Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Goeree-Overflakkee ligt op de trekroute, en dat is te merken
Foto: Claudia Zuidema / Pexels
Het eiland ligt tussen twee voormalige zeearmen en de Noordzee, met slikken, kwelders, duinen en zoet en zout water op korte afstand van elkaar. Die combinatie trekt vogels aan: broedvogels in het voorjaar, doortrekkers in het najaar en tienduizenden overwinteraars in de winter.
Dit artikel behandelt de gebieden, wat er per seizoen zit en welke uitrusting je nodig hebt.
De Slikken van Flakkee zijn het grootste gebied
Foto: Claudia Zuidema / Pexels
Aan de oostkant van het Grevelingenmeer ligt ruim 1.500 hectare voormalige zeebodem, die na de afsluiting in 1971 droogviel en sindsdien is dichtgegroeid met ruigte, struweel en plassen. Schotse hooglanders en konikpaarden houden het open.
Er staan meerdere vogelkijkhutten langs de routes, die van 4 tot 10 kilometer lopen en van zonsopgang tot zonsondergang toegankelijk zijn. In het najaar en de winter zitten er duizenden ganzen, smienten en steltlopers; in het voorjaar broeden er onder meer bruine kiekendieven en baardmannetjes in het riet. Toegang is gratis.
De Kwade Hoek is jong duin met zeevogels
Foto: FransA / Pexels
Aan de noordpunt bij Ouddorp ligt ruim 500 hectare duin, slik en zandplaat, waar de kust nog altijd aangroeit. Het is broedgebied voor grondbroeders als de bontbekplevier, de strandplevier en verschillende soorten sterns.
Juist daarom zijn delen van april tot half juli afgesloten en moeten honden er aangelijnd of helemaal niet komen. Blijf op de gemarkeerde paden en de vlonders. Buiten het broedseizoen is het gebied vrij toegankelijk en dan is het bij eb de plek om steltlopers op de platen te zien.
De Scheelhoek is een lepelaarskolonie
Bij Stellendam, aan het Haringvliet, ligt een gebied van rietvelden en eilandjes waar lepelaars broeden, samen met kluten, visdiefjes en aalscholvers. Vanaf de kijkhut heb je er zicht op zonder ze te storen.
Lepelaars zijn hier van ongeveer maart tot september; ze overwinteren in West-Afrika, ruim 4.000 kilometer zuidelijker. Volgens de tellers gaat het om enkele honderden broedparen. Een verrekijker is genoeg, maar met een telescoop zie je pas hoe de kolonie werkt. Kom in de ochtend, wanneer de vogels het actiefst zijn en de zon van achteren komt in plaats van in je lens.
Het Haringvliet is sinds 2019 weer half open
De Haringvlietsluizen staan sinds 2019 op een kier, waardoor er weer zout water het estuarium in komt en trekvissen kunnen passeren. Voor vogels betekent dat een geleidelijke terugkeer van slikken en zilte begroeiing, en dus meer voedsel voor steltlopers.
Rond het Haringvliet en het Volkerak liggen daarnaast kijkpunten bij de dammen. In de winter drijven er grote groepen eenden en duikers op het open water. Neem een windjack mee: op de dijken en dammen staat vrijwel altijd wind en er is geen enkele beschutting.
De zeearend is de winteraanwinst
Sinds de zeearend in Nederland weer broedt, is hij ook in dit deltagebied een vaste verschijning geworden, vooral van november tot maart. Met een spanwijdte tot ongeveer 2,4 meter is het de grootste roofvogel van het land; de dieren jagen over afstanden van tientallen kilometers.
Je ziet ze doorgaans op honderden meters afstand zitten op een paal of een boom aan de rand van open water, of laag over de plassen jagen, waarbij honderden watervogels tegelijk opvliegen. Dat opvliegen is vaak het eerste teken dat er een arend nadert. Ook blauwe kiekendieven en slechtvalken overwinteren hier.
Wat je meeneemt en wanneer je gaat
Een verrekijker van 8 of 10 keer vergroting is het minimum en kost vanaf ongeveer 100 euro; de afstanden in deze gebieden zijn groot en zonder kijker zie je stippen. Laarzen zijn buiten de zomer nodig, en warme kleding in laagjes, want je staat stil in de wind.
Oktober tot maart is het beste seizoen: dan zitten de ganzen, de steltlopers en de roofvogels er. April tot juni is voor broedvogels en zang, met de kanttekening dat delen dan gesloten zijn. Ga vroeg in de ochtend of in het laatste uur voor zonsondergang; daartussenin is het rustig op het wad en druk op de paden.