Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Casablanca winkelt in twee werelden tegelijk
Casablanca is de stad waar de souk en de megamall op één tramlijn liggen: 's ochtends olijven afwegen in een booggewelf, 's middags schaatsen naast een aquarium in het grootste winkelcentrum van Afrika. Dit artikel wijst de weg door beide werelden, met prijzen in dirham; reken ruwweg 11 dirham voor een euro.
De verdeling is simpel: de markten voor eten, ambacht en sfeer, de malls voor koelte, merken en gezinsvertier, en de tram en petit taxis als verbinding ertussen.
De centrale markt is het smakelijkste adres van het centrum
De Marché Central aan de Boulevard Mohammed V is een instituut uit de Franse tijd: een markthal met bloemen, fruit en vooral vis, waar tramlijn 1 volgens de dienstregeling voor de deur stopt. Het ritueel is de vislunch: kies bij de kraam de vangst van de ochtend en laat hem bij de restaurantjes eromheen bakken.
Reken op 80 tot 150 dirham voor een royale vislunch, omgerekend 7 tot 14 euro, en op drukte rond het middaguur; voor 12.00 uur zit je het ruimst. Let op de tarieven vooraf: spreek de prijs per vis of per kilo af voordat de pan opgaat, dan blijft de rekening een feest.
Habous is de mooiste souk-ervaring van de stad
Voor het klassieke marktgevoel is de wijk Habous het beste adres: de geordende nieuwe medina uit de jaren 1930, met overdekte winkelstraatjes rond pleintjes, gespecialiseerd per ambacht. De olijvenkramen, de patisserie met amandelkoekjes en de boekhandels zijn de vaste stops, en voor 11.00 uur heb je de boogjes bijna voor jezelf.
Hier leer je afdingen in een vriendelijke leerschool: begin bij leer en koper rond de helft van de vraagprijs en eindig ergens in het midden; eten heeft vaste prijzen. De oude medina bij de haven is het rauwere alternatief, meer volksbuurt dan winkelstraat, en juist daarom de moeite voor wie het echte ritme wil zien.
Morocco Mall is een dagje uit op zichzelf
Aan het einde van de Corniche staat de superlatief: Morocco Mall, het grootste winkelcentrum van Afrika, met internationale merken, een binnenaquarium met haaien in een cilinder van drie verdiepingen, een schaatsbaan en een overdekte kermis. De toegang is gratis; de attracties rekenen elk enkele tientallen dirhams.
Voor gezinnen en op hete of natte dagen is de mall de reddingsboei van de stad. Houd er rekening mee dat de weekends vol lopen met de halve stad; doordeweeks voor 17.00 uur is het er ruim. De foodcourt bedient beide keukens, van tajine tot fastfood, rond de 50 tot 80 dirham per gerecht.
Maarif en Derb Ghallef zijn waar de stad zelf koopt
De wijk Maarif rond de Rue Jean Jaurès is de gewone winkelbuurt van Casablanca, met Marokkaanse ketens, kleermakers en cafés, en zonder één marktkoopman die je aanspreekt. Ernaast ligt Derb Ghallef, een doolhof van duizenden kraampjes onder golfplaten waar tweedehands elektronica, onderdelen en kleding worden verkocht; het is de plek waar de stad zelf naartoe gaat en waar vrijwel geen bezoeker komt. Aan de Corniche bij Ain Diab staat daarnaast AnfaPlace, een kleiner winkelcentrum met terrassen aan zee, in de wijk Anfa waar de villa's staan. In het centrum liggen bovendien de wijk Gauthier met boetieks en de art-decostraten rond het Rialto-theater uit 1930. De Hassan II-moskee, op tien minuten van de oude medina, is buiten de gebedstijden met een rondleiding te bezoeken voor rond de 140 dirham.
Tussen souk en mall ligt de gewone winkelstad
Het derde register is het dagelijkse Casablanca: de boulevards van het centrum met boekwinkels, stoffenzaken en koffiehuizen, de wijkmarkten waar de stad haar groente koopt en de vrijdagse drukte rond de moskeeën. Wie hier winkelt, betaalt lokale prijzen; een espresso kost enkele dirhams en een verse jus zo'n 10 dirham, omgerekend 90 eurocent.
De koffiecultuur is de verrassing: de stad zit vol terrassen uit de art-decotijd waar het mensen kijken de hoofdactiviteit is. De regel van het huis: één consumptie geeft tafelrecht voor een uur, en de ober komt pas als je wenkt; dat is geen onbeleefdheid maar het systeem.
Wat je koopt en wat je laat liggen
De goede koop van Casablanca is eetbaar en draagbaar: olijven en citroenen, kruiden, arganolie met keurmerk voor zo'n 100 dirham per halve liter, omgerekend 9 euro, en lederwaren uit Habous, de winkelwijk op zo'n 3 kilometer van het centrum en de koperen theepotten die hier nog gedreven worden. De prijzen liggen onder die van Marrakech omdat de toeristenmarge kleiner is.
Wat je beter laat liggen: antiek zonder herkomst, fossielen en tapijten onder tijdsdruk; voor tapijten is de stad niet de specialist en de verhalen zijn mooier dan de knopen. En verzend niets via aangeboden koeriers van kramen; wat mee moet, moet in de koffer passen.
Praktisch tussen de winkelwerelden
De tram is de winkelas: lijn 1 rijgt centrum, centrale markt en de wijken aan elkaar voor rond de 8 dirham per rit volgens de vervoerder, omgerekend zo'n 75 eurocent; voor de mall aan het einde van de Corniche, een rit van zo'n 10 kilometer vanaf het centrum, is de petit taxi de praktische keuze, met de meter of een afgesproken prijs.
Contant geld regeert op de markten, in kleine coupures; de malls en supermarkten pinnen probleemloos. De ritmes om te onthouden: markten pieken in de ochtend, malls in de avond, vrijdagmiddag valt de handel stil rond het gebed en in de ramadan verschuift alles naar na zonsondergang.
Wanneer je gaat
Winkelen kent hier geen seizoen, maar het comfort wel: april tot en met juni en september tot en met november geven 20 tot 26 graden, ideaal voor de open markten en de wandelingen ertussen. In juli en augustus wint de gekoelde mall het van de middagsouk.
De bijzondere kalender loont: in de ramadan zijn de avondmarkten na zonsondergang een feest van gebak en lampen, en rond de suikerfeesten barst de patisserie van Habous uit haar voegen. Wie op vrijdag plant, doet de mall of de Corniche; de markten nemen die dag hun rustuur serieus.