Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Cres is het langste eiland van de Adriatische Zee
Foto: Marija Barušić / Pexels
Het eiland strekt zich over ongeveer 66 kilometer van noord naar zuid uit en meet rond de 405 vierkante kilometer, waarmee het met Krk om de titel van grootste eiland van Kroatië strijdt. Er wonen nog geen drieduizend mensen, verdeeld over een handvol dorpen.
Dat betekent lege wegen, lange paden zonder mensen en weinig voorzieningen buiten de twee grotere plaatsen. Dit artikel behandelt het wandelen, met afstanden, hoogtemeters en de regels die hier gelden. Kroatië rekent sinds 2023 in euro's.
Het zoetwatermeer in het midden is verboden terrein
Foto: Antonio Tose / Pexels
Het Vransko jezero meet volgens de waterleidingdienst ongeveer 5,8 vierkante kilometer en is tot 74 meter diep, waarbij de bodem onder zeeniveau ligt. Het levert het drinkwater voor heel Cres en voor Lošinj, en daarom is het hek eromheen gesloten: zwemmen, varen en zelfs de oever betreden mag niet.
Kijken kan wel, vanaf de weg boven het meer, en dat is gratis. Er staan borden met uitleg en boetes. Het water is opvallend helder en ligt tussen beboste hellingen; van een afstand lijkt het een bergmeer in de Alpen. Houd er rekening mee dat drones boven het waterwingebied evenmin welkom zijn.
Boven de oostkust broeden vale gieren op de kliffen
Foto: Ken Jacobsen / Pexels
Op de rotswanden ten noordoosten van Beli nestelt een kolonie vale gieren, vogels met een spanwijdte van 2,5 tot 2,8 meter die van dode schapen leven. Ze broeden op richels tot 60 meter boven zee, en jonge vogels die bij hun eerste vlucht in het water belanden, verdrinken zonder hulp.
Kijken kost niets; vanaf de kustpaden bij Beli zie je ze cirkelen, het best in de ochtend als de thermiek opkomt. In Beli zit een opvangcentrum waar gewonde en verzwakte vogels worden verzorgd; bezoek gaat op afspraak voor enkele euro's. Let op: benader de broedwanden niet per boot of drone, want verstoring kost jongen het leven.
Bij Beli liggen paden door een oud eikenbos
De Tramuntana, het noordelijke deel van het eiland, is bedekt met eiken- en haagbeukenbos dat door honderden kilometers droge steenmuurtjes wordt doorsneden. Tussen die muurtjes liggen paden die vroeger van dorp naar weide liepen; een deel is als wandelroute opgeknapt, met onderweg stenen doolhoven die kunstenaars hebben gelegd.
Lopen is gratis en er lopen routes van 3 tot 12 kilometer met 100 tot 400 hoogtemeters. Vanaf Beli daal je in een half uur naar een kiezelstrandje aan de voet van de klif, en dan klim je hetzelfde weer omhoog. Neem water mee, want onderweg is er geen bron.
Lubenice ligt op een klif van bijna vierhonderd meter
Dit dorp aan de westkust staat op een rotsrand ongeveer 378 meter boven zee en telt nog maar een paar tientallen inwoners; vanaf de rand kijk je recht omlaag op de baai van Sveti Ivan. In de zomer worden er op enkele avonden concerten in de openlucht gegeven.
Rondlopen kost niets en parkeren enkele euro's. Naar het strand beneden loop je in ongeveer een uur over een steil pad met los gesteente, en terug omhoog duurt anderhalf uur; er is geen andere weg naartoe dan lopen of varen. Doe die afdaling niet in de middagzon en neem minstens anderhalve liter water per persoon mee.
De hoogste top komt tot ruim zeshonderd meter
De Sis in het noordelijke deel haalt ongeveer 638 meter en is daarmee het hoogste punt van Cres. Vanaf de top zie je bij helder weer de Kvarnerbaai, de buureilanden en de Velebit op het vasteland liggen.
Lopen is gratis. Vanaf de weg bij Dragozetići is het ongeveer 4 kilometer heen met 350 hoogtemeters, in anderhalf uur te doen; het pad is gemarkeerd maar steenachtig. Boven staat geen hut en geen kraan. Ga in april, mei, september of oktober, want in juli en augustus is er op de kale hellingen geen schaduw en loopt het op naar 32 graden.
In Valun staat een steen met twee schriften
In de kerk van dit vissersdorp ligt de Valunska ploča, een grafsteen uit de elfde eeuw waarop dezelfde tekst twee keer staat: één keer in Glagolitisch schrift en één keer in Latijnse letters. Dat maakt hem tot een van de vroegste sporen van het Kroatisch naast het Latijn.
Bekijken kost niets en de kerk is doorgaans overdag open. Reken op een kwartier. Het dorp zelf heeft een kiezelstrand, een handvol huizen aan het water en geen doorgaand verkeer; je parkeert boven en loopt tien minuten omlaag. Vanaf de stad Cres is het 14 kilometer en een half uur rijden over een smalle weg.
De brug bij Osor gaat twee keer per dag open
Osor ligt op de plek waar Cres en Lošinj aan elkaar vastzaten tot er in de oudheid een kanaal van ongeveer 11 meter breed doorheen werd gegraven, zodat schepen niet meer om de eilanden heen hoefden. Over dat kanaal ligt een draaibrug die alleen op vaste tijden opengaat, doorgaans om 9.00 en om 17.00 uur.
Wachtende auto's staan dan vijftien tot twintig minuten stil, dus houd daar rekening mee als je een boot moet halen. Het stadje zelf was in de Romeinse tijd groter dan nu en heeft een kathedraal uit 1498 en muurresten; rondlopen is gratis en in de zomer zijn er muziekavonden.
Praktisch
Je komt op Cres met de veerboot van Brestova naar Porozina in ongeveer twintig minuten of van Valbiska op Krk naar Merag in vijfentwintig; een auto met twee personen kost 20 tot 35 euro enkele reis. In juli en augustus staan er lange rijen, vooral in de late middag.
Op het eiland rijden enkele bussen per dag; een huurauto kost 40 tot 70 euro per dag. Buiten de plaatsen Cres en Mali Lošinj zijn winkels en tankstations schaars, dus vertrek met een volle tank en eten in de auto. April tot juni en september tot oktober geven 18 tot 26 graden en zijn het aangenaamst om te lopen; van november tot maart is een groot deel van de horeca gesloten.