Zwitserland is het enige land waar de trein de bestemming is
Zwitserland heeft ruim 5.000 kilometer spoor door een land dat kleiner is dan Nederland en Belgie samen, met tandradbanen die tegen wanden van 48 procent op klimmen en panoramatreinen die over viaducten van honderd meter hoog rijden. De trein is hier geen manier om ergens te komen maar de reden om te gaan.
Dit artikel zet de mooiste trajecten op een rij, met de tijden, de kosten en de keuze wanneer u gaat.
De Glacier Express is de traagste sneltrein ter wereld
De Glacier Express rijdt in ongeveer acht uur van Zermatt naar St. Moritz, over 291 bruggen, door 91 tunnels en via de Oberalppas op 2.033 meter. De bijnaam traagste sneltrein slaat op het gemiddelde van zo'n 35 kilometer per uur, en dat is precies de bedoeling.
Reserveren is verplicht: bovenop het treinkaartje komt een toeslag die volgens de vervoerder in het hoogseizoen rond de 49 euro ligt, plus zo'n 45 euro voor een lunch aan tafel. De panoramarijtuigen hebben ramen die doorlopen in het dak. Houd er rekening mee dat die ramen niet open kunnen; wie wil fotograferen zonder reflectie, neemt beter een gewone regionale trein over hetzelfde traject.
De Bernina-lijn is werelderfgoed en gaat het hoogst
De lijn van Chur via de Berninapas naar het Italiaanse Tirano staat sinds 2008 op de werelderfgoedlijst van UNESCO, samen met de Albula-lijn. Hij klimt zonder tandrad naar 2.253 meter op Ospizio Bernina, het hoogste punt dat een gewone spoorlijn in de Alpen bereikt, en daalt daarna in ruim 1.800 meter naar de palmen van Tirano.
Onderweg passeert u de Landwasserviaduct, een boog van 65 meter hoog die recht een rotswand in loopt, en het Brusio-spiraalviaduct waar de trein een volledige cirkel om zichzelf draait. De Bernina Express kost met toeslag rond de 32 euro extra; de gewone regiotreinen op dezelfde rails rijden zonder toeslag en stoppen vaker.
De GoldenPass verbindt drie taalgebieden
De GoldenPass Line loopt van Luzern via Interlaken en Zweisimmen naar Montreux aan het Meer van Genève, in totaal zo'n zes uur met twee overstappen. Onderweg gaat u van Duitstalig Centraal-Zwitserland naar het Franstalige meergebied, langs meren, weiden en wijnterrassen.
Sinds eind 2022 rijdt de GoldenPass Express in één keer van Interlaken naar Montreux dankzij een wielstel dat onder de trein van spoorbreedte wisselt, iets wat volgens de bouwers nergens anders ter wereld rijdt. Dat scheelt de overstap in Zweisimmen en duurt ruim drie uur.
Jungfraujoch is het hoogste station van Europa
Vanaf Interlaken klimt u via Grindelwald of Lauterbrunnen naar Kleine Scheidegg, en daar begint de Jungfraubahn die sinds 1912 dwars door de Eiger en de Mönch omhoog boort naar het Jungfraujoch op 3.454 meter. De tunnel is ruim 7 kilometer lang en het station heet niet voor niets Top of Europe.
Dit is de duurste treinrit van het land: een retour vanaf Interlaken kost al gauw 210 euro, met korting op de vroegste afvaarten en met de Zwitserse abonnementen. Boven kijkt u op de Aletschgletsjer, met bijna 23 kilometer de langste van de Alpen. Houd er rekening mee dat het op die hoogte al snel 15 graden kouder is dan beneden en dat de dunne lucht merkbaar is.
De Gotthard Panorama Express combineert boot en trein
Deze route begint met een raderstoomboot over het Vierwaldstättermeer van Luzern naar Flüelen, ongeveer drie uur, en gaat daarna per panoramatrein over de historische Gotthard-bergroute naar Bellinzona en Lugano.
Het bijzondere zit in de klim: om hoogte te winnen draait de spoorlijn drie keer in een spiraaltunnel om zichzelf heen, waardoor u de kerk van Wassen volgens de spoorwegen drie keer op verschillende hoogtes ziet. Sinds de basistunnel van 57 kilometer in 2016 openging, rijden de sneltreinen eronderdoor en is de oude bergroute vrijgekomen voor deze rustige toeristische dienst; het gecombineerde ticket ligt rond de 90 euro.
De Arosa-lijn en de Centovalli zijn de kleine parels
Van Chur naar Arosa duurt maar een uur, maar in die tijd klimt de trein ruim 1.150 meter en begint hij dwars door de straten van Chur, tussen auto's en voetgangers door, voordat hij het Schanfigg-dal in duikt over het Langwieser-viaduct van 284 meter. Er is geen toeslag en het is een van de goedkoopste manieren om een echte bergrit te maken.
De Centovalli-bahn rijdt in twee uur van Locarno naar het Italiaanse Domodossola door het dal van de honderd valleien, over 83 bruggen en langs kastanjebossen en watervallen. In oktober kleurt het dal roodbruin en is dit de mooiste najaarsrit van het land.
Tandradbanen halen wat gewone treinen niet kunnen
De Pilatusbahn bij Luzern is met een helling van maximaal 48 procent de steilste tandradbaan ter wereld, in bedrijf sinds 1889 en alleen open van ongeveer mei tot november omdat er in de winter te veel sneeuw ligt. De rit duurt een half uur en de gouden route met boot, tandradbaan en kabelbaan kost rond de 80 euro.
Andere klassiekers: de Gornergratbahn bij Zermatt naar 3.089 meter met zicht op de Matterhorn, de Rigi-bahn als oudste bergspoor van Europa uit 1871, en de Schynige Platte-bahn met houten rijtuigen uit 1893. Zulke ritten duren doorgaans 30 tot 45 minuten en kosten 40 tot 100 euro.
Voralpen en Lötschberg zijn de gratis alternatieven
De Voralpen-Express rijdt in ruim twee uur van St. Gallen naar Luzern langs het Zürichmeer, het klooster van Einsiedeln en de heuvels van Centraal-Zwitserland, zonder enige toeslag. Hetzelfde geldt voor de Lötschberg-bergroute van Spiez naar Brig, waar de oude lijn hoog tegen de dalwand kleeft met uitzicht op de Berner Alpen, terwijl de sneltreinen door de basistunnel eronder verdwijnen.
Dat is de belangrijkste tip van dit artikel: bijna elke beroemde panoramaroute wordt ook bediend door gewone regionale treinen over precies dezelfde rails. Die hebben ramen die open kunnen, kosten geen toeslag en u kunt onderweg uitstappen.
Zo kiest u een pas en een seizoen
Zwitserland betaalt met franken, reken zo'n 1,05 franken per euro. De Swiss Travel Pass geeft onbeperkt reizen met trein, bus en boot en kost voor 4 dagen rond de 265 euro, met korting van 25 tot 50 procent op de meeste bergbanen; vanaf ongeveer drie panoramaritten verdient hij zichzelf terug.
Juni tot september geeft de bloeiende weiden, de open bergpassen en alle bergbanen in bedrijf. Oktober is voor de herfstkleuren in het Centovalli en Ticino. In de winter rijden de hoofdlijnen gewoon door sneeuwlandschap, maar zijn Pilatus en enkele hooggelegen banen dicht; controleer dat vooraf, want een gesloten baan is de klassieke misrekening.