Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Fietsroute langs de kust van Seeland
Foto: Mike Norris / Pexels
Seeland is met ongeveer 7.030 vierkante kilometer het grootste eiland van Denemarken en heeft een kustlijn van ruim 650 kilometer. De nationale route langs de noordkust loopt van Helsingør via Gilleleje naar Hundested en is ongeveer 60 kilometer lang, goed te doen in een dag. Het traject is vlak tot licht glooiend, met korte klimmetjes van hooguit 30 meter bij de kliffen rond Rågeleje. Onderweg liggen visserijhavens waar de rokerijen in het seizoen vanaf een uur of tien open zijn.
De bossen van Noord-Seeland te voet
Gribskov is met ongeveer 5.600 hectare een van de grootste bossen van Denemarken en ligt aan de westoever van het Esrum Sø, met 17 vierkante kilometer het op één na grootste meer van het land. Samen met Store Dyrehave vormt het sinds 2015 het werelderfgoedgebied van de parforcejachtlandschappen, herkenbaar aan de rechte lanen die in de zeventiende eeuw als sterpatroon werden aangelegd. De paden zijn het hele jaar vrij toegankelijk en er zijn geen slagbomen of openingstijden. In het Jægersborg Dyrehave bij Kopenhagen lopen volgens de bosbeheerder ongeveer 2.000 herten vrij rond op zo'n 11 vierkante kilometer.
Fietsen door de dorpen van het binnenland
Foto: Adriaan Westra / Pexels
Tussen Roskilde en Sorø rijd je door een landschap van akkers, kerkdorpen en boerderijen dat door de laatste ijstijd is gevormd. De hoogteverschillen blijven onder de 100 meter, maar de heuvels volgen elkaar snel op. Veel dorpskerken zijn romaans en dateren uit de twaalfde eeuw; ze zijn doorgaans overdag open buiten kerkdiensten om. Reken op ongeveer 60 kilometer tussen beide steden als je de rustige wegen aanhoudt.
Waar de krijtkliffen wel en niet liggen
De bekende krijtklif Møns Klint ligt niet op Seeland maar op het eiland Møn, ongeveer 140 kilometer ten zuiden van Kopenhagen en bereikbaar via de bruggen bij Farø. Het is bovendien geen nationaal park, maar sinds 2017 onderdeel van een erkend geopark. Op Seeland zelf ligt wel een krijtklif: Stevns Klint, ongeveer 65 kilometer ten zuiden van Kopenhagen, dat in 2014 op de werelderfgoedlijst kwam omdat in de wand de dunne laag zichtbaar is die het einde van het dinosauriërtijdperk markeert. De klif is ongeveer 15 kilometer lang en tot 40 meter hoog, met een pad langs de rand dat vrij toegankelijk is.
Wandelen langs de kastelen
Foto: Ivan Dražić / Pexels
Kronborg in Helsingør staat sinds 2000 op de werelderfgoedlijst en is in zijn huidige vorm tussen 1574 en 1585 gebouwd. Vanaf het station is het ongeveer 1 kilometer lopen naar de poort en een kaartje kost rond de 19 euro. Frederiksborg in Hillerød ligt op drie eilandjes in een meer en huisvest sinds 1878 het nationaal historisch museum; de barokke tuin erachter is gratis toegankelijk. Beide kastelen zijn doorgaans vanaf 10.00 uur open, in de winter met kortere tijden.
Een rondje rond Kopenhagen
Rond de hoofdstad ligt een fijnmazig net van fietspaden dat aansluit op de zogenoemde fietssnelwegen naar de voorsteden. Een rondje langs de havenfronten en de vestingwallen van Christianshavn beslaat ongeveer 20 kilometer en kost met stops een halve dag. Fietsen mogen buiten de spits mee in de S-tog tegen een klein bijbetaaltarief van rond de 2 euro. In het centrum geldt een maximumsnelheid van 15 kilometer per uur op de drukste fietsstroken.
Wandelen door het open land
Tussen de bossen ligt op Seeland veel open weide- en akkerland waar het pad vaak langs perceelranden loopt. In Denemarken mag je overdag over onverharde veldwegen lopen, ook als die over particulier land gaan, zolang je binnen 150 meter van bewoning blijft. Die regel maakt het mogelijk om routes te combineren die op de kaart doodlopen. Let op: die vrijheid geldt niet voor bewerkte akkers en tuinen, en na regen blijven de kleigronden hier dagenlang zwaar, dus neem laarzen mee.
De wijngaarden van Røsnæs
Op het schiereiland Røsnæs bij Kalundborg liggen enkele van de grootste wijngaarden van Denemarken, aangeplant vanaf ongeveer 2000 toen het klimaat wijnbouw hier rendabel maakte. Het schiereiland geldt volgens het meteorologisch instituut als een van de zonnigste plekken van het land, met ruim 1.700 zonuren per jaar. Proeverijen zijn er meestal in het weekend en in het seizoen dagelijks, tegen bedragen vanaf ongeveer 15 euro. Vanaf Kalundborg is het ongeveer 15 kilometer naar de punt van het schiereiland.
Roskilde te voet
De domkerk van Roskilde staat sinds 1995 op de werelderfgoedlijst en is de begraafplaats van bijna veertig Deense koningen en koninginnen. Op vijf minuten lopen ligt het scheepsmuseum met vijf vikingschepen die in 1962 uit de fjord bij Skuldelev zijn geborgen. Beide zijn doorgaans van 10.00 tot 16.00 uur open en een gecombineerd bezoek vult een dag. Vanaf Kopenhagen duurt de trein ongeveer 25 minuten.
Langs de vuurtorens van de noordkust
Bij Gilleleje staan op de kaap Nakkehoved twee vuurtorens, waarvan de oostelijke uit 1772 dateert en nog in bedrijf is. Vanaf het dorp is het ongeveer 2 kilometer lopen over het kustpad, met uitzicht over de Sont waar Zweden op heldere dagen op zo'n 20 kilometer zichtbaar is. Het bijbehorende museum is in het seizoen enkele middagen per week open tegen een klein bedrag. Verder westelijk staat de vuurtoren van Spodsbjerg bij Rørvig, bereikbaar over een pad door de duinen.