Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Op Seeland liggen de koningen begraven en de kastelen aan zee
Het grootste eiland van Denemarken herbergt de hoofdstad, maar de interessantste gebouwen staan erbuiten: een kathedraal waar veertig vorsten liggen, een vesting die de tol op de scheepvaart inde, en een renaissanceslot op drie eilandjes in een meer. Alle drie liggen binnen een uur van Kopenhagen.
Dit artikel behandelt ze op volgorde van reistijd, met openingstijden en prijzen in Deense kronen.
Roskilde bewaart duizend jaar koningsgraven
Foto: CHRISTIAN PFEIFER / Pexels
De Roskilde Domkirke is rond 1170 begonnen en geldt als de eerste gotische baksteenkathedraal van Scandinavië; het bouwtype verspreidde zich van hieruit over Noord-Europa. Sinds 1995 staat het gebouw op de werelderfgoedlijst.
Volgens de domkerk liggen er ongeveer veertig Deense koningen en koninginnen begraven, in kapellen die over acht eeuwen zijn aangebouwd. Daardoor loop je er langs de bouwstijlen van romaans tot modern; de nieuwste grafkapel is nog maar enkele decennia oud. Entree ligt rond de 60 kronen, ongeveer 8 euro, en het bezoek duurt een uur.
De vijf vikingschepen liggen op honderd meter
Foto: Abhishek Navlakha / Pexels
Aan de haven van Roskilde staat het Vikingeskibsmuseet met vijf schepen die rond 1070 opzettelijk in de fjord tot zinken werden gebracht om de vaargeul te blokkeren. Ze werden in 1962 geborgen en zijn tot op de spanten geconserveerd.
Naast het museum ligt een werf waar met historische technieken kopieën worden gebouwd, en in het zomerseizoen kun je meevaren op zo'n replica: je roeit en zeilt zelf mee, ongeveer een uur op de fjord. Entree ligt rond de 150 kronen, en de vaartochten kosten extra. Voor kinderen is dat meevaren het beste onderdeel van heel Seeland.
Kronborg staat op de smalste plek van de Sont
Foto: Heinz Klier / Pexels
In Helsingør, waar de Sont nog maar ongeveer 4 kilometer breed is, staat Kronborg. De vesting werd in de 16e eeuw gebouwd om de Sonttol te innen: elk schip dat de Oostzee in of uit voer, moest hier betalen, en dat leverde de Deense kroon eeuwenlang een groot deel van haar inkomsten op.
Het staat sinds 2000 op de werelderfgoedlijst en is bij Engelstaligen bekend als het Elsinore van Hamlet; in de zomer worden er stukken opgevoerd. Onder het kasteel liggen donkere kazematten waar je met een zaklamp doorheen loopt, met het beeld van Holger Danske. Entree rond de 165 kronen, ongeveer 22 euro.
Helsingør zelf is een havenstad met een droogdok vol museum
Naast het kasteel is de oude scheepswerf omgebouwd: het maritiem museum zit volledig ondergronds, in en om een droogdok, zodat het kasteel vrij zicht houdt. Je loopt er op hellende bruggen door de dokwanden.
Het stadje erachter heeft een middeleeuwse kern met kloostergebouwen; reken op een uur voor een rondje door het centrum. Vanaf de haven vaart elke twintig minuten een veerboot naar het Zweedse Helsingborg, in ongeveer twintig minuten; als voetganger kost dat enkele euro's en het is een goedkope manier om er een tweede land bij te doen. Tien kilometer zuidelijker, bij Humlebæk, ligt het Louisiana Museum of Modern Art met een beeldentuin die op de Sont uitkijkt; entree ligt rond de 160 kronen, ruim 21 euro, en je bent er twee uur.
Frederiksborg is het grootste renaissanceslot van Scandinavië
In Hillerød, op ongeveer 40 minuten van Kopenhagen, staat een slot dat over drie eilandjes in een meer is gebouwd, opgetrokken in rode baksteen met zandstenen versieringen. Christiaan IV liet het in het begin van de 17e eeuw bouwen.
Binnen zit het nationaal historisch museum, met portretten en historiestukken over vijf eeuwen; de slotkerk is een van de weinige delen die de brand van 1859 doorstonden. Erachter ligt een barokke tuin met terrassen en waterpartijen, gratis toegankelijk. Entree voor het slot ligt rond de 90 kronen; reken op twee tot drie uur.
Fredensborg is bewoond, en dat merk je
Op tien minuten van Hillerød ligt Fredensborg, dat de koninklijke familie in het voorjaar en het najaar gebruikt. Daardoor is het slot zelf alleen in juli te bezoeken, met rondleidingen, terwijl de tuin een groot deel van het jaar open is.
Die tuin loopt in een lange as naar het meer en heeft een zogeheten Normandsdal met tientallen stenen figuren van boeren en vissers uit de 18e eeuw. Het is gratis en zelden druk. Ga hier niet heen voor het interieur tenzij je in juli komt; dat is de veelgemaakte misrekening.
En de paleizen in de stad
In Kopenhagen zelf staan Christiansborg, waar tegenwoordig het parlement zit en waar je de ontvangstzalen en de ruïnes van de middeleeuwse burcht onder het gebouw kunt bezoeken, en Amalienborg, vier identieke paleizen rond een achthoekig plein waar de koninklijke familie woont.
Bij Amalienborg is de wisseling van de wacht dagelijks rond het middaguur en gratis te zien; de garde loopt erheen vanaf Rosenborg, het slot waar de kroonjuwelen liggen, en dat is een kwartier lopen door de Kongens Have. Entree voor Christiansborg ligt rond de 175 kronen voor een combikaart. Beide zijn met de trein vanaf Roskilde of Hillerød in een half uur te bereiken.
Buiten de paleizenroute liggen een krijtklif en een vikingburcht
Op ongeveer een uur zuidelijk van Kopenhagen eindigt Seeland bij Stevns Klint, een krijtwand van rond de 40 meter hoog die over 15 kilometer langs de zee loopt. De wand staat sinds 2014 op de werelderfgoedlijst om een dunne donkere laag klei halverwege: het spoor van de meteorietinslag die de dinosaurussen het einde bracht. Je loopt er vanaf de kerk van Højerup over trappen naar het strand en kunt de laag met je hand aanwijzen; de toegang is gratis.
Westelijk, bij Slagelse, ligt Trelleborg: een vikingringburcht van rond het jaar 980 met een wal die een perfecte cirkel van ongeveer 135 meter doorsnede vormt. Er staat een nagebouwd langhuis en een museum, voor rond de 100 kronen. Let op: van het kasteelcircuit bij Kopenhagen naar Stevns Klint is het 70 kilometer en naar Trelleborg 90, dus dit zijn aparte dagen en geen tussenstops.
Praktisch
Seeland is compact: Roskilde ligt 25 minuten met de trein van Kopenhagen, Hillerød 40 minuten en Helsingør 45. Met een dagkaart voor het regionale vervoer doe je er twee op een dag. Denemarken betaalt met kronen, ongeveer 7,5 kroon per euro, en vrijwel alles gaat per kaart.
Mei tot september is het aangenaamst, met de kasteeltuinen op hun mooist in juni en juli. Let op de openingstijden buiten het seizoen: verschillende sloten zijn dan alleen in het weekend of enkele middagen open, en Fredensborg is buiten juli sowieso gesloten. Eind juni en begin juli is Roskilde bovendien vol vanwege het muziekfestival.