Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Eger is met kinderen de logische basis in Heves
Heves ligt in het noorden van Hongarije, tussen de Grote Laagvlakte en de bergen. Eger, met ongeveer 55.000 inwoners de hoofdstad, ligt centraal: het Tisza-meer ligt op een uur zuidwaarts, de Mátra op drie kwartier westwaarts en Szilvásvárad op een halfuur noordwaarts.
Dat maakt de dagtochten kort. Dit artikel behandelt de uitjes met kinderen, met entreeprijzen, leeftijdsgrenzen en afstanden. Prijzen staan in forint, met rond de 400 forint voor een euro.
Het kasteel van Eger heeft gangen onder de muren
Het kasteel van Eger werd in 1552 door ruim tweeduizend verdedigers onder István Dobó vijf weken lang tegen een Ottomaans leger verdedigd; dat verhaal kent elk Hongaars schoolkind. In het Dobó István Kasteelmuseum staan wapens en vaandels, en onder de muren lopen kazematten die in de zestiende eeuw zijn uitgehakt om tegenmijnen te graven.
Entree kost 2.500 tot 4.000 forint en kinderen betalen minder; het kasteel is dagelijks open, in de winter korter. Reken op twee uur. In de kazematten is het het hele jaar rond de 12 graden, dus neem een trui mee; de gangen zijn laag en krap, wat kleine kinderen doorgaans juist leuk vinden.
Bij Noszvaj ligt een belevingsboerderij met dieren en water
In Noszvaj, 12 kilometer van Eger, ligt een grote boerderij die als speelpark is ingericht: dieren om te voeren, waterbanen met sluisjes en pompen, houten klimtoestellen, een doolhof en ruimte om te rennen. Het is gemaakt voor kinderen van ongeveer twee tot twaalf.
Entree kost 3.500 tot 5.500 forint per persoon, ook voor volwassenen; het is van april tot oktober dagelijks open en in het weekend het drukst. Reken op een halve tot hele dag. Neem reservekleding mee, want bij de waterbanen worden ze nat. In hetzelfde dorp staan tufsteengrotwoningen die tot in de twintigste eeuw bewoond zijn geweest en tegen een paar honderd forint te bezichtigen zijn.
In Poroszló staat het grootste zoetwateraquarium van Europa
Aan de oever van het Tisza-meer, bij Poroszló, staat sinds 2012 een ecocentrum met een zoetwateraquarium van honderdduizenden liters, waar je door een tunnel onder de meervallen en steuren door loopt. Buiten liggen vlonderpaden door het moeras en een uitkijktoren.
Entree kost 4.000 tot 6.000 forint voor volwassenen en minder voor kinderen; het is dagelijks open, in de winter korter. Reken op drie uur. Vanaf Eger is het 55 kilometer, ongeveer een uur. Er varen ook boten het meer op; een rondvaart kost 3.000 tot 5.000 forint per persoon.
In Szilvásvárad rijdt een treintje langs de watervallen
Szilvásvárad ligt 30 kilometer ten noorden van Eger, aan de Szalajka-vallei, waar het water over kalktufterrassen naar beneden komt in een waterval van ongeveer 17 meter. Door het dal rijdt een open smalspoortreintje, en er liggen forelvijvers waar de vis ter plekke wordt gebakken.
Het treintje kost 1.500 tot 2.500 forint en lopen door het dal is gratis; reken op 5 kilometer heen en terug over een vlak pad, dus ook met een buggy te doen. In het dorp staat een stoeterij van lipizzaners, te bezoeken voor 2.000 tot 3.500 forint; er worden in het seizoen ook koetstochten gereden.
Bij Szomolya staan rotsen vol uitgehakte nissen
Let op een verhaal dat in reisteksten over deze streek rondgaat: druipsteengrotten bij Tarnaszentmária bestaan niet. Wat er wel is, zijn de kaptárkövek bij Szomolya en Cserépváralja, tufsteenrotsen met tientallen nissen die er eeuwen geleden in zijn uitgehakt; waarvoor precies weet niemand, en dat maakt het juist een goed verhaal.
De rotsen liggen in het veld en zijn gratis toegankelijk, met een gemarkeerd pad van 2 tot 4 kilometer. Echte druipsteen zie je in de Istállóskő-grot onder de gelijknamige top bij Szilvásvárad, waar werktuigen van neanderthalers zijn gevonden; die ligt aan een klim van ruim twee uur en is niets voor kleine kinderen.
De burcht van Sirok is deels in de rots uitgehakt
Bij Sirok, 30 kilometer ten westen van Eger, staat een burchtruïne uit de dertiende eeuw op een losstaande rots van vulkanische tuf. Een deel van de burcht is niet gemetseld maar rechtstreeks in de zachte steen gehakt: trappen, kamers en gangen zitten in de rots zelf.
Entree kost 1.500 tot 2.500 forint en het is van dinsdag tot zondag open. De klim vanaf het dorp duurt twintig minuten. Van boven zie je de Mátra en het Bükk. Let op: er staan weinig hekken en de rotsrand is op plekken onbeschermd, dus houd jonge kinderen bij de hand.
Op de Kékes kun je met de auto naar het hoogste punt
De Kékes in de Mátra is volgens de landmeetkundige dienst met 1.014 meter het hoogste punt van Hongarije en per auto bereikbaar; boven staat een televisietoren met een uitzichtplatform. Dat scheelt een klim en levert toch het verhaal op dat je op het dak van het land hebt gestaan.
Het platform kost 1.500 tot 2.500 forint. In de winter draait er een korte skipiste, al is de sneeuwzekerheid gering. Vanaf Mátrafüred aan de zuidkant rijdt een smalspoortreintje het dal in voor 1.500 tot 2.500 forint; dat is met kinderen een aardiger manier om de bergen te zien dan de bochtige weg naar boven.
De baden van Egerszalók en Eger hebben een kinderdeel
Bij Egerszalók, 6 kilometer van Eger, ligt een badcomplex naast een witte kalkheuvel die door overstromend thermaal water is ontstaan; het complex heeft binnen- en buitenbassins en een deel met glijbanen. Een dagkaart kost 5.000 tot 9.000 forint.
In Eger zelf ligt naast het historische Turkse bad een modern complex met buitenbassins en een kinderdeel, voor 3.500 tot 5.500 forint per dag. Let op: de warmste bassins zijn 36 tot 38 graden en niet bedoeld voor jonge kinderen; bij elk bassin staan de temperatuur en de aanbevolen badtijd aangegeven.
Praktisch
Eger ligt 130 kilometer ten noordoosten van Boedapest, ongeveer anderhalf uur over de snelweg; er rijden ook treinen die er twee uur over doen. Naar Szilvásvárad rijdt een trein vanuit Eger, maar voor Noszvaj, Sirok en het Tisza-meer is een auto handiger; die kost 8.000 tot 15.000 forint per dag en op de snelweg geldt een digitaal vignet.
Mei, juni en september geven 18 tot 27 graden en zijn met kinderen het aangenaamst. In juli en augustus is het 28 tot 34 graden; plan dan het aquarium, de kazematten of het water voor de middag. In de winter zijn de boerderij, de burchten en het treintje dicht en blijven de baden en het ecocentrum open.