Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De Uffizi zijn als kantoren gebouwd
Foto: antonio filigno / Pexels
Giorgio Vasari begon het gebouw in 1560 in opdracht van Cosimo de' Medici als kantorenblok voor de bestuursdiensten; uffizi betekent kantoren. De verzameling die er nu hangt is die van de familie Medici zelf, die bij het uitsterven van het geslacht in 1737 aan de stad werd nagelaten op voorwaarde dat ze Florence nooit zou verlaten.
Entree kost rond de 25 euro in het hoogseizoen en je koopt een tijdvak; op maandag is het museum dicht. Reken op drie uur. Er hangen de Geboorte van Venus en de Lente van Botticelli, de Annunciatie van Leonardo en werk van Rafaël en Titiaan. De Vasarikorridor, de overdekte gang over de Ponte Vecchio naar het Palazzo Pitti, ging in 2024 weer open en kost apart rond de 43 euro.
Op de Ponte Vecchio zaten eerst slagers
De brug uit 1345 is de oudste van de stad en de enige die in 1944 niet is opgeblazen. Tot 1593 zaten er slagers en leerlooiers, die hun afval in de Arno gooiden; groothertog Ferdinando I liet ze vervangen door goudsmeden omdat de stank hem via de bovenliggende gang tegenstond.
Erover lopen kost niets en dat kan dag en nacht. Tussen 10.00 en 18.00 uur sta je er schouder aan schouder. Beter licht en meer ruimte heb je vanaf de Ponte Santa Trinita ernaast of vanaf de Piazzale Michelangelo aan de overkant van de rivier, dat gratis is en waar je in twintig minuten naartoe loopt of met bus 12 komt.
De koepel van Brunelleschi is over 463 treden te beklimmen
Foto: Heidi Gilbert / Pexels
Filippo Brunelleschi zette vanaf 1420 een koepel van ruim 45 meter doorsnede op de Santa Maria del Fiore zonder houten steigerwerk eronder, met twee schillen en een visgraatverband in het metselwerk. Hij werd in 1436 gesloten en is nog altijd de grootste gemetselde koepel ter wereld.
Een gecombineerd kaartje voor de koepel, de klokkentoren van Giotto, het baptisterium en het museum kost rond de 30 euro, met een verplicht tijdvak voor de koepel. De trap is smal, loopt tussen de twee schillen door en is niets voor wie slecht tegen kleine ruimten kan. De kerk zelf is gratis maar heeft een aparte rij.
De Piazza del Campo is in negen vakken verdeeld
Het schelpvormige plein van Siena helt af naar het Palazzo Pubblico en is met baksteen in negen segmenten gelegd, naar de Raad van Negen die de stad tussen 1287 en 1355 bestuurde. Twee keer per jaar, op 2 juli en 16 augustus, wordt er de Palio gereden, een race van drie ronden die samen negentig seconden duurt.
Op het plein zitten kost niets. In het Palazzo Pubblico hangt de Allegorie van het goede en het slechte bestuur die Ambrogio Lorenzetti in 1338 schilderde; entree rond de 10 euro. De Torre del Mangia ernaast is 87 meter hoog en heeft ruim vierhonderd treden, voor rond de 10 euro; per keer mogen er maar enkele tientallen mensen op.
De vloer van de Duomo van Siena ligt maar een paar maanden open
De kathedraal met zijn zwart-witte marmerbanden heeft een vloer van zesenvijftig ingelegde taferelen, gemaakt tussen de veertiende en de zestiende eeuw. Die ligt het grootste deel van het jaar onder beschermende platen en wordt doorgaans van eind juni tot eind juli en van half augustus tot half oktober vrijgelegd.
Een kaartje kost rond de 16 euro en in de periode dat de vloer open ligt iets meer. Binnen zit ook de Libreria Piccolomini, waarvan Pinturicchio de wanden tussen 1502 en 1507 beschilderde met het leven van paus Pius II, in kleuren die nog vrijwel onaangetast zijn. Via de Porta del Cielo loop je met een gids over de gewelven, voor rond de 20 euro.
Over de muur van Lucca fiets je in een half uur rond
De vesting uit de zestiende en zeventiende eeuw is ruim 4 kilometer lang, elf bastions breed en is nooit belegerd; in de negentiende eeuw liet Maria Luisa van Bourbon er een promenade met bomen op aanleggen. Je kijkt er zo in de tuinen en op de daken van de stad.
Fietsen huren kost 4 tot 6 euro per uur of rond de 20 euro per dag; de muur zelf is gratis en dag en nacht open. In de stad staat de Torre Guinigi, een woontoren met zeven steeneiken op het dak; 230 treden en rond de 6 euro. De Piazza dell'Anfiteatro is een ovaal plein dat op een Romeins amfitheater is gebouwd, waarvan de vorm in de huizen bewaard bleef.
In de kathedraal van Lucca hangt een houten kruisbeeld met een verhaal
Het Volto Santo is een groot crucifix waarvan de overlevering zegt dat het door Nicodemus is begonnen en door engelen afgemaakt; volgens koolstofdatering stamt het uit de late achtste of vroege negende eeuw, waarmee het tot de oudste houten beelden van het westen hoort. Op 13 september wordt het bij een avondprocessie door de stad gedragen.
De San Martino-kathedraal kost rond de 5 euro met de sacristie, waar het grafmonument van Ilaria del Carretto uit 1406 staat. Verderop hebben de San Michele in Foro en de San Frediano gevels met zuilengalerijen en mozaïek, en die zijn gratis. Giacomo Puccini werd hier in 1858 geboren; zijn geboortehuis kost rond de 9 euro.
De Chianti Classico loopt over vier dorpen
Greve, Castellina, Radda en Gaiole liggen aan de wegen tussen Florence en Siena en liggen binnen 25 kilometer van elkaar. De wijn moet voor minstens 80 procent van de sangiovese zijn; een Riserva rijpt minstens vierentwintig maanden en de Gran Selezione dertig, en de flessen dragen sinds 1924 de zwarte haan van het consortium.
Een proeverij bij een wijnhuis kost 20 tot 45 euro per persoon en gaat op afspraak, meestal van maandag tot zaterdag. Een fles kost bij het huis 15 tot 60 euro. Let op: de wegen tussen de dorpen zijn smal en bochtig, dus rijd niet zelf als je meer dan één huis doet; een chauffeur voor een dag kost 200 tot 350 euro.
De bistecca alla fiorentina wordt rood geserveerd
Foto: Rangoni Gianluca / Pexels
Dit stuk vlees komt van het Chianina-rund, is minstens drie vingers dik en weegt zelden minder dan achthonderd gram; het gaat kort op houtskool en komt rood op tafel, en daar valt niet over te onderhandelen. De prijs staat per ons op de kaart, doorgaans 5 tot 8 euro, dus een stuk voor twee kost 40 tot 70 euro.
Goedkoper eet je ribollita, een soep van brood, bonen en zwarte kool van 8 tot 12 euro, of pici, met de hand gerolde dikke spaghetti. In Florence staan kraampjes met lampredotto, gestoofde koeienmaag in een broodje, voor 4 tot 6 euro. Na het eten komen cantuccini met vin santo; het brood in Toscane is ongezouten en dat hoort zo.
Praktisch
Vanuit Nederland vlieg je in ongeveer twee uur op Pisa of Florence. Tussen Florence, Pisa en Lucca rijden treinen van een half uur tot vijf kwartier voor 5 tot 10 euro; naar Siena rijdt een snelbus vanaf Florence in vijf kwartier voor rond de 9 euro, sneller dan de trein met overstap.
Voor de Chianti heb je een auto nodig; die kost 35 tot 70 euro per dag. Let op de autoluwe zones in elk centrum: die worden met camera's bewaakt en een boete van 80 tot 150 euro komt maanden later thuis, ook bij een huurauto. April, mei, juni, september en oktober geven 18 tot 28 graden; in juli en augustus is het 30 tot 37 graden en staan Florence en Siena vol.