Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Yeats ligt begraven in Drumcliff onder Ben Bulben
William Butler Yeats werd in 1865 in Dublin geboren, maar bracht een groot deel van zijn jeugd door bij familie in Sligo, en dat landschap komt in zijn werk steeds terug: Lough Gill met het eilandje Innisfree, de tafelberg Ben Bulben en de watervallen in de dalen.
Hij stierf in 1939 in Frankrijk en werd in 1948 herbegraven op het kerkhof van Drumcliff, aan de voet van die berg, zoals hij in een gedicht had gevraagd. Het kerkhof is vrij toegankelijk en er staat ook een ronde toren uit een veel ouder klooster. Reken op een halfuur; er is een café en een parkeerplaats.
In Strandhill kun je surfen maar niet zwemmen
Dit dorp aan de kust heeft consistente branding en een stuk of wat surfscholen; een les van twee uur kost rond de 35 tot 45 euro inclusief pak en plank. Het strand is breed en er staat vrijwel altijd golf.
Let op: zwemmen is hier verboden en dat is geen formaliteit. Er staat een sterke onderstroom en er staan borden die het verbod aangeven; wie wil zwemmen, gaat naar het beschutte strand aan de andere kant van de landtong. Na afloop zijn er cafés in het dorp en een zeewierbad waar je in warm water met wier ligt, voor rond de 30 euro.
De Gleniff Horseshoe is een lus van tien kilometer
Deze smalle weg loopt als een hoefijzer door een dal dat aan drie kanten wordt ingesloten door wanden van de Dartry Mountains. Je rijdt of fietst hem in een uur, met onderweg een verlaten schoolgebouw en hoog in de wand een grot die in de mythen als graf van twee geliefden geldt.
Rijden kost niets en er zijn een paar uitwijkplaatsen. De weg is één rijstrook breed, dus met een camper is het geen goed idee. Wie wil lopen, kan vanaf de weg het dal in, maar de hellingen zijn steil en ongemarkeerd; blijf dan bij de onderrand.
Carrowmore telt ruim dertig graven
Dit is een van de grootste en oudste megalithische grafvelden van Ierland, met graven waarvan de oudste rond 3700 voor Christus worden gedateerd; sommige onderzoekers houden het op nog ouder. De graven variëren van eenvoudige dolmens tot de centrale cairn Listoghil, waarin sporen van crematies zijn gevonden.
Entree kost rond de 5 euro en het terrein is van april tot oktober dagelijks open; er is een rondleiding inbegrepen. Vanaf het veld kijk je op Knocknarea, de heuvel met een grote steenhoop op de top die volgens de overlevering het graf van koningin Maeve is. Die klim duurt drie kwartier en is gratis.
In Sligo-stad staan de abdij en het Yeats-gebouw
Sligo Abbey uit 1253 is als ruïne bewaard gebleven, met kruisgangen en een altaar dat als een van de weinige middeleeuwse in Ierland op zijn plek staat; entree kost rond de 5 euro. Het Yeats Memorial Building aan de rivier bewaart zijn werk en organiseert lezingen en tentoonstellingen.
Het Model Arts Centre toont hedendaagse kunst en heeft een collectie van de schildersfamilie waartoe de dichter behoorde, en het provinciaal museum behandelt de streek van de prehistorie tot nu; dat laatste is gratis. Reken op een halve dag voor de stad, die verder compact is en goed te belopen.
Inishmurray is sinds 1948 onbewoond
Op dit eiland voor de kust liggen de resten van een vroegchristelijke nederzetting die volgens de overlevering in de zesde eeuw door Molaise werd gesticht, met een ringmuur, kerkjes en stenen hutten die opvallend gaaf zijn gebleven.
De laatste bewoners vertrokken in 1948. Boten varen vanuit Mullaghmore en Rosses Point, maar alleen bij rustige zee; er is geen haven, dus je stapt over op de rotsen. Een overtocht kost 40 tot 60 euro per persoon en gaat vaak niet door. Neem eten, water en waterdichte kleding mee, want op het eiland is niets.
De Glencar-waterval ligt net over de grens
Deze val van ongeveer 15 meter wordt altijd bij Sligo genoemd, maar ligt in County Leitrim, een paar kilometer over de grens; vanaf Sligo-stad rijd je er in een halfuur heen. Yeats verwerkte de plek in The Stolen Child.
Toegang is gratis, parkeren kost een paar euro en vanaf de parkeerplaats loop je er in vijf minuten heen over een vlonderpad, ook met een kinderwagen. Na regen is de val fors indrukwekkender; in een droge augustusweek kan hij tot een straaltje teruglopen. Er is een theehuis bij de ingang.
Markree Castle is geen veertiende-eeuwse burcht
Reisteksten geven dit gebouw een oorsprong in de veertiende eeuw. Dat klopt niet: de familie Cooper kreeg het landgoed in de zeventiende eeuw na de Cromwelliaanse veroveringen en bouwde er een huis, dat in 1802 door Francis Johnston tot een neogotisch kasteel werd omgebouwd.
Tijdens de burgeroorlog in de jaren twintig werd het bezet. Tegenwoordig is het een hotel, dus je kunt er slapen of eten maar niet als museum rondlopen. Het park eromheen hoort bij het hotel. Wie een echte middeleeuwse burcht wil zien, kan beter naar de ruïnes elders in het graafschap.
In de pubs wordt doorgaans na negenen gespeeld
Sligo-stad heeft een levende traditie van sessies, waarbij muzikanten aanschuiven en spelen voor hun plezier; het begint meestal rond 21.30 uur en de toegang is gratis. Een pint kost 5,50 tot 7 euro.
De bekendste adressen liggen binnen een paar honderd meter van elkaar in het centrum. Het is geen optreden met een podium, dus aan de muziekkant van de zaal gaat luisteren voor praten. Doordeweeks is het rustiger en spelen de muzikanten vaak langer; in het weekend is het vol en korter van adem.
Praktisch
Vanuit Nederland vlieg je in ongeveer anderhalf uur op Dublin; vanaf daar is het 215 kilometer naar Sligo, ruim tweeënhalf uur rijden, of je neemt de trein die er drie uur over doet. Voor de kust, de dalen en Carrowmore heb je een auto nodig; huren kost 40 tot 80 euro per dag.
Mei tot en met september geeft 14 tot 19 graden en de meeste droge dagen. Aan deze kust waait het vrijwel altijd, dus neem waterdichte kleding mee in plaats van een paraplu. In juli en augustus zijn de accommodaties in Strandhill en aan de kust weken vooruit vol.