Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Van Niagara Falls naar Algonquin is zeshonderd kilometer
De hoogtepunten van Ontario liggen op één lijn: Niagara Falls in het zuiden, dan Toronto, Kingston met de Thousand Islands, Ottawa en tot slot Algonquin Provincial Park. Van de eerste tot de laatste stop rijd je ongeveer 600 kilometer.
Reken op tien tot veertien dagen. Dit artikel loopt de lijn af met entreeprijzen, rijtijden en de beste tijdstippen per stop, plus de plekken waar je beter kunt doorlopen.
Bij Niagara Falls ben je voor tien uur het beste af
De Horseshoe Falls is 57 meter hoog en ruim 670 meter breed en krijgt het grootste deel van het water; aan de Amerikaanse kant vallen daarnaast de American Falls en de smalle Bridal Veil Falls. Voor tien uur 's ochtends staan er nog geen rijen en hangt de zon goed.
De boot van Niagara City Cruises, die sinds 2022 de plaats van Hornblower innam, vaart voor rond de 33 dollar tot onder de hoefijzerval. Journey Behind the Falls brengt je via tunnels bij Table Rock Welcome Centre achter de watermassa voor rond de 24 dollar. Let op: Clifton Hill achter de vallen is een neonstraat met spookhuizen en de SkyWheel, en wie daar niets zoekt, mist niets. Het uitzicht vanaf de Skylon Tower op 236 meter kost rond de 19 dollar.
De Niagara Parkway is mooier dan de stad
Vanaf de vallen loopt de Niagara Parkway 55 kilometer langs de rivier naar Niagara-on-the-Lake, een stadje uit de negentiende eeuw tussen de wijngaarden waar ijswijn van bevroren druiven wordt gemaakt. Proeverijen kosten er 15 tot 30 dollar.
Onderweg ligt Niagara Glen Nature Reserve, waar je via een trap in de kloof daalt naar vier kilometer paden tussen rotsblokken langs het groene water; toegang is gratis. Iets verderop hangt de Whirlpool Aero Car uit 1916 boven de draaikolk in de rivier, voor rond de 19 dollar. Die kabelbaan rijdt alleen van maart tot november en valt bij harde wind uit.
Toronto is de stedelijke tussenstop
Van de vallen naar Toronto is het 130 kilometer, anderhalf uur rijden. De CN Tower meet 553,3 meter en was tot 2007 het hoogste vrijstaande bouwwerk ter wereld; een kaartje kost rond de 46 dollar. Naar de autovrije Toronto Islands vaart de veerboot in een kwartier voor rond de 9 dollar retour.
Twee tot drie dagen zijn genoeg. Het Royal Ontario Museum is met ruim zes miljoen objecten het grootste museum van Canada en vraagt rond de 26 dollar entree; de Art Gallery of Ontario ligt op een kwartier lopen. Dit is ook de plek om voorraden in te slaan, want boven Toronto worden de supermarkten schaarser en duurder.
Bij Kingston liggen 1.864 eilanden in de Sint-Laurens
Kingston ligt 260 kilometer oostelijker, tweeënhalf uur rijden. Boven de stad staat Old Fort Henry uit 1832, samen met het Rideau-kanaal op de werelderfgoedlijst, met entree rond de 20 dollar. Voor de kust beginnen de Thousand Islands, in werkelijkheid 1.864 eilanden.
Rondvaarten varen van mei tot oktober en kosten 30 tot 50 dollar. Het bekendste eiland is Heart Island met Boldt Castle, maar dat ligt in New York State: je hebt er je paspoort voor nodig en de boot legt aan bij de Amerikaanse douane. Een kajak huur je vanaf ongeveer 50 dollar per dag; het water tussen de dichtstbijzijnde eilanden is er kalm.
In Ottawa is de schaatsgracht bijna acht kilometer lang
Van Kingston naar Ottawa is het 200 kilometer, twee uur. Op Parliament Hill zijn de rondleidingen gratis en de nationale musea liggen op loopafstand van elkaar. In de winter wordt de Rideau Canal Skateway 7,8 kilometer lang een gratis schaatsbaan door het centrum.
Reken op die schaatsbaan niet blind: in de winter van 2023 bleef hij voor het eerst sinds 1971 het hele seizoen dicht door zachte temperaturen. In de zomer varen er bootjes en fiets je langs de oevers. In ByWard Market koop je een BeaverTail, het platte gefrituurde gebak met kaneel, voor een dollar of acht. Twee dagen is de goede maat.
Algonquin meet 7.630 vierkante kilometer
Drie uur ten westen van Ottawa begint Algonquin Provincial Park, met meer dan tweeduizend meren. Highway 60 doorkruist in 56 kilometer de zuidrand en langs die weg liggen alle korte paden: de Spruce Bog Boardwalk van 1,5 kilometer, de Peck Lake Trail van 1,9 kilometer en de Lookout Trail van 2,1 kilometer met uitzicht over het bos.
Een dagvergunning per auto kost rond de 21 dollar, kamperen in de wildernis 12,50 dollar per volwassene per nacht en een kano 30 tot 50 dollar per dag. Lake Opeongo is het grootste meer van het park en Canoe Lake het bekendste startpunt. Elanden staan in mei en juni langs de bermen van Highway 60, waar het zoutwater van de winterstrooiing blijft staan. Het Visitor Centre bij kilometer 43 meldt in de herfst wekelijks hoe ver de verkleuring is.
Praktisch langs de lijn
Een huurauto kost 60 tot 90 dollar per dag. Tussen Toronto, Kingston en Ottawa rijdt de trein in tweeënhalf en ruim vier uur, maar voor Niagara en zeker voor Algonquin heb je een auto nodig. Let op de tolweg Highway 407 rond Toronto: die heeft geen tolhuisjes en de rekening komt later via de verhuurder met administratiekosten erbovenop.
Boek de herfstweekends in Algonquin en de zomerweekends in Muskoka maanden vooruit; de hotels in de steden kunnen korter van tevoren. Bovenop elke horecaprijs komt belasting en een fooi van 15 tot 20 procent. Rijd in de schemering langzamer op de wegen boven Huntsville en Gravenhurst, want een eland weegt 500 kilo en staat vaak middenop de weg.
Wanneer je gaat
Juni tot en met september geeft 20 tot 28 graden, met alle boten in de vaart en alle paden open. Juni is in Algonquin de maand van de muggen en zwarte vliegen, juli en augustus zijn het drukst en het duurst.
Eind september en begin oktober kleuren de esdoorns en verschuift het zwaartepunt naar het noorden; in die weken staat het verkeer op Highway 60 in het weekend stil en zijn de campings maanden vooruit vol. In de winter valt de lijn uiteen: Ottawa wordt dan de beste stop, de vallen bevriezen aan de randen en de Whirlpool Aero Car en veel boten liggen stil. Doordeweeks reizen scheelt in elk seizoen het meest.