Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De twee stranden van San Sebastián zijn niet hetzelfde
Foto: Bráulio jardim / Pexels
Volgens de gemeente ligt La Concha tussen de heuvels Urgull en Igeldo en wordt de baai door het eilandje Santa Clara afgeschermd, waardoor er nauwelijks golven staan en het water geleidelijk afloopt. Zurriola, aan de andere kant van de monding van de Urumea, ligt open op zee en heeft juist branding; daar wordt gesurft.
Met kinderen maakt dat het verschil. Dit artikel gaat over wat er in Baskenland met kinderen te doen is, met prijzen, leeftijden en de dingen waar je aan deze kust op moet letten.
La Concha en Ondarreta zijn de plekken voor kleine kinderen
Foto: Guerrero De la Luz / Pexels
Het water in de baai is rustig, er staat in de zomer strandwacht en bij eb ligt er een brede strook zand; voorbij de tennisclub gaat La Concha over in Ondarreta, dat nog iets rustiger is en eindigt bij de Peine del Viento, het stalen beeld van Chillida waar de zee door de pijpen blaast. Rond de baai loopt een promenade van ongeveer anderhalve kilometer met de witte balustrade die het beeld van de stad bepaalt.
Toegang is gratis; ligbedden en parasols huur je voor 10 tot 20 euro per dag. Let op het getij: bij hoog water verdwijnt een groot deel van het zand en zit je dicht op elkaar. De getijdentabel hangt bij de opgangen en scheelt uren. Op de Monte Igeldo staat een kermis uit 1912 met een waterglijbaan en een kabeltrein naar boven voor enkele euro's.
Zurriola is voor surfers
Aan de oostkant van de Urumea ligt Zurriola, dat open op de Golf van Biskaje uitkijkt, met golven die het hele jaar door aanrollen. Er zijn surfscholen die vanaf een jaar of acht lesgeven, met groepslessen van 35 tot 50 euro per persoon. Wie een nog breder strand wil: Zarautz, twintig minuten westelijk, heeft de langste zandstrook van de Baskische kust.
Voor peuters is Zurriola ongeschikt: er staat branding en er kan onderstroom optreden. Bij rode vlag gaat niemand het water in. De twee stranden van de stad liggen op twintig minuten lopen van elkaar, dus je kunt per dag kiezen op basis van wind en leeftijd.
Eureka! Zientzia Museoa is de beste regendagoptie
In de wijk Miramón aan de rand van San Sebastián ligt Eureka! Zientzia Museoa, met proefopstellingen die kinderen zelf bedienen, een planetarium en een afdeling over het menselijk lichaam. Entree kost rond de 12 euro voor volwassenen en minder voor kinderen; het planetarium wordt apart gerekend.
Het is doorgaans dagelijks open, met kortere tijden buiten het seizoen. Reken op drie uur. Met de bus ben je er in een kwartier vanaf het centrum. Voor kinderen van zes tot veertien werkt het uitstekend; jonger wordt het snel te abstract. Het Aquarium aan de oude haven is de andere binnenoptie, met een tunnel door het haaienbassin.
De Mercado de la Ribera in Bilbao ligt aan de rivier
In de Casco Viejo van Bilbao staat aan de Nervión de Mercado de la Ribera, een overdekte markt uit 1929 met honderden kramen op meerdere verdiepingen, waar vis, vlees en groente worden verkocht en waar boven eetstalletjes zitten.
Toegang is gratis en de markt is doordeweeks en op zaterdagochtend open. Voor kinderen is vooral de visafdeling indrukwekkend, met soorten die ze uit de supermarkt niet kennen. Eromheen liggen de Zazpi Kaleak, de zeven straten van de oude stad, met pintxobars waar een hapje 2 tot 4 euro kost. Wie de dag wil afmaken met een boot: vanaf de kade varen tochtjes over de Nervión langs de Vizcaya-brug bij Portugalete, de oudste transportbrug ter wereld en sinds 2006 werelderfgoed.
De grot van Santimamiñe is niet meer vrij te bezoeken
Foto: Eduardo Kenji Amorim / Unsplash
Let op: de Santimamiñe-grot bij Kortezubi, met tekeningen uit het paleolithicum, is sinds 2006 gesloten voor publiek omdat het klimaat binnen door bezoekers werd aangetast. Wie ervoor omrijdt zonder te boeken, staat voor een dichte deur.
Wat wel kan: een rondleiding naar de voorste gangen en een driedimensionale reconstructie van de tekeningen in het bezoekerscentrum, voor enkele euro's. Het ligt in het Urdaibai-biosfeerreservaat rond de monding van de Oka, met het bos van Oma van kunstenaar Agustín Ibarrola ernaast en vogelkijkhutten langs het water; bij Bermeo en Lekeitio kun je dezelfde dag nog een vissershaven en een strand meepikken. Bij Irun, aan de andere kant van de provincie, is het Plaiaundi-park in de baai van Txingudi gratis en vol vogels.
Karpin Abentura vangt in beslag genomen dieren op
In Karrantza in het westen van Biskaje ligt Karpin Abentura, dat begon als opvang voor dieren die uit particulier bezit of uit de handel zijn gehaald, met beren, wolven en apen die niet meer in het wild kunnen leven. Er is een deel over de inheemse fauna en een pad met dinosaurusmodellen.
Entree kost rond de 15 euro voor volwassenen en minder voor kinderen; het is van het voorjaar tot het najaar open. Reken op een halve dag. Het is aanzienlijk kleiner dan een dierentuin, en juist die opzet maakt het bruikbaar om kinderen uit te leggen waarom die dieren daar zitten.
De natuurparken in het binnenland zijn steil
Achter de kust liggen Urkiola, Aizkorri-Aratz en Gorbeia, waar de toppen tot boven de 1.500 meter komen; de Aizkorri zelf haalt 1.528 meter. De routes daar zijn stevig: reken op 600 tot 900 hoogtemeters voor de bekendste tochten, wat met jonge kinderen te veel is.
Er zijn wel korte routes vanaf de bezoekerscentra, van 2 tot 5 kilometer met beperkte klim, en die zijn goed aangegeven; het vlakste alternatief is het Pagoeta-park bij Aia, met een werkende watermolen en een smidse. Bij Aizkorri staat de basiliek van Arantzazu uit de jaren vijftig, met gevelbeelden van Jorge Oteiza. Toegang tot de parken is gratis. In het voorjaar en het najaar is het er groen en koel; in augustus is het in de dalen 28 tot 32 graden en op de open hellingen zwaar.
Praktisch
Foto: luis Peralta / Pexels
Bilbao heeft een luchthaven met rechtstreekse vluchten vanuit Nederland in ongeveer twee uur; tussen Bilbao, San Sebastián en Vitoria rijden bussen en treinen die er ruim een uur over doen, en langs de kust rijdt de smalspoorlijn van Euskotren via Getaria en Zarautz. Voor de dorpen en de parken is een auto praktischer. Spanje betaalt met de euro.
Juni tot september is het strandseizoen, met water van 19 tot 22 graden en luchttemperaturen van 22 tot 28. Deze kust is groener dan de rest van Spanje omdat het er meer regent; ook in juli kan het een dag doorregenen. Houd daarom altijd één binnenoptie achter de hand.