Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
In Hauts-de-France ligt een flink deel van de uitjes onder de grond
Foto: Bingqian Li / Pexels
Hauts-de-France begint vlak voorbij de Belgische grens en loopt tot voorbij de Somme. Wat de streek met kinderen bijzonder maakt, is dat een groot deel van de bezienswaardigheden zich onder het maaiveld bevindt: schuilgangen, krijtgroeven en bunkers.
Dat is geen toeval, want hier is eeuwenlang kalksteen gewonnen en er is twee wereldoorlogen lang gevochten. Dit artikel zet de uitjes op een rij, met entreeprijzen, leeftijden, openingstijden en afstanden vanaf Lille en Amiens.
Onder Naours ligt een dorp met driehonderd kamers in de kalksteen
Onder een heuvel bij Naours, 15 kilometer ten noorden van Amiens, ligt een stelsel van ruim 2 kilometer gangen met driehonderd kamers, tot 33 meter diep, waarin de dorpelingen zich in de zeventiende eeuw met vee en al verscholen.
Een rondleiding kost 12 tot 16 euro voor volwassenen en minder voor kinderen; ze duurt een uur en gaat altijd met een gids. In de wanden staan volgens het bezoekerscentrum ruim drieduizend namen gekrast door soldaten die er in de Eerste Wereldoorlog rondliepen. Let op: het is er het hele jaar rond de negen graden en vochtig, dus jassen mee, ook in augustus.
De betonnen koepel bij Saint-Omer was een lanceerbasis voor raketten
Bij Helfaut, net ten zuiden van Saint-Omer, ligt La Coupole: een bunkercomplex met een betonnen koepel van 55.000 ton en 5 meter dik, in 1943 en 1944 door dwangarbeiders gebouwd om V2-raketten te lanceren. Het complex is door de bombardementen nooit in gebruik genomen.
Entree kost 12 tot 17 euro voor volwassenen en minder voor kinderen; het is dagelijks open, doorgaans van 9.00 tot 18.00 uur. Reken op drie uur met het planetarium erbij. Let op: het gaat hier over dwangarbeid en oorlog en dat is stevige kost; met kinderen onder een jaar of tien werkt het planetarium wel en de rest niet.
Het kasteel van Pierrefonds is een negentiende-eeuws ideaalbeeld
Foto: Paul Julliot / Pexels
In het zuiden van de streek, bij Compiègne, staat het Château de Pierrefonds: een middeleeuwse burcht die Viollet-le-Duc tussen 1858 en 1885 voor Napoleon III herbouwde tot zijn eigen voorstelling van de middeleeuwen, met torens, kantelen en beschilderde zalen.
Entree kost 8 tot 12 euro voor volwassenen en kinderen tot achttien uit de Europese Unie komen gratis binnen. Het is dagelijks open behalve op maandag, doorgaans van 10.00 tot 17.30 uur. Reken op twee uur. Dit is het kasteel dat er precies zo uitziet als kinderen verwachten dat een kasteel eruitziet, en dat komt doordat het als decor is bedacht.
De dierentuin van Lille ligt in het park bij de citadel
In Lille ligt in het Parc de la Citadelle, 70 hectare groen op loopafstand van het centrum, een dierentuin met ongeveer driehonderd dieren. Jarenlang was de toegang gratis; inmiddels geldt een laag tarief van enkele euro's, waarbij jonge kinderen nog altijd gratis naar binnen mogen.
Reken op anderhalf uur. Het park eromheen is wel vrij toegankelijk, met speeltuinen en een kermis met draaimolen. Let op: het tarief van de dierentuin is de afgelopen jaren gewijzigd, dus kijk het na op de site van de stad voordat je ervan uitgaat dat het gratis is. In de winter sluit het park rond half zes.
Het vogelreservaat aan de Baai van de Somme heeft kijkhutten langs de route
Aan de noordkant van de Baai van de Somme, bij Saint-Quentin-en-Tourmont, ligt het Parc du Marquenterre: 200 hectare duin, plas en kwelder waar volgens het park rond de driehonderd vogelsoorten worden gezien, met kijkhutten langs drie uitgezette routes.
Entree kost 10 tot 14 euro voor volwassenen en minder voor kinderen; het is dagelijks open, doorgaans van 10.00 tot 17.00 uur. Reken op twee tot drie uur voor de lange lus van 6 kilometer. Verrekijkers zijn ter plekke te huur voor enkele euro's, en met kinderen maakt dat het verschil tussen kijken en zien.
In diezelfde baai ligt de grootste zeehondenkolonie van Frankrijk
In de Baai van de Somme leeft de grootste kolonie gewone zeehonden van Frankrijk. Bij laag water komen de dieren op de zandbanken liggen, het best te zien vanaf de Pointe du Hourdel en vanaf de dijk bij Le Crotoy.
Kijken kost niets; een begeleide wandeling met een gids die het tij kent, kost 12 tot 20 euro per persoon. Let op: zelf de zandbanken op lopen is levensgevaarlijk, want het water komt sneller op dan je loopt, en het verjaagt de dieren van hun ligplaats. Houd minstens 300 meter afstand, ook met een verrekijker.
Het pretpark bij Merlimont is op jonge kinderen gericht
Bij Merlimont, tussen Berck en Le Touquet, ligt Bagatelle: een attractiepark uit 1955 in een dennenbos achter de duinen, met achtbanen, waterattracties en een fors deel voor kleuters.
Een dagkaart kost 25 tot 35 euro per persoon, met korting voor kinderen onder een bepaalde lengte; het park is van april tot begin november open, doorgaans van 10.00 tot 18.00 uur. Reken op een volle dag. Dit is duidelijk kleiner dan de parken bij Parijs, 200 kilometer zuidelijker, en juist dat maakt het met jonge kinderen behapbaar. In Le Touquet ligt met Aqualud een overdekt zwemparadijs voor een regendag.
Praktisch
Foto: Daria K / Pexels
Vanuit Nederland rijd je in drie tot vijf uur naar Hauts-de-France; de snelweg is tot voorbij de Belgische grens tolvrij en daarna niet meer. Er rijden treinen naar Lille, Amiens, Calais en Boulogne-sur-Mer en van daaruit streeklijnen. Frankrijk betaalt met de euro en vrijwel overal met de kaart.
Mei, juni en september geven 15 tot 22 graden en de meeste zon; in juli en augustus zijn de kust en de parken vol. In de winter is het 4 tot 9 graden, maar Naours, La Coupole, Nausicaá in Boulogne-sur-Mer en het Historial de la Grande Guerre in Péronne blijven open, wat deze streek ook buiten het seizoen bruikbaar maakt. Let op: veel kleinere musea in de Sommevallei en rond Abbeville sluiten in januari helemaal.