Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Denemarken heeft ruim tienduizend kilometer bewegwijzerde fietsroute
Foto: Silvan Schuppisser / Unsplash
Het land telt volgens de wegbeheerder elf nationale routes met een eigen nummer, van de Vestkystruten langs de Noordzee tot de Oostzeeroute, plus honderden regionale lussen; samen goed voor meer dan 10.000 kilometer.
De borden zijn overal gelijk: een wit nummer op een blauw bord voor de nationale routes. Dit artikel behandelt de routes per landsdeel, met afstanden, windrichtingen en vervoer terug.
De Vestkystruten is de langste en de zwaarste
Langs de Noordzeekust loopt de Vestkystruten, nationale route 1, ongeveer 560 kilometer van de Duitse grens tot Skagen, over duinpaden, dijken en rustige wegen.
Reken op acht tot tien dagen met etappes van 50 tot 70 kilometer. Let op: de overheersende wind komt hier uit het westen en zuidwesten, dus rijd van zuid naar noord. Andersom sta je dagenlang met kop op de wind op een kust zonder enige beschutting.
De heuvels liggen in Oost-Jutland, niet in het zuiden
Het hoogste punt van Denemarken is Møllehøj met 170,86 meter, in Oost-Jutland bij Skanderborg. De streek eromheen, rond Silkeborg, heet het Deense hoogland en heeft bossen, meren en korte, steile klimmen; de Himmelbjerget van 147 meter is er het bekendste uitzichtpunt.
Reken op dagtochten van 40 tot 60 kilometer met 400 tot 700 hoogtemeters, wat voor Deense begrippen veel is. Door Midden-Jutland loopt daarnaast de Hærvejen, de oude ossenweg van Viborg naar de Duitse grens, nu route 3. In Zuid-Jutland is het juist vlak en open, met marsland en dijken.
Ribe is de oudste stad van het land
Ribe in het zuidwesten wordt rond het jaar 700 voor het eerst genoemd en heeft een middeleeuwse kern met scheve vakwerkhuizen; op de daken broeden ooievaars. De Ribe Domkirke uit de twaalfde eeuw heeft een toren die je voor een paar euro mag beklimmen.
Rondlopen is gratis. Elke avond loopt er een nachtwacht een ronde door de straten, gratis mee te lopen, doorgaans om 20.00 en 22.00 uur van mei tot september. Buiten de stad ligt het Ribe VikingeCenter. Vanaf hier fiets je in een dag naar het waddengebied, waar in maart, april, september en oktober rond zonsondergang honderdduizenden spreeuwen boven het wad zwermen; dat heet daar de zwarte zon.
In Noord-Jutland fiets je langs de Limfjord naar Skagen
Noord-Jutland wordt doorsneden door de Limfjord, en op de uiterste punt bij Skagen komen Skagerrak en Kattegat samen; op de zandtong van Grenen zie je de golven uit twee zeeën op elkaar botsen.
De routes daar zijn 30 tot 70 kilometer lang en grotendeels vlak. Een veerpont over de Limfjord kost enkele euro's per fiets. Reken op wind uit het westen. In juli is dit het drukste vakantiegebied van het land en zijn campings en huisjes maanden vooruit volgeboekt; Aarhus, de tweede stad, ligt zuidelijker aan dezelfde kust.
Fyn Rundt is een lus van ongeveer driehonderdvijftig kilometer
Funen is glooiend, met smalle plattelandswegen, herenhuizen en dorpen op 5 tot 10 kilometer van elkaar; de lus eromheen, Fyn Rundt, meet rond de 350 kilometer.
Reken op vijf tot zeven dagen met korte etappes. Het terrein is licht heuvelend, met klimmetjes van 20 tot 50 meter. Overnachten in een herberg kost 700 tot 1.200 kronen, ongeveer 95 tot 160 euro, en kamperen 150 tot 250 kronen per plaats. Vanuit het zuiden varen veerboten naar de kleine eilanden, waar je met een fiets zo aan boord stapt.
Op Bornholm liggen de paden op oude spoorlijnen
Bornholm in de Oostzee heeft rond de 235 kilometer fietspad, waarvan een groot deel op opgebroken spoortracés tussen Rønne en Nexø ligt; die stukken zijn daardoor vlak en autovrij.
Een fiets huren kost 100 tot 150 kronen per dag. Reken op vier dagen om het hele eiland rond te doen. Het binnenland is bosrijk, het noorden rotsachtig met korte, stevige klimmen, en de zuidkust vlak met het witte zandstrand van Dueodde.
In Kopenhagen gelden eigen verkeersregels voor fietsers
De stad heeft rond de 380 kilometer vrijliggend fietspad en aparte verkeerslichten die enkele seconden eerder op groen springen dan die voor auto's; fietsers houden rechts en halen links in. De Fietsenslang, een hangende fietsbrug uit 2014, gaat in een boog over de haven.
Let op: richting aangeven met de hand en stoppen met de hand omhoog is hier verplicht, net als licht voor en achter na zonsondergang, met boetes die oplopen tot 700 kronen. Een fiets huren kost 100 tot 200 kronen per dag en een deelfiets rekent per minuut. Langs de route liggen het Koninklijk Paleis Amalienborg en het Tivoli-pretpark.
Met de trein terug kost een fietskaartje enkele euro's
Op de meeste treinen mag de fiets mee met een apart kaartje van 20 tot 60 kronen, ongeveer 3 tot 8 euro; op lange afstanden reserveer je een plaats en de laatste treinen vertrekken rond 22.00 uur.
In de zomerweekenden zijn die plaatsen vol, dus reserveer een dag vooruit. Zo kun je eenrichtingsroutes rijden: met de wind mee naar het noorden en met de trein terug. Bussen nemen fietsen alleen mee als er een rek achterop zit.
Praktisch
Vanuit Nederland rijd je in zes tot acht uur naar Jutland; met de trein ben je met overstappen in acht tot tien uur in Kopenhagen. Denemarken betaalt met de kroon en vrijwel alles gaat met de kaart.
Mei tot september geeft 15 tot 24 graden en de langste dagen van het jaar; juli is het warmst en het drukst. Het waait hier vrijwel altijd, en aan de westkust hard: reken op 20 tot 30 kilometer per uur wind, wat een vlakke rit alsnog zwaar maakt.