Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Engeland is niet hetzelfde als Groot-Brittannië
Het Verenigd Koninkrijk bestaat uit vier landsdelen; Engeland is er daar één van, naast Schotland, Wales en Noord-Ierland. Wie een rondreis plant, moet weten dat de Schotse en Welshe landsdelen eigen wetten, eigen prijzen en eigen musea kennen.
Engeland zelf beslaat ongeveer 130.000 vierkante kilometer met 57 miljoen inwoners. Je betaalt met ponden. Dit artikel loopt van Londen naar het platteland, met entreeprijzen, reistijden en de kosten waar mensen op stukbijten.
De beste musea van Londen kosten niets
Het British Museum in Bloomsbury, het Natural History Museum, het Science Museum en de National Gallery zijn allemaal gratis; je geeft alleen een vrijwillige bijdrage. Dat scheelt met een gezin tientallen ponden per dag.
Wat wel geld kost, is de Tower of Londen aan de Theems: rond de 35 pond, en online is het goedkoper dan aan de kassa. Westminster Abbey naast het parlement kost rond de 30 pond, en de London Eye ongeveer evenveel. Reken op twee tot drie uur per museum. Let op: bij de gratis musea moet je tegenwoordig ook vaak een tijdslot reserveren, ook al betaal je niets. Gratis is ook Borough Market, waar je tussen de kramen eet voor 8 tot 15 pond.
Met de auto Londen in kost je dagelijks bijna dertig pond
In het centrum geldt op werkdagen een tolheffing van rond de 15 pond per dag. Daarnaast geldt sinds augustus 2023 in alle Londense stadsdelen een milieuheffing van 12,50 pond per dag voor auto's die niet aan de norm voldoen, en dat geldt ook voor buitenlandse kentekens.
Er wordt met camera's gecontroleerd en boetes komen maanden later thuis. Laat de auto dus staan en neem de trein: vanaf de meeste steden ben je in een tot twee uur op een Londens station zoals Paddington, en in de stad zelf reis je met een Oyster Card, bankpas of telefoon aan het poortje.
Voor Stonehenge reserveer je een tijdslot
Honderdveertig kilometer ten westen van Londen staat in Wiltshire de bekendste prehistorische steencirkel van Europa, opgericht tussen ongeveer 3000 en 2000 voor Christus en beheerd door English Heritage. Met de auto rijd je er in twee uur heen.
Entree kost 26 tot 33 pond en reserveren met een tijdslot is verplicht; reken op twee uur inclusief het bezoekerscentrum en de pendelbus. Let op: je loopt op een pad om de stenen heen en komt er niet tussen; dat kan alleen bij aparte openstellingen buiten de gewone uren, die maanden vooruit vol zitten.
Een jaarpas voor de landhuizen verdient zich in vijf bezoeken terug
De National Trust en English Heritage beheren samen ruim 900 kastelen, landhuizen en tuinen; de National Trust telt volgens de eigen jaarcijfers meer dan 5 miljoen leden. Losse entree kost doorgaans 15 tot 25 pond per persoon, terwijl een jaarlidmaatschap rond de 90 pond kost en ook het parkeren dekt.
Wie op een rondreis meer dan vier of vijf van die plekken bezoekt, is met een pas goedkoper uit, en met een gezinspas nog eerder. Koop hem online voor vertrek; de meeste huizen zijn van 10.00 tot 17.00 uur open en in de winter maar op enkele dagen per week. Let op: de twee organisaties erkennen elkaars pas niet, dus kijk vooraf welke van de twee de huizen op je route beheert. Blenheim Palace bij Oxford en Windsor Castle vallen onder geen van beide en rekenen apart.
Het Lake District is het grootste nationale park
Het merengebied in Cumbria beslaat ruim 2.300 vierkante kilometer met Scafell Pike als hoogste berg van Engeland op 978 meter en zestien grote meren. Volgens UNESCO staat het sinds 2017 op de werelderfgoedlijst, om het samenspel van schapenhouderij en landschap.
Toegang tot het park is gratis; wandelen kost niets. Let op het parkeren: bij de populaire startpunten staan de plaatsen om 9.00 uur al vol en kost een dag 8 tot 12 pond, contant of via een app die zonder Brits nummer soms niet werkt. Vanaf Londen rijd je er vijf uur heen. Oostelijker liggen de Yorkshire Dales en het Peak District bij Edale, waar de Pennine Way begint.
De kalkstenen dorpen van de Cotswolds liggen tussen Oxford en Bath
Dit heuvelgebied van ongeveer 2.000 vierkante kilometer in Gloucestershire en Oxfordshire telt tientallen dorpen die vrijwel volledig uit dezelfde honingkleurige kalksteen zijn opgetrokken, omdat die hier in de bodem zit. Bibury met de rij weverswoningen Arlington Row, Chipping Campden, Castle Combe en Lacock zijn de bekendste.
Rondlopen kost niets, maar parkeren kost in de bekendste dorpen 3 tot 6 pond. Reken op twee dagen om er iets van te zien. Openbaar vervoer is hier schaars: bussen rijden een paar keer per dag en op zondag vaak niet. Dit is het deel van Engeland waar je werkelijk een auto nodig hebt, of een georganiseerde tocht vanuit Oxford of het Georgische Bath.
In Cornwall ligt een berg die twee keer per dag een eiland is
Voor de kust bij Marazion staat St Michael's Mount, een rots met een klooster erop, verbonden met het vasteland door een geplaveid pad dat bij laag water droogvalt en bij hoog water onder de zee verdwijnt.
Entree tot het kasteel kost rond de 18 pond en het is doorgaans van zondag tot vrijdag van 9.30 tot 17.00 uur open; bij hoog water vaart een bootje van 5 minuten voor enkele ponden. Kijk het getij na voordat je gaat, want de tijden verschuiven elke dag. Verderop in dezelfde streek liggen bij een oude kleigroeve twee grote koepels met een regenwoud en een mediterrane tuin erin; entree daar kost rond de 40 pond. Penzance en St Ives liggen op een half uur, en oostelijker begint in Dorset de Jurassic Coast.
Praktisch
Vanuit Nederland vlieg je in een uur naar Heathrow of Gatwick, of je neemt de trein onder het Kanaal door in vier uur naar Londen. Voor een reis naar het Verenigd Koninkrijk heb je sinds 2021 een paspoort nodig; een identiteitskaart volstaat niet meer. Sinds 2025 moeten reizigers uit de EU bovendien vooraf een digitale reistoestemming aanvragen, die enkele tientjes kost en jaren geldig is; regel die voor vertrek. Er wordt links gereden en de plattelandsweggetjes zijn vaak één auto breed met uitwijkplaatsen.
Mei tot september geeft 15 tot 24 graden en de meeste zon. Treinkaartjes zijn twee tot drie keer zo duur als je ze op de dag zelf koopt; boek weken vooruit voor een vaste trein. Regen kan in elke maand vallen, ook in juli. In het noorden liggen York met zijn Minster, Durham en de Romeinse Hadrian's Wall in Northumberland op een dag rijden van Londen.