Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Rond Parijs ligt meer bos dan de meeste bezoekers vermoeden
Foto: Pierre Blaché / Pexels
Binnen vijftig kilometer van Parijs liggen bossen van duizenden hectaren, drie regionale natuurparken en tientallen kilometers oever langs de Seine met fietspaden erlangs.
Met de RER ben je er in een half uur en een dagkaart kost 12 tot 20 euro. Dit artikel behandelt de natuur van Île-de-France, met reistijden, entreeprijzen en de regels die er gelden.
Het bos van Fontainebleau is de bakermat van het boulderen
De Forêt de Fontainebleau beslaat ongeveer 25.000 hectare en ligt op zandsteen. Klimmers gebruiken de rotsblokken volgens de Franse klimbond al sinds het eind van de negentiende eeuw om zonder touw te klimmen; er liggen duizenden blokken met routes in kleurcircuits.
Toegang is gratis en parkeren kost 0 tot 5 euro. Vanaf Gare de Lyon ben je in 40 minuten in Fontainebleau-Avon. Let op: klim niet op natte of vochtige rots, want dan brokkelt het zandsteen af en verdwijnen de grepen voorgoed.
In datzelfde bos lopen ook honderden kilometers wandelpad
Tussen de rotsen van Fontainebleau liggen zandvlaktes, dennenbos en eikenbos, met bewegwijzerde routes die door een wandelvereniging worden onderhouden. Vanaf Melun en Saint-Mammès aan de Loing kun je het bos ook vanaf de andere kant in.
Wandelen is gratis. Reken op lussen van 5 tot 20 kilometer met 100 tot 200 hoogtemeters. Let op: in het weekend is het bij de bekende rotspartijen vol met Parijzenaars, met volle parkeerterreinen tot gevolg; doordeweeks of in de vroege ochtend heb je het bos vrijwel voor jezelf.
Het Bois de Vincennes is de grootste groene ruimte van de stad
Het Bois de Vincennes aan de oostkant meet ongeveer 995 hectare en hoort bij Parijs zelf. Er liggen meren, het Château de Vincennes met de hoogste middeleeuwse donjon van Europa, de dierentuin en het Parc Floral.
Rondlopen is gratis; het Parc zoologique de Paris kost 20 tot 25 euro en het kasteel 6 tot 10 euro. Met de metro ben je er vanuit het centrum in 20 minuten. Reken op een halve dag. Roeiboten op het Lac Daumesnil kosten 10 tot 15 euro per uur.
Het bos van Rambouillet heeft een wildpark met herten
De Forêt de Rambouillet ten zuidwesten van Parijs is een oud koninklijk jachtbos van ongeveer 20.000 hectare. In Espace Rambouillet leven herten, edelherten en zwijnen in een omheind deel, met kijkhutten langs een uitgezet pad en een roofvogeldemonstratie.
Het bos zelf is gratis; Espace Rambouillet kost rond de 14 euro voor volwassenen en is van dinsdag tot zondag van 10.00 tot 17.00 uur open. Met de trein ben je er in een uur. Let op: van september tot februari wordt er in delen van het bos gejaagd; die dagen worden bij de ingangen aangekondigd.
De Vallée de Chevreuse heeft dalen met watermolens
Foto: Allyson Beaucourt / Unsplash
Het Parc naturel régional de la Haute Vallée de Chevreuse beslaat ruim 63.000 hectare met beekdalen, akkers en dorpen. Er lopen routes langs oude molens, langs het Château de la Madeleine boven Chevreuse en langs de abdij van Vaux-de-Cernay.
Toegang is gratis en met de RER B ben je in drie kwartier in Saint-Rémy-lès-Chevreuse. Reken op routes van 8 tot 20 kilometer. Dit is het dichtstbijzijnde stuk echt platteland: binnen een uur reizen sta je tussen de velden zonder stadsgeluid.
Het park bij Chantilly ligt rond twee grote bossen
Het Parc naturel régional Oise-Pays de France omvat de bossen van Chantilly en Ermenonville, met daarin het Château de Chantilly, het Musée Condé met zijn schilderijenverzameling en de Grandes Écuries uit de achttiende eeuw.
Het kasteel kost 17 tot 20 euro inclusief park en stallen en is van woensdag tot maandag van 10.00 tot 18.00 uur open. Let op: Chantilly ligt in het departement Oise en dus in Hauts-de-France, niet in Île-de-France. Met de trein vanaf Gare du Nord ben je er in 25 minuten.
Het moerasgebied uit de folders ligt honderd kilometer verderop
De Marais de Saint-Gond, die vaak bij deze streek worden genoemd, liggen in de Champagne, ongeveer 120 kilometer ten oosten van Parijs. Dat is anderhalf uur rijden en dus geen ochtendje vogels kijken.
Wie dichter bij Parijs wil kijken, kan terecht in de reservaten langs de Seine ten zuidoosten van de stad, richting Melun en verder. Die zijn gratis en hebben kijkhutten, doorgaans open van zonsopgang tot zonsondergang. Neem een verrekijker mee, want de hutten liggen op afstand van het water.
Langs de Seine loopt een fietsroute tot aan de zee
Vanaf Parijs loopt La Seine à Vélo, een bewegwijzerde route van in totaal ruim 400 kilometer die via Normandië de zee bereikt. Het eerste deel, door Île-de-France en langs La Roche-Guyon, meet ongeveer 80 kilometer.
Fietsen kost niets en huren 15 tot 30 euro per dag. Reken op twee dagen tot de streekgrens. De route is vlak en loopt grotendeels over jaagpaden. Let op: op enkele stukken deel je de weg met auto's; dat staat op de borden aangegeven, maar het komt onaangekondigd op je af.
In Parijs zelf liggen parken met een eigen geschiedenis
De Parijse parken zijn aangelegd op een gipsgroeve, een spoordijk of een oude begraafplaats. Het Parc des Buttes-Chaumont in het noordoosten kreeg in 1867 zijn kliffen en het tempeltje op de rots; het Jardin du Luxembourg en de Tuileries liggen in het centrum.
Toegang is gratis en de parken zijn doorgaans van 7.00 tot 20.00 uur open, in de zomer langer. Reken op een uur per park. Op de oude spoordijk ten oosten van het centrum loopt de Coulée verte, een wandelpad van 4,5 kilometer over een viaduct, aangelegd in 1993 en later het voorbeeld voor soortgelijke paden elders.
Praktisch
Vanuit Nederland rijd je in vier tot vijf uur naar Parijs of neem je de trein in drie en een half uur. Frankrijk betaalt met de euro en in Parijs kost een dagkaart voor het openbaar vervoer 12 tot 20 euro, inclusief de RER naar Fontainebleau, Rambouillet en Chevreuse.
April tot oktober geeft 15 tot 28 graden. Let op: in het weekend zijn de bossen bij de stad druk met dagjesmensen en staan de parkeerterreinen bij Fontainebleau vanaf een uur of tien vol. In augustus is Parijs zelf juist leger dan normaal, omdat veel inwoners weg zijn.