Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Lotharingen heeft twee natuurparken, en die lijken niet op elkaar
Foto: Mel Jlt / Pexels
Het Regionaal Natuurpark van Lotharingen beslaat ruim 200.000 hectare en bestaat uit vlak land met vijvers, weiden en bos. Het Parc naturel régional des Ballons des Vosges, in het zuidoosten, gaat de bergen in en loopt door tot in de Elzas.
De hoogste toppen van de Vogezen liggen aan de Elzaskant, met de Grand Ballon van 1.424 meter als hoogste; aan de Lotharingse kant zitten de meren en de dalen. Dit artikel behandelt de routes in beide gebieden, met afstanden, hoogteverschillen en seizoenen.
De Route des Crêtes is in de oorlog aangelegd
Foto: Bingqian Li / Pexels
Over de kam van de Vogezen loopt de Route des Crêtes, een weg van ongeveer 77 kilometer die het Franse leger tussen 1914 en 1918 liet aanleggen om de stellingen langs het front te bevoorraden. Nu is het de toeristische route langs de hoogste punten, met de Hohneck van 1.363 meter als bekendste halte.
Rijden kost niets. Vanaf de parkeerplaatsen erlangs beginnen wandelingen van 4 tot 12 kilometer over de open hoogvlaktes boven de boomgrens. Let op dat delen van de weg van november tot april gesloten zijn wegens sneeuw, en dat de hoge startpunten dan niet bereikbaar zijn.
Gérardmer is het grootste natuurmeer van de Vogezen
Bij het plaatsje Gérardmer op ongeveer 660 meter ligt een meer van ruim 100 hectare, ontstaan achter een gletsjerpuinwal. Er loopt een vlakke wandelroute van ongeveer 6 kilometer omheen, en oostelijker liggen de kleinere meren Longemer, Retournemer en het hoger gelegen Blanchemer.
Wandelen is gratis en parkeren kost enkele euro's. Bootjes en kajaks huur je vanaf ongeveer 15 euro per uur, van mei tot september. Het water haalt in juli en augustus 20 tot 22 graden. In de winter is dit een klein wintersportgebied met langlaufsporen vanaf ongeveer 900 meter.
De paden worden sinds 1872 door de Club Vosgien onderhouden
De Club Vosgien, de wandelclub die deze bergen bijhoudt, bestaat sinds 1872 en beheert volgens de eigen opgave ongeveer twintigduizend kilometer gemarkeerd pad in de Vogezen en omgeving. De markeringen zijn gekleurde ruiten, rechthoeken en driehoeken op bomen en stenen.
Wandelen kost niets en de kaarten van de club kosten 10 tot 14 euro per stuk. Het markeringssysteem werkt anders dan het Nederlandse knooppuntennetwerk, want elk symbool hoort bij één route; kijk dus voor vertrek welk teken je volgt.
De Cascade de Tendon valt 32 meter
Foto: Ali Levlog / Pexels
In een bos ten noorden van Gérardmer, bij Le Tholy, stort een beek bij de Cascade de Tendon over een rotsdrempel van ongeveer 32 meter. Een paar kilometer verderop ligt een kleinere val van dezelfde beek, met een pad ertussen.
Toegang en parkeren zijn gratis en het is dag en nacht toegankelijk. De grote val heeft het meeste water in het voorjaar na de sneeuwsmelt, terwijl het in een droge augustus een straaltje is. De rotsen eromheen zijn glad van het mos, dus blijf op de trap en het platform.
Op de rots van Dabo staat een kapel
In het noordoosten van de streek steekt bij Dabo een zandsteenrots van 664 meter boven het bos uit, met daarop de kapel Saint-Léon uit 1892, die op de plek van een oude burcht staat en is gewijd aan de paus die hier werd geboren. Vanaf het terras kijk je over het bos tot in de Elzas.
Je kunt tot vlakbij rijden en betaalt enkele euro's voor de laatste toegang; te voet klim je er in een half uur naartoe vanuit het dorp. Het is doorgaans van het voorjaar tot het najaar open. Reken op een uur, of drie uur met de wandelroute door het bos eromheen.
In het vlakke park liggen vijvers met vogelkijkhutten
Het westelijke deel van het Lotharingse park bestaat uit ondiepe vijvers, in de middeleeuwen aangelegd voor de viskweek. Er broeden zilverreigers en roerdompen en in het najaar strijken er kraanvogels neer.
Wandelen langs de dijken is gratis en vlak, met rondjes van 5 tot 12 kilometer. Bij het Lac de Madine, ruim 1.000 hectare groot, kun je zwemmen, zeilen en fietsen. Blijf in het broedseizoen achter de kijkschermen en houd honden aangelijnd, want de oevers zijn broedgebied. Noordelijker, tegen de Duitse en Luxemburgse grens, staat het kasteel van Malbrouck uit het begin van de vijftiende eeuw.
Bij Verdun ligt het slagveld van 1916
In het westen van Lotharingen, aan de Moselle-kant, ligt het gebied waar in 1916 tien maanden lang werd gevochten en waar honderdduizenden soldaten omkwamen. Het landschap is er nog altijd door getekend, want het bos staat vol granaattrechters en er liggen negen dorpen die nooit zijn herbouwd.
Het terrein is vrij toegankelijk en er lopen gemarkeerde paden; het beenderhuis van Douaumont en het museum vragen enkele euro's tot rond de 12 euro en zijn dagelijks open. Blijf op de paden, want er wordt nog steeds munitie gevonden en het opgraven ervan is verboden.
Praktisch
Vanuit Nederland rijd je in vijf tot zeven uur, wat dit een van de dichtstbijzijnde Franse bergstreken maakt, en de tol bedraagt ongeveer 25 tot 35 euro. Met de hogesnelheidstrein ben je vanaf Parijs in anderhalf uur in Metz of Nancy. Frankrijk betaalt met de euro.
Mei tot oktober is het wandelseizoen met 15 tot 25 graden, en de kleuren in het bos zijn in oktober op hun best. In de winter ligt er boven de 800 meter sneeuw en zijn de hoge wegen dicht, terwijl de vijvers en de lagere bossen gewoon te belopen zijn.