Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
In Rjukan hangen spiegels op de berg om zonlicht in het dal te krijgen
Rjukan ligt zo diep tussen de bergen van de Telemark-regio dat de zon er van september tot maart niet in het dal komt. Sinds 2013 staan er volgens de gemeente hoog op de helling drie draaibare spiegels die een lichtvlek van ongeveer 600 vierkante meter op het marktplein werpen.
Dat is typerend voor deze streek: bergen, water en techniek door elkaar. Dit artikel behandelt de meren, de bergen en het industriële erfgoed van Telemark, met prijzen, seizoenen en afstanden.
Naar de Gaustatoppen gaat een kabelbaan ín de berg
De Gaustatoppen komt tot 1.883 meter en heeft binnenin een tunnel van ruim een kilometer met een kabelspoortje, de Gaustabanen, die het leger in de jaren vijftig aanlegde voor een radarpost en die sinds 2010 voor publiek open is.
Een retour kost 500 tot 700 kronen en de baan draait van juni tot oktober. Wie loopt, doet er twee tot drie uur over vanaf de parkeerplaats bij Stavsro, met ongeveer 700 hoogtemeters over blokkenveld. Bij helder weer zie je van boven volgens de plaatselijke toeristendienst een zesde deel van het vasteland van Noorwegen liggen, tot ver in Zuid-Noorwegen.
Het Telemark-kanaal met achttien sluizen ging in 1892 open
Het Telemark-kanaal loopt over ongeveer 105 kilometer van Skien naar het Bandak-meer, verbindt meren met elkaar en overbrugt met achttien sluizen 72 hoogtemeters. Bij de opening werd het het achtste wereldwonder genoemd, en de Vrangfoss-sluis met zijn vijf kamers is nog altijd het indrukwekkendste punt.
Er varen oude passagiersschepen overheen, waarvan er een uit 1882 stamt. Een tocht van vier tot elf uur kost 600 tot 1.100 kronen en ze varen van mei tot september. Je kunt ook een deel varen en met de bus terug, wat de dag beter behapbaar maakt; fietsen mee aan boord kan tegen bijbetaling.
De waterkrachtcentrale Vemork is werelderfgoed
Bij Rjukan staat Vemork, een centrale uit het begin van de twintigste eeuw waar Norsk Hydro zwaar water produceerde. In februari 1943 werd de fabriek door een sabotageactie uitgeschakeld om het Duitse atoomprogramma in de Tweede Wereldoorlog te vertragen.
De centrale en de fabrieksstad staan sinds 2015 als Rjukan-Notodden op de werelderfgoedlijst. Het industriearbeidersmuseum vraagt 150 tot 200 kronen entree en is van mei tot september dagelijks open, daarbuiten beperkt; reken op twee uur. De route die de saboteurs door de kloof van de Måna maakten, is als wandelroute uitgezet en kost een halve dag.
De Heddal stavkirke is de grootste van het land
Bij Notodden staat de Heddal stavkirke, een houten kerk uit ongeveer 1250 die met ruim vijfentwintig meter hoogte als de grootste staafkerk van Noorwegen geldt. Ze is in de negentiende eeuw ingrijpend hersteld, wat aan de binnenkant goed te zien is.
Entree kost 100 tot 150 kronen en de kerk is van mei tot september dagelijks open; in de winter alleen voor diensten. Reken op een uur. Ernaast ligt een klein openluchtmuseum met boerderijgebouwen uit de streek, dat bij hetzelfde kaartje hoort.
Het moderne skiën komt uit Morgedal
In Morgedal in het westen woonde in de negentiende eeuw Sondre Norheim, de boer die de skibinding verbeterde en daarmee de basis legde voor de Telemark-stijl en het skiën zoals dat nu gaat. Vanaf hier is het olympische vuur meerdere keren ontstoken.
Er is een museum over die geschiedenis met entree van rond de 150 kronen, doorgaans in het zomerseizoen open. In de winter liggen er langlaufsporen en kleine liften rond Morgedal en op het Lifjell. Dit is geen groot skigebied: wie pistes zoekt, zit in andere delen van het land beter.
De Hardangervidda is de grootste hoogvlakte van Europa
Aan de noordrand van Telemark begint de Hardangervidda, ongeveer achtduizend vierkante kilometer groot, waarvan een deel Nationaal Park is. Er leeft de grootste populatie wilde rendieren van Europa, en de vlakte loopt door tot aan Haukeli in het westen.
Wandelen kost niets en overnachten in een berghut van de Noorse trekkingvereniging kost 400 tot 900 kronen. Let op dat er geen beschutting en geen bereik is en dat het weer binnen een uur omslaat. Ga niet zonder kaart, kompas en warme kleding het plateau op, ook niet in juli, en volg de gemarkeerde routes. Aan de overkant van de vlakte, al in Hordaland, stort de Vøringsfossen 182 meter naar beneden.
De meren in het zuiden zijn warm genoeg om te zwemmen
In Nissedal liggen het Nisser-meer bij Vrådal en Treungen en oostelijker het Seljord-meer, waar het water in juli en augustus 18 tot 21 graden haalt, met zandstrandjes en steigers. Over het Seljord-meer gaat al eeuwen het verhaal van Selma, een slangachtig meerwezen waarvan zelfs een expeditie de sonar heeft uitgeworpen.
Toegang is doorgaans gratis en kanoverhuur kost 300 tot 500 kronen per dag. Het recht om vrij in de natuur te verblijven geldt hier: kamperen mag buiten aangelegde terreinen, mits je minstens 150 meter van huizen blijft en na twee nachten verplaatst. Open vuur is van 15 april tot 15 september in bos en veld verboden, en daar wordt streng op gehandhaafd.
Praktisch
Vanaf Oslo rijd je er in twee tot drie uur naartoe; vanuit Nederland vlieg je in anderhalf uur op Oslo of neem je de veerboot naar het zuiden van het land. Noorwegen rekent in kronen en vrijwel alles gaat met de kaart; tol wordt automatisch via het kenteken afgerekend. Tussen de dorpen in de dalen rijden weinig bussen, dus een auto is hier praktisch noodzakelijk.
Juni tot september is het zomerseizoen met 15 tot 24 graden, waarin de kabelbaan, de boten en de musea draaien. In de winter ligt er sneeuw en zijn de hoge wegen over Haukeli en Åmotsdal soms dicht, terwijl de langlaufsporen en de spiegels boven Rjukan dan juist hun werk doen.