Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De levadas zijn waterleidingen, geen wandelpaden
Foto: Mick Kirchman / Unsplash
Vanaf de zestiende eeuw zijn op dit eiland smalle kanalen aangelegd om regenwater van de natte noordkant naar de droge zuidkant te brengen. Volgens het eilandbestuur ligt er inmiddels ruim 2.000 kilometer aan.
Langs die kanalen loopt een onderhoudspad, en dat is wat u bewandelt. Het verklaart waarom de routes vlak zijn maar smal, en waarom er af en toe een tunnel in zit. Dit artikel behandelt de wandelingen rond Funchal en wat u erna eet en drinkt, met afstanden, prijzen en openingstijden.
Voor de bewegwijzerde routes betaalt u sinds enkele jaren toegang
Voor de officiële routes met een PR-nummer geldt een toegangsbedrag van 3 euro per persoon per route, vooraf online te betalen. Boswachters controleren dat bij de ingang van de bekendste paden.
Het kaartje geldt 24 uur. Kijk daarnaast altijd de actuele status na voordat u gaat: na zware regen worden routes wekenlang gesloten wegens vallend gesteente, en dat wordt niet ter plaatse aangegeven. Let op: een gesloten route inlopen is geen kwestie van eigen risico maar levert een boete op, en de verzekering dekt het niet.
De Levada dos Tornos loopt vlak boven de stad
Deze leiding loopt over de hellingen ten noorden van Funchal op ongeveer 600 meter hoogte, met uitzicht over de baai. Het pad is breed, nagenoeg vlak en geschikt voor wie voor het eerst een levada loopt.
U kunt er stukken van 4 tot 12 kilometer uit kiezen; een bus vanuit de stad brengt u in een half uur naar het beginpunt voor enkele euro's. Onderweg liggen twee theehuizen in tuinen, waar een pot thee met gebak 8 tot 12 euro kost en waar u ook zonder wandeling terecht kunt.
De routes met tunnels vragen een zaklamp
Foto: Balázs Gábor / Pexels
De bekendste wandelingen in het noorden en westen van het eiland gaan door tunnels in de rots van tientallen meters tot ruim een kilometer, zonder verlichting en met water op de vloer.
Neem een hoofdlamp mee, geen telefoon: u hebt uw handen nodig. Reken op 5 tot 11 kilometer en drie tot vijf uur. Vanaf Funchal rijdt u er 30 tot 60 kilometer heen over bergwegen. Let op: aan de buitenkant van het pad zit vaak geen reling en het valt tientallen meters; met kleine kinderen of hoogtevrees zijn deze routes niets.
De makkelijkste levada ligt bij een bergpas op 900 meter
Vanaf een dorp aan de doorgaande weg naar het noorden loopt een vlakke leiding van 1,5 kilometer door laurierbos naar een uitzichtpunt over een dal met de hoogste toppen van het eiland.
De heenweg kost een half uur en het pad is breed genoeg om te passeren. Toegang is gratis; parkeren bij het beginpunt is lastig, dus kom voor 10.00 uur. Bij het uitzichtpunt zitten vinken die uit de hand eten, wat met kinderen het aardigste onderdeel is. Vanaf Funchal is het 20 kilometer, drie kwartier rijden.
De markthal in de stad draait op zaterdagochtend het hardst
De overdekte markt uit 1940 in het centrum heeft een vishal in de kelder en twee verdiepingen met fruit, bloemen en kruiden. Hij is van maandag tot zaterdag open, doorgaans van 7.00 tot 20.00 uur en op zaterdag tot 14.00 uur.
Binnenkomen kost niets. Let op de verkopers bij de ingang die u stukjes exotisch fruit aanbieden: dat is geen proeverij maar een verkooppraatje, en achteraf betaalt u 20 tot 30 euro voor een zakje. Vraag altijd eerst de prijs per kilo. In de vishal ligt de zwarte degenvis die hier op een kilometer diepte gevangen wordt.
De wijn van dit eiland wordt met opzet verwarmd
Madeirawijn wordt versterkt met alcohol en daarna maandenlang op temperaturen tot 45 graden gehouden, een methode die stamt uit de tijd dat vaten als ballast door de tropen voeren en onderweg beter werden.
In de proeflokalen in het centrum kost een proeverij van drie glazen 6 tot 15 euro; ze zijn doorgaans van maandag tot vrijdag van 10.00 tot 18.30 uur open en op zaterdag tot 13.00 uur. De droge soorten drinkt u vooraf, de zoete na. Reken op een uur en ga niet direct daarna nog een levada op.
Poncha en bolo do caco horen bij de wandeldag
Foto: Balázs Gábor / Pexels
In de bergdorpen langs de routes staan kleine bars waar poncha wordt gemaakt: suikerrietalcohol met honing en citroen, met een houten stamper aangeroerd. Een glas kost 3 tot 5 euro en is sterker dan het smaakt.
Erbij hoort bolo do caco, een plat brood met knoflookboter dat op een steen wordt gebakken, voor 2 tot 4 euro. Dat is samen de gebruikelijke afsluiting van een wandeling. Wie een maaltijd wil: espetada is rundvlees aan een tak van laurier, 15 tot 22 euro.
Praktisch
Vanuit Nederland vliegt u in ongeveer vier uur; de luchthaven ligt 20 kilometer ten oosten van Funchal, een half uur rijden. Portugal betaalt met de euro. Openbaar vervoer gaat naar de meeste dorpen, maar niet altijd op tijden die bij een wandeling passen; een huurauto of een chauffeursdienst is praktischer.
Het is hier het hele jaar door 17 tot 25 graden en wandelen kan in elke maand. Boven de 1.000 meter is het 8 tot 10 graden koeler en hangt vaak wolk, terwijl het aan de kust zonnig is. Neem daarom altijd een windjack mee, ook als u in een T-shirt vertrekt.