Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home Griekenland Thessalië Bergen, stranden en de mystieke Meteora-kloosters in Thessalië
Bestemming 7 min lezen

Bergen, stranden en de mystieke Meteora-kloosters in Thessalië

Ricardo Veldmeijer
Ricardo Veldmeijer Redacteur · 27 mei 2025

De Olympus is met 2.917 meter de hoogste berg van Griekenland

Verkenning van het Olympisch gebergte in Thessalië
Foto: Fabrizio Conti / Unsplash
De Olympus ligt op de grens van Thessalië en Macedonië; de hoogste top heet Mytikas en meet 2.917 meter. Het massief werd in 1938 het eerste nationale park van Griekenland en beslaat ruim 400 vierkante kilometer, met meer dan 1.700 plantensoorten en de Balkan-gems als bekendste bewoner. Het startpunt is Litochoro, een dorp op 300 meter aan de voet van de berg, 90 kilometer van Thessaloniki en 5 kilometer van de zee. Wandelen kost niets en de paden zijn gemarkeerd. Dit artikel behandelt de bergen, de kloosters en de kust van Thessalië, met prijzen, hoogtes en afstanden.

De laatste honderd meter naar Mytikas gaat met handen en voeten

Zon, zee en strand, de kustlijn van Thessalië
Foto: Chavdar Lungov / Pexels
De gewone route loopt van Prionia op 1.100 meter in drie tot vier uur naar de berghut Spilios Agapitos op 2.100 meter, waar je overnacht voor 15 tot 25 euro per persoon in een slaapzaal; de hut is open van half mei tot eind oktober en reserveren is verplicht. De volgende ochtend klim je in drie uur naar de top. Let op: het laatste stuk van Skala naar Mytikas is geen wandeling maar een klim over blokken met een steile afgrond ernaast, en er vallen op de Olympus vrijwel elk jaar doden. Wie dat niet wil, loopt naar Skolio op 2.911 meter, zes meter lager en zonder klimwerk.

Van de vierentwintig Meteora-kloosters zijn er zes in gebruik

Bij Kalambaka en Kastraki staan zandsteenpilaren van 200 tot 400 meter hoog waarop vanaf de veertiende eeuw kloosters zijn gebouwd. Van de vierentwintig zijn er nu zes bewoond en te bezoeken: Megalo Meteoro, Varlaam, Roussanou, Agios Nikolaos Anapafsas, Agia Triada en Agios Stefanos. Meteora staat sinds 1988 op de UNESCO-werelderfgoedlijst. Entree kost 5 euro per klooster en elk klooster heeft een eigen sluitingsdag, meestal ergens doordeweeks; controleer dat vooraf, want anders sta je voor een dichte poort. Er geldt een kledingvoorschrift: bedekte schouders voor iedereen, lange broek voor mannen en een rok voor vrouwen, die bij de ingang uit te lenen is.

De monniken kwamen vroeger in een net naar boven

Tot in de jaren twintig waren de kloosters alleen bereikbaar met touwladders en met netten die met een lier omhoog werden getrokken; op de vraag hoe vaak het touw werd vervangen luidde het antwoord dat dat gebeurde als het brak. De trappen die je nu gebruikt zijn in de jaren twintig en dertig in de rots gehakt en tellen per klooster 100 tot 300 treden. Reken op een hele dag voor drie of vier kloosters, of een halve dag voor twee. De weg erlangs is 17 kilometer lang en er rijdt in het seizoen een bus vanuit Kalambaka. Meteora is ook een klimgebied van naam, met honderden routes op de pilaren; klimmen mag niet op rotsen waar een klooster op staat.

Op de Pelion rijdt een smalspoortreintje uit 1903

De Pelion is het beboste schiereiland ten oosten van Volos, volgens de mythologie de woonplaats van de Centauren en van Chiron, de centaur die Achilles opvoedde. De dorpen Makrinitsa en Portaria liggen op 600 tot 700 meter tegen de helling, met stenen huizen en uitzicht over de Pagasitische Golf. Van Ano Lechonia naar Milies rijdt de Moutzouris, een smalspoortrein op een spoor van 60 centimeter breed dat in 1903 werd voltooid en over stenen viaducten gaat. De rit duurt ongeveer anderhalf uur en kost 10 tot 20 euro; hij rijdt in het seizoen doorgaans in het weekend, dus kijk de dienstregeling na. In de winter draait het skigebied Agriolefkes op 1.500 meter.

De stranden van de Pelion liggen aan twee verschillende zeeën

Het uitzicht vanaf de berg Pilio
Foto: Angelos Lamprakopoulos / Pexels
De oostkant van het schiereiland ligt aan de Egeïsche Zee, met Agios Ioannis, Damouchari en Mylopotamos als bekendste baaien; de westkant ligt aan de beschutte Pagasitische Golf, waar het water vlakker is en de dorpen dichter bij Volos liggen. Toegang is overal gratis en ligbedden kosten 10 tot 20 euro per set. Let op: bij Mylopotamos en Damouchari loopt de weg steil naar beneden en is de parkeerruimte klein, en bij aanlandige wind staat er aan de oostkant golfslag. Het water haalt in juli en augustus 24 tot 26 graden.

In Volos bestel je geen gerecht maar een rondje tsipouro

Volos is de havenstad van Thessalië met ongeveer 85.000 inwoners en heeft een eigen eetgewoonte: in de tsipouradika bestel je een karafje tsipouro, waarbij het huis zelf bepaalt welk hapje erbij komt. Elk volgend rondje levert een ander gerecht op, doorgaans vis of zeevruchten. Een karafje met hapje kost 3 tot 6 euro en drie of vier rondjes vormen een maaltijd. De zaken zitten vooral rond de haven en aan de Argonafton-boulevard en gaan 's middags al open. Vanuit Volos vertrekken ook de boten naar de Sporaden: Skiathos met het strand van Koukounaries, Skopelos en Alonissos.

Het Plastiras-meer is in 1959 aangelegd

In het westen van Thessalië, in de bergen boven Karditsa, ligt het Plastiras-meer op ongeveer 800 meter. Het is een stuwmeer in de Tavropos-rivier dat in 1959 werd voltooid en rond de 24 vierkante kilometer beslaat; er loopt een rondweg van ongeveer 60 kilometer omheen met uitzichtpunten. Varen, kajakken en fietsen kunnen er en een kajak huren kost 10 tot 20 euro per uur. Zuidwestelijk begint het Agrafa-gebergte, waarvan de naam letterlijk de ongeschrevenen betekent: de dorpen daar stonden niet in de Ottomaanse belastingregisters omdat het gebied te ontoegankelijk was. Dat is het nog steeds: reken op smalle bergwegen en dorpen als Kerasia met een handvol bewoners.

Valia Kalda ligt niet in Thessalië

Dit punt staat in veel reisteksten verkeerd. De Valia Kalda is een dal in het Pindos-gebergte, maar het hoort bij het nationale park Pindos in Epirus en Macedonië, ten noordwesten van Metsovo, en niet bij Thessalië. Vanaf Kalambaka rijd je er ruim twee uur naartoe. Het gebied is een van de laatste leefgebieden van de bruine beer in Griekenland en er staan Macedonische dennen van honderden jaren oud. De Balkanlynx wordt er in oudere teksten bij genoemd, maar die is in Griekenland al decennia niet meer betrouwbaar waargenomen. Toegang is gratis; de paden zijn matig gemarkeerd en de toegangsweg is onverhard, dus dit is geen tussendoortje.

Praktisch

Vanuit Nederland vlieg je op Thessaloniki of Athene; vanaf Thessaloniki is het anderhalf uur naar Litochoro en tweeënhalf uur naar Kalambaka, vanaf Athene vier tot vijf uur. Er rijdt ook een trein van Athene en Thessaloniki naar Kalambaka met overstap in Paleofarsalos. Een huurauto kost 35 tot 60 euro per dag en Griekenland betaalt met de euro. Mei, juni, september en oktober geven 20 tot 28 graden en zijn voor de bergen en Meteora de beste maanden. In juli en augustus loopt het in de vlakte van Thessalië naar 35 tot 40 graden, wat bij de kloosters zonder schaduw zwaar is. Van december tot maart ligt er sneeuw op de Olympus en de Agrafa en zijn de hutten dicht.
Ricardo Veldmeijer
Over de auteur
Ricardo Veldmeijer

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Ricardo Veldmeijer →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine