Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Het uitzicht vanaf de kliffen
De kliffen van Slieve League vallen op het hoogste punt ongeveer 600 meter naar zee, waarmee ze tot de hoogste van Ierland en van Europa horen. De allerhoogste van het land zijn het niet, ook al staat dat geregeld op borden en in folders: die staan op Achill Island in Mayo, met bijna 690 meter.
Vanaf het onderste parkeerterrein is het ongeveer 1,5 kilometer omhoog naar het lage uitzichtpunt, met bij drukte een pendeldienst als alternatief voor een paar euro. De wand kijkt naar het zuidwesten, waardoor de kleuren in de late namiddag het sterkst zijn. Toegang tot het gebied is gratis en het is dag en nacht open.
De tocht naar One Man's Pass
Voorbij het bekende uitzichtpunt loopt de kamroute door naar een passage die op het smalste punt nog geen meter breed is, met aan beide kanten een vrije val van honderden meters. Wie de hele oversteek naar de top van 595 meter maakt, is heen en terug vier tot vijf uur bezig.
Let op: dit stuk is niet beveiligd en bij wind of natte rots wordt het sterk afgeraden; er zijn hier in het verleden dodelijke ongelukken gebeurd. Keer bij twijfel om bij het brede deel van de kam, want daar heb je het uitzicht ook. Er is boven geen beschutting en geen bereik voor een telefoon.
De vroegchristelijke resten liggen hoog op de berg
De resten van een oratorium en een bron liggen niet aan de voet van de klif maar vlak bij de top, op ongeveer 550 meter hoogte. Ze worden in verband gebracht met een monnik uit de zesde eeuw die zich hier zou hebben teruggetrokken, ver van alles.
Wat er staat zijn lage stenen funderingen van enkele meters doorsnee, gemakkelijk te missen zonder kaart. Ze liggen aan het pad dat vanaf de noordkant omhoog loopt, ongeveer 4 kilometer vanaf de onderste parkeerplaats. Toegang kost niets en er staat geen bord; dit is geen bezienswaardigheid maar een plek die je zelf moet vinden.
Vanuit Teelin varen boten onder de wand door
Teelin ligt in een beschutte inham ongeveer 3 kilometer van het onderste parkeerterrein en telt nog geen honderd inwoners. Vanuit de haven vertrekken boottochten die de kliffen vanaf zee laten zien; pas van beneden af is de volle hoogte te bevatten.
Een tocht duurt ongeveer een uur en kost rond de 35 euro per persoon. Ze varen van april tot oktober en gaan bij ruwe zee niet door, wat ook in de zomer geregeld gebeurt. Boek vooruit in juli en augustus, want de boten zijn klein en de afvaarten beperkt.
Op de richels groeien planten uit de ijstijd
Op de rotsrichels houden arctisch-alpiene planten stand die hier sinds de laatste ijstijd zitten, waaronder soorten die elders in Ierland alleen hoog in de bergen voorkomen. Ze overleven doordat schapen en vee er niet bij kunnen.
Op de wand broeden noordse stormvogels, en in de weiden erboven zit de alpenkraai, een zwarte kraaiachtige met een rode snavel en rode poten die in Ierland vooral langs dit soort kust voorkomt. Het broedseizoen loopt van april tot juli en volgens de vogeltellingen zitten er enkele tientallen paren op deze wand. Blijf op de paden, want de graszode aan de rand is los en breekt af.
De naam betekent berg van de grafstenen
Slieve League wordt doorgaans vertaald als berg van de platte stenen of grafstenen, wat verwijst naar de resten op de top. Volgens de plaatselijke overlevering vluchtten monniken hierheen tijdens de vikinginvallen in de negende eeuw.
Ook gaat het verhaal dat de smalle passage haar naam dankt aan de breedte waarop maar één persoon tegelijk kon passeren. Zulke verhalen zijn niet gedocumenteerd, maar ze bepalen wel hoe de berg hier wordt aangeduid; de Ierse naam staat sinds 1835 zo op de kaarten van de landmeetkundige dienst.
Het pelgrimspad klimt vanaf de noordkant
Vanaf de noordkant loopt een ouder pad in ongeveer 5 kilometer naar de top, langs de vroegchristelijke resten. Het is een stuk rustiger dan de route vanaf het bekende uitzichtpunt en klimt gelijkmatiger, met zo'n 500 meter stijging.
Reken op vier uur heen en terug. Het pad is deels ongemarkeerd en loopt over drassig veen, dus waterdichte schoenen zijn nodig en een kaart of gps geen overbodige luxe. Lopen kost niets, maar er is onderweg geen water, geen beschutting en geen mogelijkheid om af te snijden.
De zon zakt in de zomer recht voor je in zee
Omdat de kliffen naar het zuidwesten kijken, zakt de zon in de zomermaanden recht voor de wand in de Atlantische Oceaan. In juni gebeurt dat pas na 22.00 uur, en dat is meteen het probleem: je loopt dan in het donker terug.
Neem een lamp mee, want er is geen verlichting op het pad of op de parkeerplaats. Het laatste stuk van de weg naar boven is smal en heeft nauwelijks passeerplaatsen, wat in het donker met tegenliggers onprettig is. Wie dat liever vermijdt, kiest de late namiddag; dan is het licht al laag en de drukte al weg.
Bij het bezoekerscentrum begint de pendeldienst
Aan de aanrijroute bij Carrick staat een bezoekerscentrum met informatie, toiletten en een café, doorgaans dagelijks open van 10.00 tot 17.00 uur. Vanaf daar rijdt bij drukte een pendelbus naar het hoger gelegen parkeerterrein, omdat de smalle weg het verkeer anders niet aankan.
Een retour kost een paar euro. In het hoogseizoen is het hogere terrein soms al voor de middag vol en wordt het hek gesloten, en dan is de bus de enige manier om boven te komen. In hetzelfde dal liggen de tweeddorpen Carrick en Kilcar, met werkplaatsen waar nog op handgetouwen wordt geweven.
Bunglas Point is het punt van de foto's
Bunglas ligt op ongeveer 300 meter boven zee, halverwege de hoogte van de wand, en is het uitzichtpunt waar vrijwel alle foto's worden gemaakt. Vanaf het hek is het nog geen honderd meter lopen naar de rand.
De rotsen kleuren hier roodbruin, oker en groen door ijzer en koper in het gesteente, en dat komt na een bui het best uit. Vanaf Killybegs, de grootste vissershaven van Ierland, is het ongeveer 20 kilometer over smalle wegen, een halfuur rijden. Parkeren kost niets, maar de plaatsen zijn beperkt.