Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Ierland › County Sligo › Bezoek Strandhill en Rosses Point voor surfen en rust
Bestemming 10 min lezen

Bezoek Strandhill en Rosses Point voor surfen en rust

Jorrit Drenth
Jorrit Drenth Redacteur · 27 mei 2025

Strandhill en Rosses Point liggen aan weerszijden van de baai

De twee dorpen kijken over Sligo Bay naar elkaar, maar over de weg is het 15 kilometer om, via Sligo-stad. Strandhill ligt aan de open oceaan en vangt de golven; Rosses Point ligt beschut op een landtong en heeft rustiger water. Dat verschil bepaalt waarvoor je waar bent: surfen en branding aan de ene kant, zwemmen, zeilen en wandelen aan de andere. Ierland betaalt met de euro. Dit artikel behandelt beide dorpen, met prijzen, openingstijden en afstanden.

In Strandhill surf je wel maar zwem je niet

De golven zijn hier consistent en er zitten meerdere surfscholen; een les van twee uur kost rond de 35 tot 45 euro inclusief pak en plank, en een plank huren rond de 20 euro per dag. Let op: zwemmen is op dit strand verboden. Er staat een sterke onderstroom en er hangen borden die het verbod aangeven; dat wordt geregeld genegeerd en daar zijn ongelukken van gekomen. Wie wil zwemmen, gaat naar het strand bij Rosses Point of naar Dunmoran verderop langs de kust.

De zeewierbaden gebruiken vers geoogst wier

In het dorp zit een badhuis waar je in een gietijzeren bad ligt met warm zeewater en vers gesneden wier, een gebruik dat aan deze kust teruggaat tot de negentiende eeuw. De oliën uit het wier maken het water dik en glad, wat even wennen is. Een sessie duurt ongeveer een uur en kost rond de 30 euro per persoon; er is ook een stoomkast. Reserveren is in het weekend nodig. Dit is de logische afsluiting van een surfochtend, en het werkt ook prima als het buiten regent, wat hier vaak genoeg gebeurt.

Bij Rosses Point wijst de Metal Man de vaargeul aan

Op een rots in de baai staat sinds 1821 een geschilderd ijzeren beeld van een zeeman dat met uitgestrekte arm de veilige diepte aanwijst; het is een van de weinige bakens van dit type in Ierland en nog altijd in functie. Vanaf het strand is hij goed te zien, zeker met een verrekijker. Verderop in de baai staat een vuurtoren uit de negentiende eeuw op een rots; die is alleen vanaf het water of vanaf de kust te bekijken en niet te bezoeken. Kijken kost niets en de kustwandeling erlangs duurt een uur.

Knocknarea is 327 meter hoog

Deze heuvel tussen de twee dorpen draagt op de top een grote steenhoop die volgens de overlevering het graf van koningin Maeve is; hij is nooit opgegraven, dus wat er onder ligt, weet niemand precies. De klim duurt drie kwartier over een gemarkeerd pad dat sinds een paar jaar is verhard om erosie tegen te gaan; parkeren kan bij twee startpunten en kost niets. Boven kijk je over de baai, de Atlantische Oceaan en tot aan Benbulben. Neem een windjack mee, want op de kale top staat vrijwel altijd wind.

Leg geen stenen meer op de grafheuvel

Er bestaat een gebruik om onderaan een steen op te rapen en die boven op de cairn te leggen. Dat werd lang aangemoedigd, maar het beschadigt het monument: de heuvel wordt er breder en lager van en archeologen kunnen de oorspronkelijke vorm niet meer vaststellen. Tegenwoordig vragen de beheerders bezoekers uitdrukkelijk om dat niet meer te doen en ook niet op de cairn te klimmen. Reisteksten die het nog aanraden, lopen achter. Laat de stenen dus liggen waar ze liggen; het uitzicht heb je ook zonder.

Carrowmore ligt tussen de twee dorpen in

Dit grafveld is een van de grootste en oudste van Ierland, met graven die tussen ongeveer 4000 en 3500 voor Christus zijn gebouwd. Het gaat om zo'n dertig dolmens en steenkransen, met in het midden de cairn Listoghil waarin sporen van crematies zijn gevonden. Entree kost rond de 5 euro en het terrein is van april tot oktober dagelijks open, met een rondleiding inbegrepen; reken op anderhalf uur. Vanaf het veld zie je Knocknarea liggen, en die twee plekken horen bij elkaar: het grafveld in de vlakte, het grote graf op de heuvel erboven.

De Yeats-route verbindt de bezienswaardigheden

Een bewegwijzerde autoroute rijgt de plekken aaneen die in het werk van William Butler Yeats voorkomen: zijn graf in Drumcliff onder Benbulben, Lough Gill met het eilandje Innisfree en de waterval van Glencar net over de grens in Leitrim. Rijden kost niets en de hele lus is in een dag te doen, met 80 tot 100 kilometer aan afstanden. Strandhill en Rosses Point liggen er allebei aan. Wie liever leest dan rijdt, kan in Sligo-stad in het Yeats-gebouw terecht, waar zijn werk en brieven liggen.

De golfbaan bij Rosses Point is van 1894

Deze linksbaan aan de landtong werd in 1894 aangelegd en in 1927 herontworpen door Harry Colt; het is een van de bekendste van Ierland en er wordt jaarlijks een nationaal amateurkampioenschap gespeeld. De achttien holes meten ruim 6.000 meter bij par 71, en de wind maakt elke ronde anders. Een greenfee kost 100 tot 180 euro, afhankelijk van het seizoen, en reserveren is nodig. Er is een clubhuis met uitzicht over de baai. Wie niet golft, kan het pad langs de baan gebruiken voor de kustwandeling.

In Strandhill ligt een kleinere baan uit 1931

Aan de andere kant van de baai ligt een linksbaan die in 1931 werd aangelegd, tussen de duinen en de oceaan. Hij is korter en goedkoper dan die bij Rosses Point en daarmee toegankelijker voor wie er gewoon een ronde wil lopen. Een greenfee kost 40 tot 70 euro en er is een clubhuis en een pro-shop. Ook hier bepaalt de wind het spel: bij westenwind spelen sommige holes twee clubs langer. De duinen eromheen zijn onderdeel van de baan, dus loop er niet doorheen als er gespeeld wordt.

Langs de baai broeden en overwinteren wadvogels

De slikken en kwelders van Sligo Bay zijn belangrijk voor steltlopers: in de winter foerageren er bonte strandlopers, zilverplevieren en kluten op de droogvallende platen, en in Drumcliff Bay overwinteren duikers. In de bossen en op de heuvels zitten buizerd en sperwer. De beste tijd is rond laagwater in de vroege ochtend; kijk dus eerst de getijtafel na. Neem een verrekijker mee, want de vogels zitten ver uit de kant. Vogels kijken kost niets en kan het hele jaar, met de winter als beste seizoen.

Praktisch bij beide dorpen

Vanaf Sligo-stad is het naar allebei ongeveer 8 kilometer, een kwartier rijden; er rijden bussen, maar niet vaak. Parkeren is bij beide dorpen gratis maar in de zomer schaars, zeker bij mooi weer in het weekend. Een pubmaaltijd kost 15 tot 22 euro en de keukens sluiten vaak al om half negen. Mei tot en met september geeft 14 tot 19 graden; in juli en augustus zijn de accommodaties weken vooruit vol. Aan deze kust waait het vrijwel altijd, dus neem waterdichte kleding mee in plaats van een paraplu.
Jorrit Drenth
Over de auteur
Jorrit Drenth

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Jorrit Drenth →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine