Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Slovenië › Trbovlje › Trbovlje, industriële cultuur en groene transformatie
Bestemming 8 min lezen

Trbovlje, industriële cultuur en groene transformatie

Jorrit Drenth
Jorrit Drenth Redacteur · 27 mei 2025

De schoorsteen van Trbovlje is 360 meter hoog en staat er nog

In het Zasavje-dal in Midden-Slovenië werd in 1976 bij de kolencentrale een schoorsteen van 360 meter gebouwd, om de rook boven de dalrand uit te krijgen. Volgens de gemeente is het nog altijd de hoogste schoorsteen van Europa. De centrale zelf is in 2014 stilgelegd en de kolenwinning is daarna afgebouwd. Wat overblijft is een stad die zichzelf opnieuw aan het uitvinden is. Dit artikel behandelt wat er te zien en te doen is, met afstanden, prijzen en openingstijden.

De stad ligt in een dal van driehonderd meter breed

Het dal van de Trboveljščica, die even verderop in de Sava uitkomt, is zo smal dat de huizen tegen de hellingen zijn gebouwd en de straten de rivier volgen. Dat verklaart waarom hier alles langgerekt is: de stad meet enkele kilometers in de lengte en nauwelijks iets in de breedte. Rondlopen is gratis en kost een uur, met de Sint-Martinuskerk als herkenningspunt. Vanaf Ljubljana ben je er in een uur met de auto over 50 kilometer, of in ruim een uur met de trein voor rond de 5 euro. Het station ligt aan de rand van het centrum.

De mijngeschiedenis zie je hier bovengronds

Het streekmuseum toont de geschiedenis van tweehonderd jaar kolenwinning in het Zasavje, met werktuigen, foto's en verhalen van mijnwerkersfamilies. Entree kost enkele euro's en het is doorgaans van dinsdag tot zaterdag open. Let op dat het grote museum waar je met een lift ondergronds gaat en door echte gangen loopt niet hier maar in Velenje ligt, ruim zestig kilometer noordelijker. Wie die ervaring zoekt, moet daarheen; reken op anderhalf uur rijden enkele reis. De buurplaatsen Zagorje en Hrastnik hebben elk hun eigen mijnverleden en liggen op tien tot vijftien kilometer.

Het Delavski dom uit de jaren vijftig is nu een cultuurhuis

In het centrum staat het Delavski dom, een groot cultuurgebouw dat in de jaren vijftig voor de mijnwerkers werd neergezet, met een theaterzaal en tentoonstellingsruimten. Er worden voorstellingen, exposities en een festival over nieuwe media gehouden. Kaarten kosten 5 tot 20 euro en het programma loopt vooral van september tot juni. Uit Trbovlje komt bovendien de groep Laibach, die hier in 1980 begon en die met de bredere Sloveense kunstbeweging eromheen internationaal bekend werd; de industriële esthetiek daarvan is in de stad zelf goed te plaatsen.

Boven het dal ligt de Kum, de hoogste top van de streek

Ten zuiden van de stad ligt de Kum, met ongeveer 1.220 meter de hoogste berg van het Zasavje en het symbool van de streek. Er staan een kerkje en een berghut op de top, met uitzicht tot aan de Kamnik-Savinja-Alpen bij helder weer. De klim vanaf het dal is 700 tot 900 hoogtemeters en kost drie tot vier uur heen en terug; wandelen is gratis. De berghut serveert soep en is doorgaans in het weekend open. In de winter ligt hier sneeuw en zijn de paden glad, dus stevige schoenen zijn dan noodzaak.

Langs de Sava loopt een pad door het dal

Langs de Sava, waar de mijnplaatsen van het Zasavje aan liggen, is een wandel- en fietspad aangelegd dat ze met elkaar verbindt. Het is vlak en grotendeels verhard. Wandelen en fietsen zijn gratis en een tocht van 10 tot 15 kilometer is hier normaal. Op de hellingen erboven staan houten uitkijktorens die de laatste jaren zijn gebouwd om het dal vanaf hoogte te laten zien. Ze zijn vrij toegankelijk en het hele jaar open.

De hellingen zijn na de mijnbouw weer volgelopen met bos

Doordat de zware industrie grotendeels is verdwenen, is de lucht in het dal aanzienlijk schoner dan in de jaren tachtig en zijn de hellingen weer beboste wandelgebieden geworden. Er lopen gemarkeerde routes van 5 tot 15 kilometer, met stijgingen van 300 tot 700 meter, en die zijn gratis. Het is geen ongerepte natuur, want je komt oude mijngangen, betonnen resten en verzakkingen tegen. Blijf van afgesloten terreinen af, want boven verlaten mijngangen kan de grond zakken.

Eten en slapen zijn hier goedkoper dan in de hoofdstad

De streekkeuken draait om zware kost die uit de mijnbouw stamt: bonenschotels, gerookt vlees en potica, de gevulde rol met noten of kwark. Een maaltijd kost 10 tot 18 euro per persoon. Een kamer of appartement kost 40 tot 80 euro per nacht, tegen aanzienlijk meer in Ljubljana. Dat maakt dit dal een bruikbare uitvalsbasis voor wie de hoofdstad en de bergen wil combineren zonder in het centrum te betalen. Slovenië betaalt met de euro.

Praktisch

Vanuit Nederland vlieg je in ongeveer twee uur op Ljubljana en met de auto ben je elf tot dertien uur onderweg. Vanaf de hoofdstad rijden treinen elk uur door het dal, met een reistijd van ruim een uur. Voor de snelwegen heb je een vignet nodig, dat vanaf ongeveer 16 euro voor een week te koop is. April tot oktober is het aangenaamste seizoen met 15 tot 27 graden. In de winter blijft de mist in het dal soms dagen hangen terwijl het op de bergtoppen erboven zonnig is, en dat is het moment om te klimmen. In juli en augustus is het in het dal warm en benauwd.
Jorrit Drenth
Over de auteur
Jorrit Drenth

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Jorrit Drenth →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine