Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De kustlijn bij Skagen waar twee zeeën samenkomen
Foto: Christian Himmel / Pexels
Op de zandpunt Grenen, ongeveer 3 kilometer ten noordoosten van het centrum van Skagen, lopen twee zeeën tegen elkaar op. Dat zijn niet de Noordzee en het Kattegat, zoals vaak wordt geschreven, maar het Skagerrak en het Kattegat. Het verschil in stroming maakt een duidelijke schuimlijn zichtbaar die per dag tientallen meters opschuift. Vanaf de parkeerplaats is het ongeveer 1,5 kilometer lopen over los zand naar de punt, en tussen april en oktober rijdt de tractorbus Sandormen die afstand in een kwartier voor rond de 6 euro per enkele reis. Let op: zwemmen bij Grenen is verboden, want de twee stromingen trekken op de punt onder water aan elkaar en er staat een permanent verbodsbord. Rondom de punt ligt een natuurreservaat van ruim 1.100 hectare waar in het voorjaar dagelijks duizenden trekvogels overkomen.
Wandelen over Råbjerg Mile
Foto: Wolfgang Weiser / Pexels
Råbjerg Mile is met ongeveer 1 vierkante kilometer de grootste stuifduin van Noordwest-Europa en bevat naar schatting 4 miljoen kubieke meter zand. De duinrug is op het hoogste punt zo'n 40 meter en verplaatst zich volgens metingen van de natuurbeheerorganisatie ongeveer 15 meter per jaar in noordoostelijke richting. De duin ontstond rond 1600 tijdens een periode van zandverstuivingen die aan deze kust hele dorpen bedolf. Wie de tocht maakt, klimt vanaf de parkeerplaats aan de Kandestedvej in ongeveer 10 minuten naar de top; het terrein is vrij toegankelijk en er wordt geen toegang gevraagd. Neem stevige schoenen mee, want het zand is bij droog weer los tot enkelknoogte en bij harde wind snijdt het over de kam.
De vuurtoren van Hirtshals
Foto: Nico Becker / Pexels
De vuurtoren van Hirtshals brandt sinds 1863 en steekt 35 meter boven de kliftop uit. Het licht draagt bij helder weer ruim 20 zeemijl ver, wat neerkomt op zo'n 37 kilometer. In de zomermaanden zijn er rondleidingen naar het lantaarnhuis; de trap telt ruim 140 treden en de toren is dan doorgaans van 11.00 tot 16.00 uur open. Vanaf de omloop zie je de havenmond waar dagelijks veerboten naar Noorwegen vertrekken, en bij noordwestenwind slaat de branding tot over de pieren. Onder aan de klif liggen bunkers uit 1943 die deel uitmaakten van de Atlantikwall.
Lønstrup Klint en de wijkende kust
Tussen Lønstrup en Rubjerg ligt een kliffront van ongeveer 12 kilometer lang dat op sommige plekken 90 meter hoog is. De zee neemt hier volgens de kustbeheerders gemiddeld anderhalve meter kustlijn per jaar weg, en dat is goed te zien: de kerk van Mårup werd in 2008 afgebroken omdat de rand van de klif tot op enkele tientallen meters was genaderd. Het pad langs de rand is niet afgezet, dus houd afstand van de kant, want het zand kalft in blokken af. Op het strand eronder spoelen vuursteen en fossiele schelpen aan uit lagen die honderdduizenden jaren oud zijn.
Bulbjerg, het enige vogelklif van het Deense vasteland
Bulbjerg is een kalksteenrots van 47 meter hoog en het enige plek op het Deense vasteland waar zeevogels op een klif broeden. De kolonie drieteenmeeuwen telt de laatste jaren een paar honderd broedparen die van maart tot juli op de richels zitten. Zeehonden spot je hier niet: die liggen verder oostelijk op de zandbanken bij Grenen en in het zeeaquarium van Hirtshals. Het gebied is het hele jaar vrij toegankelijk en de parkeerplaats ligt op ongeveer 300 meter van het uitzichtpunt. Op de rots liggen nog resten van een Duitse radarbunker uit 1943.
Rubjerg Knude Fyr, de vuurtoren die verhuisde
De vuurtoren van Rubjerg Knude werd in 1900 ontstoken en in 1968 gedoofd, omdat het stuifzand het licht steeds vaker aan het oog onttrok. In oktober 2019 is het gebouw van 720 ton in één dag zo'n 70 meter landinwaarts gereden op rails, om te voorkomen dat het binnen enkele jaren van de klif zou vallen. De toren staat nu op een duin van ongeveer 60 meter boven zee en is gratis toegankelijk; de klim naar het platform gaat over 90 treden. Vanaf de parkeerplaats is het ruim 1 kilometer lopen door mul zand, wat met een kinderwagen niet gaat.
Het strand bij Blokhus
Het strand van Blokhus is enkele honderden meters breed bij laag water en behoort tot de kuststroken waar auto's op het zand mogen rijden, met een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur. Het dorp ligt ongeveer 40 kilometer ten noordwesten van Aalborg, iets minder dan een uur rijden. In de zomer wordt hier jaarlijks een zandsculpturenfestival gehouden waarvoor duizenden kubieke meter zand worden aangevoerd. Rijd niet op het strand als de banden al bij de eerste meters wegzakken, want bergingskosten zijn voor eigen rekening.
Vier eeuwen vuurtorens
Aan deze kust brandden al voor 1600 open kolenvuren op hoge stellages om schepen te waarschuwen voor de riffen bij Skagen. Het oude vuurbaken van Skagen, de Vippefyr, is een reconstructie van zo'n kantelbaken uit 1627. De witte vuurtoren van Skagen dateert uit 1858 en is met 46 meter de op één na hoogste van Denemarken; de toren is in het seizoen te beklimmen en telt 210 treden. In de negentiende eeuw verongelukten hier volgens de scheepvaartregisters tientallen schepen per jaar op de zandbanken.
De duinen van Nationaal Park Thy
Nationaal Park Thy werd in 2008 het eerste nationale park van Denemarken en beslaat ongeveer 244 vierkante kilometer. Het gebied strekt zich over zo'n 55 kilometer langs de kust uit en is 5 tot 12 kilometer breed. Er lopen honderden kilometers gemarkeerde paden door duinheide, dennenbos en langs meertjes waar 's winters duizenden watervogels rusten. Het park is dag en nacht vrij toegankelijk en op aangewezen plekken mag je in het open veld overnachten.
Het kustlandschap bij Løkken
Løkken is bekend om de witte strandhuisjes die sinds de jaren twintig in rijen op het zand staan; het zijn er ongeveer 450 en ze zijn particulier eigendom. Ook hier mag met de auto het strand op, tussen zonsopgang en zonsondergang. Het dorp ligt ongeveer 20 kilometer ten zuiden van Hirtshals en telt buiten het seizoen nog geen 1.500 inwoners, tegen een veelvoud daarvan in juli. De brede kustweg maakt het een goed vertrekpunt voor fietstochten door het achterland.