De Betuwe is fruitland, en met kinderen draait alles om het plukseizoen
Foto: Kaja Sariwating / Unsplash
Dit is de grootste fruitstreek van het land, met duizenden hectaren appel, peer en kers tussen de Waal en de Lek. In het seizoen mag u op tientallen bedrijven zelf plukken.
Buiten dat seizoen moet u het van andere dingen hebben, en die liggen verspreid. Dit artikel behandelt de uitjes, met prijzen, leeftijden en afstanden, en het zegt erbij wat er niet in de streek ligt.
Kersen zijn er in juli, appels en peren vanaf eind augustus
Zelf plukken kan bij fruitbedrijven rond Geldermalsen, Erichem, Buren en Kesteren. Kersen zijn er doorgaans van eind juni tot eind juli, appels en peren van eind augustus tot in oktober.
Zelf plukken kost 2 tot 4 euro per kilo voor appels en 6 tot 12 euro voor kersen. Bedrijven openen pas als het fruit rijp is en dat verschuift per jaar twee weken; bel of kijk online voor u rijdt. Met kinderen is een uur genoeg, want daarna is de emmer vol en de aandacht op.
Het fort bij Herwijnen is als doe-museum over kaarten ingericht
In een fort van de waterlinie bij Herwijnen zit een museum over navigatie, landmeten en satellietbeelden, met proefopstellingen, een doolhof en een uitkijkpunt.
Entree kost 14 tot 18 euro voor volwassenen en iets minder voor kinderen; het is doorgaans van dinsdag tot zondag open van 10.00 tot 17.00 uur, in de winter beperkter. Reken op drie uur. Voor kinderen van zes tot veertien is dit het beste uitje van de streek, en een groot deel ervan is buiten.
Met de pont over de Linge en de Waal is op zichzelf een uitje
Over beide rivieren varen kleine veerponten die dijk met dijk verbinden. De Linge is zo smal dat de overtocht een paar minuten duurt; over de Waal ziet u van dichtbij de duwbakken langsvaren.
Een overtocht met de fiets kost 1,50 tot 3 euro. De meeste veren varen van april tot oktober van ongeveer 8.00 tot 18.00 uur. Let op: bij hoogwater liggen ze stil. Voor kinderen is de Waal het aardigst, want daar passeren de grootste schepen van Europa op enkele tientallen meters afstand.
Hellendoorn ligt niet in de Betuwe, maar in Overijssel
Foto: Thomas Bormans / Unsplash
Het attractiepark met die naam ligt op ongeveer 130 kilometer hiervandaan, ruim anderhalf uur rijden. Vanuit de Betuwe is dat geen dagje uit maar een dag reizen.
Wat wel binnen bereik ligt: het openluchtmuseum bij Arnhem, op 25 tot 40 kilometer, met historische boerderijen en een trammetje, entree rond de 22 euro. Ook dat ligt strikt genomen buiten de streek, aan de andere kant van de Rijn, maar u bent er in een half uur.
Kinderboerderijen en speeltuinen liggen in vrijwel elk dorp
De dorpen in de streek hebben bijna allemaal een speeltuin en veel ervan ook een kinderboerderij met geiten, kippen en konijnen.
Toegang is doorgaans gratis of kost enkele euro's; ze zijn van 9.00 tot 17.00 uur open en in de winter korter. Daarnaast staan er bij boerderijen automaten met ijs, melk en fruit, waar kinderen zelf hun muntje in mogen doen. Voor een middag zonder plan werkt dat beter dan een betaald park.
In de uiterwaarden lopen wilde paarden en runderen
Langs de Waal liggen natuurgebieden waar konikpaarden en gallowayrunderen het hele jaar buiten staan om het gebied kort te houden. U loopt er over struinpaden tussen de dieren door.
Toegang is gratis en de gebieden zijn dag en nacht open. Let op: dit zijn geen tamme dieren. Houd 25 meter afstand, loop niet tussen een merrie en haar veulen door en houd honden aan de lijn. Voor kinderen is dat meteen de les: dit is geen weiland maar een natuurgebied.
Fietsen gaat op knooppunten en het is overal vlak
Het hele gebied is met genummerde knooppunten gedekt; u stelt zelf een lus samen. Hoogteverschil is er niet, behalve de dijk op en af.
Fietsen kost niets; huren 12 tot 20 euro per dag, een kar of zitje 5 tot 10 euro extra. Een rondje van 20 kilometer met een pont erin is met kinderen vanaf een jaar of zeven goed te doen. Reken op wind in plaats van heuvels: op de dijk kan tegenwind een rit twee keer zo zwaar maken.
Praktisch
Vanaf Utrecht bent u er in drie kwartier, vanaf Nijmegen in een half uur. Treinen stoppen in Tiel, Geldermalsen en Culemborg; vanaf die stations rijdt u 5 tot 15 kilometer naar de dorpen. Nederland betaalt met de euro.
Het laatste weekeinde van september is er in Tiel een groot gratis muziekfestival dat volgens de organisatie meer dan honderdduizend bezoekers trekt; wegen en parkeerplaatsen in de omgeving zitten dan vast. Mei tot september geeft 15 tot 24 graden en is voor buiten spelen het aangenaamst.