Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Hongarije › Vakantie in Hongarije, het land van thermale baden en natuur
Bestemming 8 min lezen

Vakantie in Hongarije, het land van thermale baden en natuur

Robin van den Bosch
Robin van den Bosch Redacteur · 27 mei 2025

Onder Hongarije zit warm water in bijna het hele land

Hongarije ligt op een bekken met een dunne aardkorst; volgens de geologische dienst komt op meer dan duizend plaatsen warm grondwater omhoog, waarvan er ruim honderd voor baden worden gebruikt. Dat is voor een land ter grootte van Midden-Europa's kleinere staten uitzonderlijk veel. Dat verklaart de badcultuur, die de Romeinen begonnen en de Ottomanen voortzetten. Dit artikel behandelt de baden en de natuur, met entreeprijzen, temperaturen en afstanden.

Het Széchenyi-bad in Boedapest heeft achttien bassins

In het Városliget, het stadspark van Boedapest, ligt het gele Széchenyi-bad uit 1913 met achttien binnen- en buitenbaden; het water komt uit een bron van rond de 75 graden en wordt gemengd tot 27 tot 38 graden. Een dagkaart kost 10.000 tot 13.000 forint, ongeveer 25 tot 33 euro, en het is dagelijks van 7.00 tot 20.00 uur open. Reken op drie uur. De buitenbaden zijn ook in de winter open; dan zit je in de damp terwijl het vriest en spelen er mannen schaak op drijvende borden.

Twee baden in de stad dateren nog uit de Ottomaanse tijd

De Rudas-baden aan de voet van de Gellértberg en de Király-baden in Buda hebben een achthoekig bassin onder een koepel met gaten waar daglicht doorheen valt, gebouwd in de zestiende eeuw toen de stad Ottomaans was. Entree kost 5.000 tot 12.000 forint naar dag en tijdstip. Let op: bij de Rudas-baden zijn er nog altijd dagen alleen voor mannen en dagen alleen voor vrouwen; kijk het rooster na voordat je gaat. In het weekend zijn ze tot middernacht open. Wie liever art nouveau wil: de Gellért-baden uit 1918 liggen op tien minuten lopen en hebben een hal met glas-in-lood en Zsolnay-tegels.

Het Balatonmeer is ondiep en warm

Het Balatonmeer in het westen beslaat ongeveer 594 vierkante kilometer en is gemiddeld maar 3,3 meter diep; daardoor haalt het water in juli en augustus 24 tot 27 graden. Het is daarmee het grootste meer van Midden-Europa. Strandbaden kosten 1.000 tot 3.000 forint per persoon en zijn van 8.00 tot 19.00 uur open. Aan de zuidoever bij Siófok waad je honderden meters voordat het water tot je middel komt, wat het met kinderen aangenaam maakt. De noordoever is dieper en heuvelig, met het schiereiland Tihany en de wijngaarden van de Badacsony-regio op uitgedoofde vulkanen.

De Hortobágy is de grootste grasvlakte van Europa

De poesta van de Hortobágy op de Grote Laagvlakte geldt als de grootste aaneengesloten natuurlijke graslandvlakte van het continent en staat sinds 1999 op de UNESCO-werelderfgoedlijst. Er loopt een negenbogige stenen brug uit 1833, het symbool van de streek. Entree tot de bezoekersdelen kost 2.000 tot 5.000 forint en er rijden huifkarren naar de kudden Hongaarse grijze runderen, racka-schapen met rechte gedraaide hoorns en mangalica-varkens met hun krullende vacht. In oktober en november strijken hier tienduizenden kraanvogels neer; dat is het drukste natuurmoment van het land.

De grotten bij Aggtelek lopen door tot in Slowakije

In het noordoosten ligt bij Aggtelek het Baradla-Domica-stelsel, een grottenstelsel van in totaal ruim 25 kilometer dat onder de grens door doorloopt; het staat sinds 1995 samen met het Slowaakse deel op de werelderfgoedlijst. Rondleidingen kosten 3.500 tot 7.000 forint en voeren over routes van 1 tot 7 kilometer. Het is er het hele jaar rond de 10 graden en vochtig; neem een jas en stevige schoenen mee, ook in augustus. In de grote zaal worden concerten gegeven vanwege de akoestiek.

Bij Eger ligt een dal vol wijnkelders

Vlak bij Eger ligt de Szépasszonyvölgy, de Vallei van de Mooie Vrouw, waar tientallen wijnkelders in de tufsteen zijn uitgehakt; je loopt van kelder naar kelder en proeft bij de maker zelf. Een glas kost 300 tot 800 forint en een fles 2.000 tot 6.000 forint. De kelders draaien doorgaans van 11.00 tot 20.00 uur. De bekendste wijn is de Egri Bikavér, het Stierenbloed, dat zijn naam dankt aan een verhaal over de belegering van 1552, toen István Dobó met een handvol verdedigers het kasteel tegen een Ottomaans leger hield. Dat kasteel is te bezoeken voor 2.500 tot 4.000 forint, en in de stad staat de tweede basiliek van het land.

Het Bükk-gebergte is bosrijk en niet hoog

Het Bükk-gebergte in het noorden komt met de Istállós-kő tot 959 meter en is vrijwel geheel bebost, met kloven, watervallen en een smalspoortreintje dat vanaf Lillafüred het dal in rijdt. Toegang tot de paden is gratis; het treintje kost 1.500 tot 3.000 forint retour. Reken op routes van 6 tot 15 kilometer met 300 tot 600 hoogtemeters. Dit is het koelste deel van het land in de zomer, met 5 tot 8 graden minder dan in de vlakte. In de Szeleta-grot zijn werktuigen van neanderthalers gevonden.

In de Donauknie draait de rivier honderdtachtig graden

Ten noorden van Boedapest breekt de Donau door de Pilis-heuvels en maakt daarbij een scherpe bocht. Aan die knie liggen Szentendre, een kunstenaarsstadje met barokke gevels op 20 kilometer van de hoofdstad, en Visegrád met de paleisruïnes van koning Matthias en de Citadel op 300 meter boven het water. Szentendre bereik je met de voorstadstrein in veertig minuten voor rond de 1.000 forint; de Citadel kost 2.000 tot 3.500 forint entree. Aan de rand van Szentendre ligt het Skanzen, het grootste openluchtmuseum van het land, met complete dorpsstraten uit alle streken; reken daar een halve dag voor en op 3.000 tot 4.000 forint entree.

Pécs heeft een moskee die nu een kerk is

Op het Széchenyi tér in Pécs staat de moskee van Pasha Qasim, in de zestiende eeuw opgetrokken en later tot katholieke kerk omgebouwd; de koepel en de gebedsnis zijn nog te zien, met christelijke beelden ernaast. Entree kost 1.500 tot 3.000 forint. In dezelfde stad liggen vroegchristelijke grafkamers uit de vierde eeuw die sinds 2000 op de werelderfgoedlijst staan, met entree van 2.000 tot 4.000 forint. Verder staat er het kwartier van de Zsolnay-fabriek, bekend van het glanzende keramiek op de daken in het hele land, en een museum voor Victor Vasarely, die hier geboren werd. Reken op een dag voor de stad.

Praktisch

Vanuit Nederland rijd je in elf tot dertien uur; vliegen naar Boedapest duurt twee uur. Hongarije betaalt met de forint en niet met de euro: reken op rond de 400 forint voor een euro en pin ter plekke in plaats van te wisselen op straat. Een goulash in een dorpsrestaurant kost 2.500 tot 4.000 forint. Op de snelweg heb je een digitaal vignet nodig, rond de 15 euro voor tien dagen; dat koop je online of bij een tankstation, want er staan geen tolpoorten en de controle gaat via kentekencamera's. Mei tot september geeft 22 tot 32 graden, met droge hitte in juli en augustus en onweersbuien in de namiddag.
Robin van den Bosch
Over de auteur
Robin van den Bosch

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Robin van den Bosch →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine