Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Vancouver en Victoria liggen aan hetzelfde water, maar niet naast elkaar
De twee steden liggen hemelsbreed ongeveer 100 kilometer uit elkaar, met de Straat van Georgia ertussen. Je komt er alleen met de veerboot of het watervliegtuig, en dat is meteen het eerste dat je reisschema bepaalt.
Dit artikel behandelt beide steden en de natuur eromheen, met reistijden, kosten in Canadese dollars en de vraag wanneer je het beste komt.
Stanley Park is groter dan het centrum
Vancouver heeft aan de rand van de binnenstad een stadspark van ongeveer 400 hectare, volgens de parkbeheerders grotendeels bestaand uit oorspronkelijk regenwoud met douglassparren en ceders. Eromheen loopt de Seawall, een verhard pad langs het water, met de Lions Gate Bridge boven de noordpunt en het strand van English Bay aan de zuidkant. In het park zit ook het Vancouver Aquarium, de beste binnenoptie bij regen.
Het parkgedeelte van die wandel- en fietsroute telt ongeveer 9 kilometer en is vlak; de volledige Seawall loopt door tot ver buiten het park en beslaat ruim 28 kilometer. Fietsverhuur zit bij de parkingang en kost rond de 12 tot 20 dollar per uur. Doe de ronde met de klok mee, want dat is de voorgeschreven richting voor fietsers.
De wijken zijn het eigenlijke stadsbezoek
Granville Island is een voormalig industrieterrein onder een brug, nu met een overdekte markthal vol groente, vis en gebak, plus werkplaatsen en theaters. Je komt er met een klein veerbootje van enkele minuten, voor een paar dollar.
Gastown is de oudste wijk, met kasseien en een stoomklok die elk kwartier fluit; het is de meest toeristische hoek van de stad. Chinatown ernaast is een van de grootste van Noord-Amerika en heeft een Chinese tuin uit 1986. Reken voor de drie samen op een volle dag te voet. Aan de overkant van False Creek staat de zilveren koepel van Science World, een doe-museum dat met kinderen vrijwel altijd werkt, en westelijker liggen Kitsilano Beach en bij de universiteit het Museum of Anthropology met de totempalen van de Haida en de Kwakwaka'wakw.
De bergen beginnen waar de stad ophoudt
Aan de noordkant van de haven rijzen de bergen direct op. Grouse Mountain is met een kabelbaan in tien minuten bereikbaar voor rond de 75 dollar retour; boven zitten wandelpaden, een houtvestersshow en een opvang met twee grizzlyberen.
Wie liever niet betaalt: bij Lynn Canyon hangt een gratis hangbrug over een kloof, met wandelpaden en een zwemgat in de rivier. De bekendere hangbrug bij Capilano is 140 meter lang en hangt 70 meter boven de rivier, maar kost rond de 70 dollar per persoon en is in de zomer vol.
De weg naar het noorden heet Sea to Sky
De snelweg van Vancouver naar Squamish en Whistler volgt over ongeveer 120 kilometer de fjordkust, met bergen aan de ene kant en water aan de andere. De rit naar Whistler duurt ongeveer anderhalf tot twee uur, met Porteau Cove en de Brandywine Falls als stops onderweg. Boven in Whistler hangt de Peak 2 Peak-gondel tussen Whistler en Blackcomb, met een overspanning van ruim 3 kilometer.
Onderweg liggen de Shannon Falls van ruim 300 meter, een kabelbaan bij Squamish met een hangbrug bovenaan, en verschillende provinciale parken met korte routes. Dit is de mooiste autorit van de regio en met een tussenstop een goede dagtrip.
Naar Vancouver Island vaar je anderhalf uur
De veerboot van Tsawwassen naar Swartz Bay doet er ongeveer 1 uur en 35 minuten over en vaart door een archipel van beboste eilandjes; een enkele reis kost rond de 20 dollar per persoon plus ongeveer 60 dollar voor een auto. Reserveer in de zomer vooraf, want anders sta je een afvaart of twee te wachten.
Vanaf Swartz Bay is het nog een half uur naar Victoria. De tweede lijn vaart van Horseshoe Bay naar Nanaimo, handig als je het noorden van het eiland in wil. Het alternatief is een watervliegtuig vanaf Canada Place in Vancouver, dat er 35 minuten over doet en rond de 200 dollar kost; dat is duur maar het uitzicht is het beste van de hele reis.
Victoria is Brits gebleven
De hoofdstad van British Columbia telt ongeveer 90.000 inwoners in de stad zelf en oogt merkbaar Engelser dan Vancouver: het parlementsgebouw uit 1897, een havenfront met bootjes en de gewoonte van afternoon tea.
De binnenhaven is compact en te voet te doen. Er varen kleine watertaxi's die soms een choreografie op het water uitvoeren, wat met kinderen aanslaat. Aan de zuidkant ligt het Beacon Hill Park op de landtong, met uitzicht over de zee-engte naar de bergen van de staat Washington. In de stad zelf zijn het Royal BC Museum met zijn nagebouwde straat uit 1900 en Craigdarroch Castle, het villakasteel van een kolenbaron uit 1890, de twee bezoeken die met kinderen standhouden; entree ligt rond de 30 en 25 dollar.
De tuinen en de walvissen
Op ongeveer een half uur van Victoria liggen de Butchart Gardens, ruim 22 hectare tuin die vanaf 1904 in een uitgeputte kalksteengroeve van de familie Butchart is aangelegd. Entree ligt rond de 40 dollar; het bezoek duurt twee tot drie uur en het mooist is het van eind april tot september.
Vanuit de haven van Victoria vertrekken walvistochten naar de orka's die hier in de zomer de zalm volgen; een tocht duurt drie tot vier uur en kost rond de 130 tot 160 dollar per persoon. De beste maanden zijn mei tot oktober. Op open boten is het koud; jassen worden verstrekt maar neem mutsen mee.
Verder het eiland op
Vancouver Island is groot: van Victoria naar Tofino aan de westkust is het ongeveer 320 kilometer en vier tot vijf uur rijden over bergwegen. Daar ligt Pacific Rim National Park met kilometerslange stranden, regenwoud en surfscholen. Onderweg kom je door Cathedral Grove bij Port Alberni, waar douglassparren van rond de 800 jaar oud staan, en door Coombs, waar geiten op het grasdak van de winkel lopen.
Dat is geen dagtrip maar een eigen etappe van minstens twee nachten. Wie die tijd niet heeft, blijft in het zuiden van het eiland, waar bij Sooke en langs de Juan de Fuca-kust ook stranden en bospaden liggen.
Praktisch en wanneer je gaat
Voor Canada heb je een eTA nodig, die ongeveer 7 Canadese dollar kost en die je vooraf online aanvraagt. De vlucht vanaf Amsterdam naar Vancouver duurt ongeveer tien uur. Reken op zo'n 1,45 Canadese dollar per euro, en houd er rekening mee dat vermelde prijzen exclusief belasting zijn en dat fooien van 15 tot 20 procent gebruikelijk zijn.
Juni tot september is het droogste en warmste seizoen, met 20 tot 25 graden. Van november tot maart valt hier veel regen, wat de reden is dat de bossen zo groen zijn maar wandelen minder aantrekkelijk maakt. In Vancouver rijdt de SkyTrain zonder bestuurder van de luchthaven naar het centrum in 25 minuten, en in Richmond ernaast ligt het oude vissersdorp Steveston met de conservenfabriek als museum. De steden zijn goed met openbaar vervoer te doen; voor Sea to Sky en het eiland is een auto praktischer, vanaf ongeveer 60 dollar per dag.