 euro per dag en elektrisch 25 tot 35 euro; bij de veerhaven staan meerdere verhuurders. Reken op een volle dag. Let op de wind, die hier bepalender is dan hoogteverschil: neem de heenweg tegen de wind in, zodat u hem op de terugweg mee hebt als de benen op zijn.
Op het strand mag u vrijwel overal lopen, maar niet overal in de duinen
Het strand aan de noordkant is 30 kilometer lang en het hele jaar toegankelijk. In de duinen geldt dat u op de paden blijft; delen zijn in het broedseizoen afgesloten en dat staat met borden aangegeven.
Toegang is gratis. Bij de strandovergangen staan strandpaviljoens die van april tot oktober open zijn. Voor de kust liggen zandbanken met zeehonden; die bekijkt u vanaf een boottocht van 20 tot 30 euro per persoon, en niet door het wad op te lopen.
Praktisch
De veerboot vanaf Harlingen doet er ongeveer twee uur over en de sneldienst drie kwartier; een retour kost rond de 30 euro per persoon. Een auto meenemen kan, maar moet ver vooruit worden geboekt en is duur; op het eiland hebt u er nauwelijks iets aan.
Half juni is er tien dagen lang een theaterfestival dat tienduizenden bezoekers trekt; accommodatie is dan maanden vooruit vol en de veerboten zitten stampvol. Mei, september en begin oktober geven 13 tot 20 graden en zijn voor fietsen en lopen het aangenaamst.