Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Tweehonderd kilometer kust met één pad erlangs
Foto: Joshua Kettle / Unsplash
De naam Costa Brava is op 12 september 1908 bedacht door journalist Ferran Agulló, die er de ruige, steile kust mee bedoelde tussen Blanes en de Franse grens. Dat is ruim tweehonderd kilometer, en het is precies die ruigheid die de baaien heeft opgeleverd waar mensen voor komen.
Het belangrijkste dat je over die baaien moet weten is dat ze aan elkaar geregen zijn door één voetpad, de Camí de Ronda. Wie dat pad kent hoeft niet elke keer met de auto op zoek naar een parkeerplaats, en dat is aan deze kust het halve verschil.
De Camí de Ronda was een smokkelaarspad
Het pad is volgens de streekgeschiedenis aangelegd voor de guardia civil, die er patrouilleerde om smokkel vanaf zee in de gaten te houden. Het loopt over de kliffen, duikt de baaien in en klimt er weer uit, en tegenwoordig is het als wandelroute in onderhoud; grote stukken vallen samen met de langeafstandsroute GR-92.
Je loopt het in etappes van een uur tot een dagdeel, en het aardige is dat vrijwel elke etappe langs meerdere baaien komt. Trek schoenen met profiel aan, want het is rots en geen boulevard, en neem water mee; onderweg is er meestal niets.
De baaien bij Palafrugell zijn de bekendste
Calella de Palafrugell, Llafranc en Tamariu liggen op een paar kilometer van elkaar en zijn alle drie via het pad verbonden; van Calella naar Llafranc loop je in ongeveer een half uur langs het water. Calella heeft de witte bogen aan de waterkant die op elke ansichtkaart staan.
Ertussenin ligt de Far de Sant Sebastià, een vuurtoren op de klif waar je vanaf beide dorpen naartoe klimt en waar het uitzicht de klim rechtvaardigt. Reken op een half uur omhoog vanaf Llafranc.
Rond Begur liggen de stilste baaien
Foto: Drew Dizzy Graham / Unsplash
Aiguablava en Sa Riera zijn met de auto bereikbaar, maar de kleinere baaien ertussen alleen te voet. Cala Pedrosa is daarvan de bekendste: je komt er via een pad dat in ongeveer 20 minuten over de rotsen daalt, en er is geen weg naartoe, geen kraam en geen toilet.
Let op, want dit is waar mensen zich vergissen. Neem alles mee wat je nodig hebt en neem het weer mee terug, en bedenk dat de klim terug omhoog in de middagzon zwaarder is dan de afdaling was. Met kleine kinderen of slecht ter been is dit geen goede keuze.
{# Blok "Uniek overnachten": echte woningen uit onze eigen voorraad, met foto en deeplink.
Verwacht `b.items` = [{huis, regel}]. Zie content/uniek.py voor de keuze. #}
Uniek overnachten aan de Costa Brava
Tussen de appartementen en vakantiehuizen aan de Costa Brava staan ook twee chalets. Prijs en beschikbaarheid voor jouw data zie je bij onze boekingspartner.
De kustweg tussen Tossa de Mar en Sant Feliu de Guíxols is ruim twintig kilometer bochtenwerk langs de kliffen en geldt als een van de mooiste autoritten van Catalonië. Onderweg liggen Cala Pola en Cala Giverola, allebei met een parkeerplaats en beide in de zomer vanaf een uur of tien vol.
Cala Futadera ligt daartussen en heeft geen weg: je daalt er via ruim tweehonderd treden naartoe vanaf een parkeerhaven langs de weg. Dat filtert de dagjesmensen eruit en dat is precies waarom het er rustiger is.
Wat je meeneemt naar een baai zonder voorzieningen
Reken op twee liter water per persoon, want er is nergens een kraan. Schaduw in de vorm van een parasol of een doek, want de meeste baaien hebben geen boom en de rotswand houdt de wind tegen zodat het er warmer aanvoelt dan op het strand.
Waterschoenen zijn hier geen overdaad: de bodem is kiezel en rots en op sommige plekken zitten zee-egels tussen de stenen. Verder een vuilniszak, want er staan geen bakken en wat je achterlaat blijft liggen; in juli en augustus is dat aan sommige baaien goed te zien.
Wat je vooraf moet weten
Parkeren is het knelpunt. Bij de bereikbare baaien staan de plaatsen in juli en augustus vanaf een uur of tien vol en is parkeren betaald; kom voor negen uur of na vier uur, of laat de auto staan en loop over de Camí de Ronda.
Let verder op de tramuntana, de noordenwind die vooral in het voorjaar en het najaar dagenlang kan aanhouden. Hij maakt de zee onrustig en de baaien aan de noordkant onaangenaam; de baaien die op het zuiden liggen zijn dan juist beschut, en dat is bij de keuze van je dag belangrijker dan welke baai het mooist is.