Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Rond de Neusiedler See ligt een vlakke fietsronde van honderdvijfentwintig kilometer
Foto: Christian Holzinger / Unsplash
Dit steppemeer op de grens van Oostenrijk en Hongarije meet volgens het nationale park ongeveer 315 vierkante kilometer en is gemiddeld nog geen anderhalve meter diep. Eromheen ligt een aaneengesloten fietsroute die vrijwel nergens klimt.
Dit artikel behandelt die ronde en de dorpen eraan, met afstanden, prijzen, veerdiensten en de ene factor die hier over uw dag beslist.
Niet de heuvels maar de wind bepaalt hoe zwaar het is
Er is geen enkele noemenswaardige klim, maar over dit vlakke land staat vrijwel dagelijks wind, meestal uit het noordwesten. Tegen de wind in kost een uur fietsen hier net zoveel als een stevige klim elders.
Praktisch: rijd de ronde met de klok mee als het uit het noordwesten waait, dan hebt u de zwaarste stukken mee. Fietsverhuur kost 15 tot 25 euro per dag, een elektrische fiets 30 tot 40 euro. Voor de hele ronde staat twee tot drie dagen; in één dag is 125 kilometer voor de meesten te veel.
Met de veerboot slaat u veertig kilometer over
Tussen de oost- en westoever varen in het seizoen veerboten die fietsen meenemen, waarmee u de zuidelijke lus van de route afsnijdt. De overtocht duurt ongeveer een half uur.
Een enkele reis kost 8 tot 12 euro per persoon inclusief fiets; ze varen van eind april tot begin oktober, meerdere keren per dag. Praktisch: hiermee maakt u van de grote ronde een dagtocht van 60 tot 70 kilometer, wat met kinderen vanaf een jaar of tien haalbaar is. Kijk de laatste afvaart na, want die ligt vroeg.
In Rust broeden ooievaars op de schoorstenen
Aan de westoever ligt een stadje waar ooievaars al eeuwen op de schoorstenen van de burgerhuizen nestelen; de gemeente laat de nesten staan en er broeden er tientallen paren.
Rondlopen is gratis. De vogels zijn er van eind maart tot eind augustus; daarna trekken ze weg. Het stadje hoort bij het gebied dat sinds 2001 als cultuurlandschap op de werelderfgoedlijst staat. Reken op een uur.
De rietkraag is de op een na grootste van Europa
Foto: Hasmik Ghazaryan Olson / Unsplash
Het meer is over een groot deel van de oever omzoomd door riet dat plaatselijk 3 tot 5 kilometer breed is; samen gaat het om ruim 180 vierkante kilometer. Daardoor komt u op veel plekken helemaal niet bij het water, en dat verrast bezoekers.
Er zijn aangelegde kanalen en steigers waar u wel bij het water komt. In één plaats aan de oostoever grenst het strand rechtstreeks aan het meer zonder rietgordel; dat is de enige plek waar dat zo is. Toegang tot de strandbaden kost 5 tot 8 euro per persoon per dag.
Het water is ondiep en daardoor warm
Doordat het meer nergens dieper is dan ongeveer 1,8 meter, warmt het snel op: in juli en augustus haalt het 23 tot 28 graden, warmer dan de meeste Oostenrijkse meren.
Dat maakt het geschikt voor kinderen, maar ook voor surfers en kitesurfers, die van de vaste wind gebruikmaken. Een surfles van twee uur kost 60 tot 90 euro. Let op: bij aflandige wind waaien opblaasbare boten en luchtbedden hier in minuten het riet in; gebruik ze niet.
Aan de oostkant ligt een nationaal park met zoutplasjes
Ten oosten van het meer ligt een vlakte met tientallen ondiepe, zilte plassen die in de zomer deels opdrogen en een witte zoutrand achterlaten. Sinds 1993 is het gebied nationaal park, samen met het Hongaarse deel.
Toegang is gratis en er staan kijkhutten langs fietspaden. Het bezoekerscentrum vraagt enkele euro's en is van dinsdag tot zondag open. Maart tot mei en september tot oktober zijn de beste maanden vanwege de vogeltrek.
Elk dorp aan de route heeft eigen wijnkelders
Dit is een wijnstreek: langs de route liggen dorpen met kelderstraatjes waar de wijnbouwers hun eigen wijn schenken. Aan de oostkant worden zoete wijnen gemaakt van druiven die door een schimmel zijn ingedroogd.
Een proeverij kost 10 tot 20 euro per persoon en de kelders zijn doorgaans van 's middags tot een uur of tien open, vaak alleen van donderdag tot zondag. Let op: fietsen na een proeverij valt onder dezelfde alcoholregels als autorijden, en er wordt op gecontroleerd.
Praktisch
Vanaf Wenen rijdt u in een uur over 60 kilometer, of u neemt de trein naar een van de dorpen aan de westoever in vijftig minuten. Oostenrijk betaalt met de euro. Voor de snelwegen hebt u een vignet nodig.
Mei, juni en september geven 20 tot 27 graden en zijn voor fietsen het aangenaamst. In juli en augustus loopt het op naar 30 tot 34 graden en is er weinig schaduw langs de route; neem water mee. In het najaar is het hier mistig en van november tot maart ligt vrijwel alles stil.