Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Knossos is voor een derde opnieuw opgebouwd
Knossos ligt 5 kilometer ten zuiden van Heraklion en beslaat ongeveer 20.000 vierkante meter met naar schatting dertienhonderd ruimtes. Sir Arthur Evans groef er vanaf 1900 en liet tot 1931 muren, zuilen en trappen in gewapend beton herbouwen; de fresco's die je er ziet zijn replica's, de originelen liggen in het Archeologisch Museum van Heraklion. In de troonzaal staat wel een echte albasten zetel, die als de oudste troon van Europa geldt.
Entree kost rond de 20 euro in het hoogseizoen en 10 euro in de winter; het terrein is van 8.00 tot 20.00 uur open en in de winter tot 15.30 uur. Reken op anderhalf uur. Let op: er is nauwelijks schaduw en vanaf tien uur staan de touringcars er, dus ga bij opening. Het labyrint van de Minotaurus is een verhaal uit de klassieke tijd, ruim duizend jaar na de Minoïsche bloeiperiode, en er is op het terrein niets dat erop wijst.
De Samariakloof loopt maar één kant op
Foto: Pavel Danilyuk / Pexels
De Samariakloof is 16 kilometer lang en begint bij Xyloskalo op het Omalos-plateau op 1.230 meter. Je daalt naar Agia Roumeli aan de Libische Zee en komt niet terug over land. Halverwege ligt de IJzeren Poort, waar de wanden tot drie meter naderen onder rotsen van driehonderd meter hoog. Onderweg passeer je het dorp Samaria zelf, dat in 1962 werd ontruimd toen het gebied nationaal park werd.
Entree kost rond de 5 euro en de kloof is van 1 mei tot half oktober open, afhankelijk van het weer. Reken op vijf tot zeven uur lopen, plus de boot naar Chora Sfakion en een bus terug. Bij de ingang en de uitgang wordt geteld, dus je moet voor een vast tijdstip binnen zijn. Neem 2 liter water en schoenen met profiel mee; in de kloof leeft de kri-kri, de Kretenzische steenbok, die je met wat geluk op de rotsen ziet.
Kritsa heeft een kerk met fresco's uit de dertiende eeuw
Foto: Frank van Dijk / Pexels
Kritsa ligt op 375 meter, 11 kilometer van Agios Nikolaos, tegen de helling boven een olijfvlakte. Aan de rand van het dorp staat de Panagia Kera-kerk, waarvan de Byzantijnse fresco's uit de dertiende en veertiende eeuw tot de best bewaarde van Kreta horen.
Entree van de kerk kost rond de 3 euro en die is doorgaans van 8.30 tot 15.00 uur open, gesloten op maandag. Rondlopen in het dorp is gratis; het weefwerk hangt er in de straatjes uit. Op 3 kilometer liggen de resten van de Dorische stad Lato op twee heuveltoppen, en de weg naar het Katharo-plateau op 1.100 meter klimt in 16 kilometer omhoog. Let op: die weg is smal en in de winter soms afgesloten.
Vamos is in de jaren negentig door de bewoners zelf gered
Vamos ligt in Apokoronas op 25 kilometer van Chania en was tussen 1867 en 1913 de bestuurszetel van de streek onder Ottomaans bestuur; daardoor staan er stenen huizen uit de negentiende eeuw die groter zijn dan in de dorpen eromheen. Eind jaren tachtig liep het dorp leeg, waarna een coöperatie van bewoners de panden opkocht en restaureerde.
Rondlopen kost niets en een maaltijd in een taverne 12 tot 20 euro per persoon. Er worden kookcursussen en workshops rond olijfolie en kaas gegeven, doorgaans voor 40 tot 80 euro per persoon. Reken op een halve dag, gecombineerd met de dorpen eromheen.
In Loutro rijdt geen auto
Foto: Bert Christiaens / Pexels
Loutro ligt aan de zuidkust in een beschutte baai die alleen per boot of te voet bereikbaar is; er is geen weg naartoe en er staan geen auto's. Het dorp telt enkele tientallen vaste bewoners en een rij witte huizen langs het water.
De boot vanaf Chora Sfakion doet er een kwartier over en kost 6 tot 10 euro enkele reis; te voet is het ongeveer twee uur over het kustpad, dat deel uitmaakt van de Europese wandelroute E4. Een maaltijd kost 15 tot 25 euro per persoon. Let op: bij harde wind vaart de boot niet en zit je vast, en er is geen geldautomaat en geen winkel van betekenis.
Archanes is het wijndorp van centraal Kreta
Archanes ligt 15 kilometer ten zuiden van Heraklion tussen de wijngaarden, op ongeveer 400 meter hoogte. De rode kotsifali en mandilari worden hier al eeuwen geplant; een proeverij bij een domein kost 10 tot 20 euro en gaat doorgaans op afspraak. In de keuken van de streek komen de kazen mizithra en graviera vrijwel overal terug.
Vlakbij liggen twee Minoïsche vindplaatsen: de necropool van Fourni, met graven uit een periode van ruim duizend jaar, en het heiligdom van Anemospilia op de helling van de Juchtas. Beide zijn niet altijd open; het kleine archeologische museum in het dorp is gratis en doorgaans van 8.30 tot 14.30 uur open, gesloten op dinsdag.
Margarites leeft van de klei
Margarites ligt 27 kilometer ten zuidoosten van Rethymno en telt rond de twintig pottenbakkerswerkplaatsen op een paar honderd inwoners. De klei komt uit de omgeving en het dorp levert al sinds de Venetiaanse periode de grote voorraadvaten die in het hele westen van het eiland werden gebruikt.
Rondlopen en in de ateliers kijken kost niets; een gedraaide kom kost 8 tot 25 euro en grotere stukken lopen snel op. De werkplaatsen draaien vooral van april tot oktober en zijn buiten het seizoen vaak dicht. Reken op twee uur, en combineer het met het klooster Arkadi op 12 kilometer.
Onder Sissi ligt een Minoïsch paleis dat nog wordt opgegraven
Sissi ligt aan de noordoostkust, 40 kilometer van Heraklion en 25 kilometer van Agios Nikolaos, rond een smalle inham met vissersboten. Op de heuvel Kefali ernaast wordt sinds 2007 een Minoïsche nederzetting met een paleisachtig gebouw opgegraven door een Belgisch team; het terrein is buiten de opgravingscampagnes vrij te bekijken.
De stranden Boufos en Avlaki liggen op loopafstand en zijn gratis, met bedden voor 10 tot 15 euro. Een maaltijd aan de haven kost 15 tot 25 euro per persoon. Sissi ligt 3 kilometer van de doorgaande noordweg, wat het rustiger maakt dan de badplaatsen ernaast; de keerzijde is dat er zonder auto weinig te doen is.
Gavalochori bewaart zijn Venetiaanse bronnen en het kantklossen
Gavalochori ligt in Apokoronas op 22 kilometer van Chania. In het dorp staan Venetiaanse waterbronnen uit de zestiende eeuw en de kerk van Agios Sergios en Bacchus met Byzantijnse fresco's. Het Folkloremuseum, ondergebracht in een oud huis, toont onder meer het kopaneli, een kantklostechniek die hier van moeder op dochter is doorgegeven.
Het museum vraagt enkele euro's entree en is doorgaans van dinsdag tot zondag open, met een middagsluiting. Reken op een uur voor het dorp en het museum samen. Rondom liggen olijfgaarden met paden erdoorheen; de kust bij Almyrida is 4 kilometer verderop.
Anogia is in 1944 platgebrand en weer opgebouwd
Anogia ligt op 740 meter op de noordhelling van de Psiloritis. In augustus 1944 brandden Duitse troepen het dorp als vergelding voor het verzet en de ontvoering van generaal Kreipe volledig plat en werden de mannen die ze aantroffen gefusilleerd; wat je nu ziet is vrijwel geheel naoorlogs. Het dorp is ook de bakermat van de Kretenzische muziek, met de lyra en de laouto, en de geboorteplaats van zanger Nikos Xylouris.
Rondlopen kost niets en een maaltijd 12 tot 20 euro per persoon; lamsvlees en kaas komen uit de bergen erboven. Vanaf Anogia klim je in 21 kilometer naar de Ideon-grot op 1.500 meter, waar Zeus volgens de mythe is opgegroeid. Let op: boven de duizend meter is het ook in augustus 's avonds fris, en de laatste kilometers zijn onverhard.