Vakantiehuis in Spaanse Pyreneeën Foto: Antonio Ramón Cuerva Magán / Pexels

Vakantiehuis huren in Spaanse Pyreneeën

Huizen2276
Plaatsen17
Gem. /nacht€114
Score3,6

Vakantiehuizen per plaats in Spaanse Pyreneeën

17 plaatsen in Spaanse Pyreneeën

Elke plaats heeft een eigen gids met huizen en lokale tips.

Onze selectie

Mooiste huizen in Spaanse Pyreneeën

Alle 2276 huizen →

Andere regio's in Spanje

Misschien ook iets voor jou

Kies op kenmerk

Type vakantiehuis in Spaanse Pyreneeën

Lees ook

Verhalen over Spaanse Pyreneeën

Wat je moet weten over Spaanse Pyreneeën

De Spaanse Pyreneeën lopen over ruim vierhonderd kilometer van de Atlantische Oceaan tot de Middellandse Zee, en het aanbod voor Nederlandse vakantiegangers zit vrijwel volledig in het middelste en oostelijke deel: Aragón en Catalonië.

Wat het is: bergen tot boven de drieduizend meter, met dalen die dwars op de keten staan, dorpen van steen met leien daken, en een cultuur die per dal verschilt.

Het weer hieronder komt uit de Catalaanse Pyreneeën, op ongeveer duizend meter, want daar staan de meeste huizen. Augustus komt op 24,9 graden bij 8,2 regendagen en juli op 24,7 bij eveneens 8,2. September zakt naar 18,8 graden bij 10,5 dagen. Juni is met 17,8 regendagen en 115 millimeter de natste maand van het jaar, en dat is geen fout: in juni bouwen zich boven deze bergen bijna dagelijks middagonweersbuien op. Februari is met veertig millimeter juist de droogste maand, en januari blijft overdag op 5,7 graden bij min vier 's nachts.

Wat er te kiezen valt: een stenen vakantiehuis in een bergdorp, een appartement in een skiplaats, een vakantiewoning bij een boerderij in een dal, of een vakantiehuisje op een klein terrein aan de rand van een dorp. Zo'n huisje kun je hier per week huren en buiten het seizoen vaak ook per overnachting. Er staan op dit moment ongeveer 2.276 adressen in ons actuele aanbod voor deze streek.

Wat je hier krijgt: hooggebergte tegen een prijs die je in de Alpen niet meer vindt, met bovendien een zomerklimaat dat droger en zonniger is dan aan de Franse kant.

De dalen, en welk dal bij je past

De Pyreneeën lopen oost-west en de dalen lopen noord-zuid, en dat betekent dat je per dal een aparte keuze maakt.

De Val d'Aran: helemaal in het noordwesten van Catalonië, met Vielha als hoofdplaats en Arties en Bordeta als dorpen. Dit is het enige Catalaanse dal dat naar de Atlantische Oceaan afwatert, en dat merk je aan het groen en aan de regen. Hier ligt ook het grootste skigebied van de Spaanse Pyreneeën.

De Vall de Boí: het dal ten zuiden daarvan, met Durro, Taüll en Boí, en met de romaanse kerken en het kuurbad. Kleiner, stiller en het mooist bewaard.

De Ribagorça en de Alta Ribagorça: het gebied eromheen, met toegang tot het nationale park.

Aragón, rond Boltaña en Aínsa: het middendeel, met de Ordesa-kloof en een landschap dat droger en rotsiger is.

De Cerdanya, rond Alp en Aransa: een breed, zonnig hoogdal op ongeveer duizend meter aan de oostkant, half Spaans en half Frans, met opvallend veel zonuren.

Wat de keuze bepaalt: wil je hoogte, ski en groen, dan de Val d'Aran. Wil je romaans erfgoed en rust, dan de Vall de Boí. Wil je kloven en droge rotsen, dan Aragón. Wil je zon en een zacht hoogdal, dan de Cerdanya.

Wat ze gemeen hebben: stenen huizen, smalle dalwegen, en dorpen waar 's avonds niets gebeurt.

De kerken van de Vall de Boí

In één dal van nog geen twintig kilometer staat een verzameling gebouwen die als geheel op de werelderfgoedlijst staat.

Wat het is: negen romaanse kerken en een kapel, gebouwd in de elfde en twaalfde eeuw, met slanke vierkante klokkentorens in Lombardische stijl die boven de dorpen uitsteken.

Wat de status is: sinds 2000 staan ze samen op de werelderfgoedlijst.

Waarom ze zo compleet zijn: het dal was eeuwenlang moeilijk bereikbaar en arm. Er was nooit geld om de kerken te verbouwen of te vervangen, en daardoor staan ze er nog vrijwel zoals ze werden neergezet.

Wat er in zat: muurschilderingen, waaronder de beroemde Pantocrator van Sant Climent de Taüll. De originele fresco's zijn in de vorige eeuw naar het museum in Barcelona gehaald om ze te redden; in de kerk zelf wordt het beeld met een lichtprojectie op de oorspronkelijke plek teruggebracht.

Wat je ervoor doet: er is een gecombineerd kaartje voor alle kerken, en je doet het dal in een dag met de auto of in twee dagen te voet.

Wat je moet weten: de openingstijden zijn beperkt en verschillen per seizoen, en enkele kerken zijn alleen met een rondleiding te bezoeken.

Wat er verder in het dal ligt: het kuurbad van Caldes de Boí, op vijftienhonderd meter, met zevenendertig bronnen waarvan het water tussen de vier en zesenvijftig graden uit de grond komt. Dat is voor één plek een uitzonderlijk bereik.

Aigüestortes en de nationale parken

De Spaanse Pyreneeën hebben twee nationale parken, en allebei liggen ze binnen bereik van dit aanbod.

Aigüestortes i Estany de Sant Maurici: het enige nationale park van Catalonië, met naar schatting tweehonderd bergmeren, granieten toppen en watervallen. De ingang aan de westkant ligt in de Vall de Boí.

Wat je moet weten over de toegang: je mag er niet met je eigen auto in. Je parkeert bij de ingang en gaat verder te voet of met een taxi met vierwielaandrijving die tot de eerste meren rijdt. Dat is geen pesterij maar de reden dat het park er nog zo bij ligt.

Ordesa y Monte Perdido: aan de Aragonese kant, met de Ordesa-kloof, wanden van honderden meters en watervallen. Het is een van de twee oudste nationale parken van Spanje, uit 1918, en het staat ook op de werelderfgoedlijst.

Wat daar geldt: in het hoogseizoen mag je de kloof niet met de eigen auto in en rijdt er een pendelbus vanaf het dorp.

Wat je er doet: wandelen, van vlakke dalwandelingen van een paar uur tot dagtochten naar de meren en de passen.

Wat je moet weten: het zijn echte bergen. Hoogteverschillen van achthonderd meter op een dagtocht zijn normaal, het weer slaat 's middags om, en er is boven de boomgrens geen schaduw.

Wat je meeneemt: bergschoenen, laagjes, regenjas, veel water en zonnebrand. En vertrek vroeg, want de buien komen in de middag.

Waarom juni hier de natste maand is

Dit is het cijfer op deze pagina dat het meest tegen het gevoel ingaat, en het heeft een duidelijke verklaring.

Wat de cijfers zeggen: juni komt op 17,8 regendagen en 115 millimeter, terwijl juli en augustus allebei op 8,2 regendagen zitten met rond de vijftig millimeter.

Waarom dat zo is: in het late voorjaar warmt de lucht in de dalen overdag sterk op terwijl er nog vochtige lucht van de Atlantische kant binnenkomt. Die combinatie bouwt boven de bergen bijna dagelijks stapelwolken op, die zich in de middag als onweersbui ontladen.

Wat er in juli en augustus verandert: dan is de luchtstroming droger en stabieler, en zijn de buien schaarser en korter.

Wat dat betekent voor je planning: in juni zijn de ochtenden vaak prachtig en de middagen onbetrouwbaar. Vertrek vroeg met een wandeling en zorg dat je voor twee uur 's middags weer beneden bent.

Wat het voordeel van juni is: de bergweiden staan dan in bloei, de sneeuw is net weg van de passen, de watervallen staan op hun sterkst en het is er leeg en goedkoop.

Wat de droogste maanden zijn: februari met veertig millimeter, en januari en december met ruim vijftig. Dat is het skiseizoen, en dat verklaart waarom de sneeuwzekerheid hier lager is dan in de Alpen.

Wat je hieruit haalt: voor bergwandelen zijn juli, augustus en september de betrouwbaarste maanden, met september als de aangenaamste.

Waar je slaapt

Het aanbod is klein vergeleken met de Alpen, en dat maakt op tijd boeken belangrijker dan de prijs.

Het stenen dorpshuis: het meest voorkomende type, met dikke muren, kleine ramen, een leien dak en een houtkachel. Koel in de zomer en warm te stoken in de winter.

Het appartement in een skiplaats: rond Baqueira in de Val d'Aran en bij de kleinere skigebieden in de Cerdanya en Aragón. In de zomer zijn die opvallend goedkoop.

De casa rural: een boerderij of landhuis dat kamers of een hele vleugel verhuurt, vaak met een eigen keuken en soms met maaltijden.

Het terrein met huisjes: er zijn enkele kleine terreinen met houten of stenen huisjes aan de rand van een dorp, met een gedeeld zwembad. Een groot vakantiepark zoals in Nederland of Frankrijk bestaat hier niet.

Wat je nakijkt: de hoogte van het adres en de verwarming. Op duizend meter kan het in juni en september 's nachts nog naar het vriespunt zakken, en niet elk oud huis is daarvoor uitgerust.

Wat je verder nakijkt: de laatste kilometers. Veel dorpen liggen aan een smalle bergweg met haarspeldbochten, en in de winter is die niet altijd sneeuwvrij.

Wat er los bij komt: eindschoonmaak en soms verwarming op basis van verbruik.

Overnachten kan hier het hele jaar door, maar de dalen zijn in november en in mei het stilst; dan is een deel van de horeca en de bergliften dicht.

De taal van de Val d'Aran

In één dal van deze bergen wordt iets gesproken wat je nergens anders als officiële taal terugvindt.

Wat het is: het Aranees, een variant van het Occitaans, de taal die vroeger in het hele zuiden van Frankrijk werd gesproken.

Wat de status is: het Aranees is in Catalonië een officiële taal, naast het Catalaans en het Spaans. Straatnaamborden, gemeentelijke stukken en het onderwijs in het dal zijn erin.

Waarom uitgerekend hier: de Val d'Aran ligt aan de noordkant van de bergkam en watert af naar de Garonne en dus naar de Atlantische Oceaan. Het dal is eeuwenlang naar het noorden gericht geweest, en tot de tunnel er in de twintigste eeuw kwam, was het in de winter maandenlang van Spanje afgesneden.

Wat je ervan merkt: plaatsnamen die anders klinken dan in de rest van Catalonië, en een dal met een uitgesproken eigen identiteit.

Wat er verder in het dal staat: een reeks romaanse kerken met houten daken en klokkentorens, en dorpen als Arties en Salardú die grotendeels van steen zijn.

Wat het klimaat doet: doordat het dal naar het noorden opent, is het er groener en natter dan aan de zuidkant van de bergen. Dat is precies het omgekeerde van wat je in Spanje zou verwachten.

Wat je moet weten over de tunnel: de weg naar het dal loopt door een lange tunnel onder de bergkam door. Vóór die tunnel bestond, moest je in de winter via Frankrijk.

Wandelen en de bergen

Dit is waarvoor je hier komt, en het aanbod is groter dan het bekende deel doet vermoeden.

De lange routes: de GR-paden lopen dwars door deze bergen, waaronder een route die de hele keten van zee tot zee volgt.

De rondwandelingen: elk dal heeft een net van gemarkeerde routes vanaf de dorpen, met borden die de looptijd geven en met kleuren per route.

De berghutten: er is een net van refugios waar je kunt overnachten en eten, wat meerdaagse tochten zonder tent mogelijk maakt. Reserveren is in de zomer noodzakelijk.

Wat de hoogte doet: de dalen liggen op achthonderd tot vijftienhonderd meter en de toppen op tweeduizend tot ruim drieduizend. Je bent op een dagtocht snel op grote hoogte, en dat vraagt gewenning.

Wat je moet weten over de sneeuw: op de hoogste passen kan tot in juni sneeuw liggen, en dat maakt sommige routes dan onbegaanbaar zonder uitrusting. Vraag het na bij het toeristenbureau of de hut.

Wat er verder te doen is: raften op de Noguera Pallaresa in het voorjaar, klimmen, mountainbiken en in de winter langlaufen en skiën.

Wat de skigebieden zijn: het grootste ligt in de Val d'Aran, en verder zijn er kleinere gebieden in de Cerdanya en Aragón. De sneeuwzekerheid is lager dan in de Alpen en er wordt veel besneeuwd.

Eten en drinken

De bergkeuken hier is stevig, goedkoop en aanzienlijk beter dan de reputatie van bergkost doet vermoeden.

Wat er op tafel komt: stoofschotels met lam en varkensvlees, wilde paddenstoelen in het najaar, forel uit de bergbeken en olla aranesa, een dikke soep met vlees en groenten uit de Val d'Aran.

Wat het menu del dia is: tussen de middag krijg je in vrijwel elk dorpsrestaurant drie gangen met brood en drank voor een vast bedrag, en dat is in deze streek nog steeds opvallend goedkoop.

Wat er van de streek komt: worst en ham uit de dalen, geitenkaas, en honing van bergbloemen.

De wijn: uit de Somontano aan de Aragonese voet van de bergen, en uit de Costers del Segre in Catalonië.

Waar je zit: in de dorpen, want de skiplaatsen zijn buiten het winterseizoen grotendeels dicht.

Wat je moet weten over de tijden: er wordt hier laat gegeten, met keukens die 's avonds vanaf een uur of acht opengaan, en tussen de middag van een tot een uur of drie.

Waar je boodschappen doet: in de grotere dorpen in het dal. In de kleinste kernen is geen winkel, en in het laagseizoen sluit een deel van de zaken.

Wanneer je gaat

De seizoenen zijn hier scherper gescheiden dan aan de Spaanse kust, en dat bepaalt of je vakantie werkt.

De zomer: juli en augustus, met warme droge dagen rond de vijfentwintig graden op duizend meter, koele nachten en volle dalen in de Spaanse vakantieweken.

September: 18,8 graden bij 10,5 regendagen, met heldere lucht, lege paden en de eerste kleuren. Voor wandelaars de beste maand van het jaar.

Juni: bloeiende bergweiden en volle watervallen, maar met bijna achttien regendagen ook de natste maand. Loop 's ochtends.

Het najaar: oktober met paddenstoelen en kleuren, en november als de stilste maand, wanneer veel dorpen dicht zijn en de skigebieden nog niet open.

De winter: skiën van december tot maart, met januari en februari als de droogste en koudste maanden. Reken op vorst in de dalen.

Het voorjaar: april en mei zijn wisselvallig, met smeltwater in de rivieren en sneeuw op de passen. Dat is raftingseizoen.

Wanneer je boekt: voor de Spaanse vakantieweken in augustus en voor de kerst- en carnavalsweken ruim vooruit, want het aanbod is klein. Voor juni en september kan het vaak een paar weken van tevoren.

Rijden en bereikbaarheid

De afstand is het belangrijkste bezwaar tegen deze bestemming, en daar moet je eerlijk over zijn.

De rit: reken op ongeveer zeventien uur rijden vanuit Nederland, zestienhonderd tot zeventienhonderd kilometer, met een of twee overnachtingen onderweg.

De route: door Frankrijk naar Toulouse en dan over de bergen, of via de Middellandse Zeekust en dan vanuit Catalonië de dalen in. De eerste route is korter, de tweede makkelijker rijden.

Wat je op de rit nodig hebt: Franse tol, die over deze afstand oploopt, en een Crit'Air-sticker voor de Franse steden.

Wat de bergwegen doen: de dalwegen zijn goed maar smal en bochtig, en de passen kunnen in de winter dicht of alleen met kettingen berijdbaar zijn. Er zijn tunnels die dat oplossen, maar niet overal.

Wat vliegen doet: Barcelona ligt op drie tot vier uur rijden van de Catalaanse dalen, Toulouse op twee tot drie uur van de noordkant. Met een huurauto is dat een reëel alternatief.

Wat je ter plaatse nodig hebt: een auto. Er rijden bussen tussen de grotere plaatsen, maar de dorpen en de wandelstartpunten bereik je zonder auto niet.

Wat het ter plaatse kost: dit is voor hooggebergte goedkoop. Huurprijzen, restaurants en skipassen liggen ver onder het niveau van de Alpen.

Praktisch, en de eerlijke nadelen

Wat je vraagt voordat je boekt: de hoogte van het adres, hoe het huis verwarmd wordt, hoe steil en smal de toegangsweg is, en of er in jouw periode een winkel en een restaurant open zijn in het dorp.

Wat je meeneemt: bergschoenen, laagjes, een regenjas, zonnebrand met hoge factor en een muts. Op tweeduizend meter is het ook in augustus fris zodra de zon weg is.

Wat je vooraf regelt: de taxi of de bus naar de nationale parken als je daarheen wilt, en een plek in een berghut als je een meerdaagse tocht doet.

Wat de eerlijke nadelen zijn: het is zeventien uur rijden. Juni is de natste maand van het jaar met bijna achttien regendagen. De dalen liggen ver uit elkaar en de bergwegen zijn traag, dus je combineert er niet zomaar drie in een week. Het aanbod is klein en in augustus vroeg volgeboekt. In het laagseizoen zijn hele dorpen dicht. En er is geen zee, geen meer om in te zwemmen en geen enkele vorm van uitgaansleven.

Wat daar tegenover staat: hooggebergte met toppen boven de drieduizend meter tegen prijzen die in de Alpen niet meer bestaan, twee nationale parken waar je auto niet in mag en die er daarom nog ongerept bij liggen, negen romaanse kerken uit de elfde eeuw in één dal op de werelderfgoedlijst, een kuurbad op vijftienhonderd meter met zevenendertig bronnen, en een dal waar een eigen taal officieel is. Voor wie in september gaat en de rit ervoor over heeft, is dit een van de best bewaarde berggebieden van Europa.

Samengesteld uit ons actuele woningaanbod, OpenStreetMap, Wikipedia en Wikivoyage (CC BY-SA) en Open-Meteo-klimaatdata.

Veelgestelde vragen over Spaanse Pyreneeën

Wat zijn de populairste gebieden voor een vakantiewoning in de Spaanse Pyreneeën?

De Spaanse Pyreneeën bieden een reeks prachtige gebieden voor vakantiewoningen. Het Nationaal Park Aigüestortes i Estany de Sant Maurici is een favoriet onder natuurliefhebbers vanwege zijn spectaculaire meren en berglandschappen. Voor een cultureel uitstapje is de vallei van Aran een aanrader, die bekend staat om zijn Romaanse architectuur en rijke geschiedenis. Het dorpje Benasque, gelegen in de vallei van dezelfde naam, is een geliefde bestemming voor wandelaars en bergbeklimmers. Verder naar het oosten ligt de regio Ripollès, beroemd om zijn middeleeuwse kloosters en groene valleien. De Cerdanya-vallei biedt adembenemende uitzichten en is ideaal voor wie van wintersport houdt dankzij de nabijheid van skigebieden zoals La Molina en Masella. Het gebied rondom het dorpje Vielha in de Val d'Aran is ook populair vanwege de charmante stenen huizen en schilderachtige uitzichten op de omringende bergen.

Voor een ontspannen verblijf in een vakantiehuis met uitzicht op zee in de Spaanse Pyreneeën, kun je terecht op vakantiehuis met uitzicht op zee op Spaanse Pyreneeën.

Is het mogelijk om een chalet of berghut te huren voor wintersport?

In de Spaanse Pyreneeën is het zeker mogelijk om een chalet of berghut te huren voor een wintersportvakantie. Deze regio biedt een scala aan mogelijkheden voor liefhebbers van skiën en snowboarden. Bekende skigebieden zoals Baqueira-Beret en Formigal beschikken over uitgebreide faciliteiten en goed onderhouden pistes. De Pyreneeën zijn niet alleen populair vanwege de sneeuwzekerheid, maar ook vanwege de prachtige natuur. Na een dag op de piste kunnen bezoekers genieten van de lokale keuken in gezellige bergrestaurants. Wandelaars kunnen de schoonheid van het Parque Nacional de Aigüestortes verkennen, dat bekend staat om zijn indrukwekkende landschappen en rustige wandelroutes. Ook voor cultuur- en geschiedenisliefhebbers zijn er diverse musea en historische dorpen te ontdekken in de regio.

Voor een onvergetelijke wintersportervaring in de Spaanse Pyreneeën, bekijk dan een chalet met uitzicht op de bergen in de Spaanse Pyreneeën.

Wat zijn mooie wandel- of fietsroutes in de buurt van recreatiewoningen?

De Spaanse Pyreneeën bieden een overvloed aan prachtige wandel- en fietsroutes die perfect zijn voor liefhebbers van natuur en avontuur. Een van de meest indrukwekkende wandelroutes is de Ordesa Vallei, gelegen in het Ordesa y Monte Perdido Nationaal Park. Deze route neemt je mee door adembenemende landschappen met watervallen en diepe kloven. Voor fietsers is de route langs de Val d'Aran een aanrader. Dit gebied staat bekend om zijn groene valleien en pittoreske dorpjes.

Een andere populaire wandelbestemming is de Ruta de los Tres Refugios, die een uitdaging biedt met zijn steile paden en verbluffende uitzichten op de bergen. Voor een meer ontspannen fietstocht is de Via Verde de la Sierra de la Demanda ideaal. Deze voormalige spoorlijn biedt een gemakkelijke route door het prachtige landschap van de Pyreneeën.

Cultuurliefhebbers kunnen een bezoek brengen aan het Romaanse klooster van San Juan de la Peña, een historische plek die ook bereikbaar is via enkele mooie wandelpaden. Voor gezinnen zijn er ook tal van gezinsvriendelijke wandelroutes, zoals degene in de buurt van het Aigüestortes i Estany de Sant Maurici Nationaal Park, waar je kunt genieten van rustige meren en weelderige bossen.

Voor meer informatie over accommodaties, bekijk een vakantiehuis met uitzicht op de bergen in de Spaanse Pyreneeën.

Zijn er vakantiehuizen geschikt voor groepen of grote gezinnen?

In de Spaanse Pyreneeën zijn er diverse vakantiehuizen geschikt voor groepen of grote gezinnen. Deze regio biedt een scala aan ruime accommodaties die comfort en voldoende slaapplaatsen combineren met een prachtige omgeving. Veel van deze vakantiehuizen zijn strategisch gelegen in de buurt van nationale parken zoals het Aigüestortes National Park, ideaal voor avontuurlijke wandelingen en natuurverkenningstochten. Bovendien zijn er accommodaties met een grote tuin of terras, perfect voor een gezellige barbecue met het hele gezelschap.

Voor culturele uitstapjes kun je een bezoek brengen aan historische dorpen zoals Aínsa of het indrukwekkende klooster van San Juan de la Peña. Deze vakantiehuizen zijn vaak uitgerust met moderne gemakken zoals een sauna of een open haard, wat zorgt voor extra ontspanning na een dag vol activiteiten. Ook zijn er accommodaties met een zwembad, een ideale optie voor verfrissing tijdens de warme zomermaanden.

Voor degenen die graag genieten van een spectaculair uitzicht, zijn er vakantiehuizen met zicht op de bergen, wat een extra dimensie toevoegt aan je verblijf. Deze ruime woningen bieden vaak meerdere slaapkamers en badkamers, wat zorgt voor privacy en comfort voor iedereen in je groep.

Bekijk hier een vakantiehuis met uitzicht op zee op Spaanse Pyreneeën voor een onvergetelijke vakantie-ervaring met je familie of vrienden.

Welke nationale parken liggen in de Spaanse Pyreneeën?

Het Nationaal Park Aigüestortes i Estany de Sant Maurici is een van de meest indrukwekkende natuurgebieden in de Spaanse Pyreneeën. Dit park staat bekend om zijn ruige berglandschap, kristalheldere bergmeren en uitgestrekte bossen. Daarnaast is het Nationaal Park Ordesa y Monte Perdido een UNESCO-werelderfgoedlocatie met spectaculaire kloven en watervallen. In de Catalaanse Pyreneeën vind je het Natuurpark Cadí-Moixeró, dat ideaal is voor wandelaars en natuurliefhebbers dankzij de diverse flora en fauna. Het Nationaal Park Sierra y Cañones de Guara biedt avontuurlijke mogelijkheden voor canyoning en rotsklimmen. Verder zijn de Pyreneeën ook de thuisbasis van het Natuurpark Posets-Maladeta, waar de hoogste toppen van de Pyreneeën zich bevinden. Bezoekers kunnen hier genieten van adembenemende uitzichten en uitdagende wandelroutes.

Voor een verblijf in een vakantiehuis met uitzicht op zee in de Spaanse Pyreneeën, bezoek de vakantiehuizen in de Spaanse Pyreneeën.