Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Zeeland fietst u over dijken, en daar staat altijd wind
Foto: Rijk van de Kaa / Unsplash
De provincie bestaat uit eilanden en schiereilanden die door dammen en dijken aan elkaar hangen; de fietspaden liggen vaak op die dijken, zonder enige beschutting.
De overheersende wind komt uit het zuidwesten. Dit artikel behandelt de routes, met afstanden, ondergronden en toegangsregels.
Over de stormvloedkering fietst u negen kilometer over zee
De kering in de noordelijke zeearm is volgens de waterbeheerder ongeveer 9 kilometer lang, telt vijfenzestig betonnen pijlers en werd in 1986 in gebruik genomen; er ligt een fietspad over de hele lengte.
Fietsen is gratis. Reken op drie kwartier tegen de wind in. Halverwege ligt een werkeiland met een museum over de deltawerken, entree 20 tot 28 euro, dagelijks van 10.00 tot 17.30 uur. Bij storm wordt het fietspad afgesloten.
Op de dam ten noorden ligt het grootste zoutwatermeer van Europa
Achter die dam ligt een meer van rond de 108 vierkante kilometer met zout water, ontstaan toen de zeearm werd afgesloten; het geldt als het grootste zoutwatermeer van Europa.
Op de dam wordt gekitesurft en gesurft; een les kost 60 tot 110 euro. Fietsen over de dam is gratis. Let op: bij aflandige wind drijft u het meer op en dat is kilometers breed; blijf bij de aangewezen surfstranden waar toezicht is.
De hoogste duinen van de provincie liggen op de noordwestpunt
Op de punt van Schouwen ligt een duingebied met toppen tot rond de 50 meter, het hoogste van Zeeland, met naaldbos, open zand en vennen.
Toegang is gratis, parkeren kost 3 tot 7 euro. Er lopen fietspaden door het bos en wandelroutes van 3 tot 12 kilometer door het duin. Fietsen mag alleen op de verharde paden; de zandpaden over de duinen zijn wandelpaden.
Het verdronken land in het oosten betreedt u alleen met een gids
Dat schorrengebied van ruim 4.000 hectare kwam in de zestiende eeuw onder water te staan en is nu een getijdengebied met kreken die zich twee keer per dag vullen.
U mag er alleen met een gids in; een tocht kost 15 tot 30 euro per persoon en duurt drie tot vier uur. Let op: op eigen houtje het gebied in gaan is levensgevaarlijk, want de kreken lopen sneller vol dan u door de modder loopt.
Langs de zuidoever van de zeearm fietst u door polders
Foto: Thomas Bormans / Unsplash
In het zuiden van de provincie liggen polders met dijken, kreekruggen en dorpen op 5 tot 10 kilometer van elkaar; het is er vlakker en leger dan op de eilanden.
Fietsen is gratis en het knooppuntennetwerk dekt de hele streek. Reken op lussen van 30 tot 60 kilometer. De tunnel onder de zeearm kost 5 tot 8 euro per auto; met de fiets neemt u het voetveer, dat 4 tot 7 euro kost.
Het getijdengebied op de grens met België is een apart natuurpark
In de zuidwesthoek ligt een inham waar zeewater bij vloed het land in loopt; het gebied ligt half in Nederland en half in België en wordt aan beide kanten beheerd.
Het bezoekerspark aan de Belgische kant kost 12 tot 16 euro en is van 10.00 tot 18.00 uur open; de Nederlandse kant is vrij toegankelijk. Er lopen paden van 3 tot 8 kilometer. Trek laarzen aan: de schorren zijn drassig en op plekken zout en glad.
Over de dijken van Walcheren fietst u langs de hele kust
Rond dat schiereiland loopt een route van ongeveer 50 kilometer over duinen, dijken en door de badplaatsen; onderweg passeert u de haven en de oude vestingstadjes.
Fietsen is gratis en huren kost 10 tot 18 euro per dag. Reken op vier tot vijf uur met stops. In juli en augustus zijn de fietspaden bij de badplaatsen druk; rijd vroeg of neem de binnenroute door de polder, die parallel loopt.
De kustroute door de hele provincie is ruim honderd kilometer
Van de zuidgrens tot de noordelijke dammen loopt een bewegwijzerde kustroute van rond de 110 kilometer, met veerponten tussen de eilanden.
Reken op twee tot drie dagen. Een pontje kost 2 tot 7 euro per persoon met fiets en vaart doorgaans van 8.00 tot 19.00 uur, in de winter beperkt. Let op: bij windkracht zeven of meer varen de kleine ponten niet en staat u aan de verkeerde kant van het water.
Op de dammen tussen de eilanden is de wind het sterkst
De verbindingen tussen de eilanden liggen volledig open; op de langste dam is het 5 kilometer zonder enige beschutting.
Fietsen is er gratis maar zwaar: bij windkracht vijf uit het zuidwesten doet u over die 5 kilometer een half uur. Plan de route zo dat u de dammen op de heenweg neemt en met de wind mee terugkomt, of neem de bus, die fietsen tegen een toeslag meeneemt.
Praktisch
Vanuit Rotterdam rijdt u in anderhalf uur en vanuit het midden van het land in twee tot tweeënhalf uur. Nederland betaalt met de euro.
April tot oktober geeft 12 tot 24 graden; Zeeland heeft de meeste zonuren van het land maar ook de meeste wind. Neem een windjack mee, ook in juli. In het broedseizoen zijn delen van de duinen en schorren afgesloten en staat dat bij de ingang aangegeven.