Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Italië › Lazio › Wandelen rond het Meer van Bolsena en in de Sabijnse heuvels
Bestemming 8 min lezen

Wandelen rond het Meer van Bolsena en in de Sabijnse heuvels

Jorrit Drenth
Jorrit Drenth Redacteur · 27 mei 2025

Het meer van Bolsena ligt in een ingestorte vulkaan

Regio Lazio
Foto: Yeswanth Mohana Velu / Unsplash
Met ongeveer 114 vierkante kilometer is het Lago di Bolsena het grootste vulkanische meer van Europa, ontstaan toen een magmakamer leegliep en het dak instortte. Er liggen twee eilanden in, de Isola Bisentina en de kleinere Isola Martana, en het water is er in de zomer 22 tot 24 graden. De Bisentina met zijn kloostertuin is sinds 2022 weer te bezoeken, met boten vanuit Capodimonte. Ten oosten ervan begint met de Sabina een heuvelland vol olijfgaarden dat naar de Apennijnen oploopt. Dit artikel behandelt de wandelroutes in beide gebieden, met afstanden, entreeprijzen en het seizoen.

De Via Francigena loopt langs het meer

Wandelen door de olijfgaarden in de Sabijnse heuvels
Foto: Cristian Manieri / Pexels
De oude pelgrimsroute van Canterbury naar Rome, die aartsbisschop Sigeric in 990 beschreef, passeert de westoever en is tegenwoordig als langeafstandspad gemarkeerd. De etappe van Bolsena naar Montefiascone is ongeveer 18 kilometer en loopt over onverharde wegen tussen olijfgaarden en hazelaars. In Montefiascone staat de Rocca dei Papi, de burcht waar de pausen in de dertiende eeuw de zomer doorbrachten en waar je over de kantelen het hele meer overziet; entree kost enkele euro's. Hier wordt ook de Est! Est!! Est!!! gemaakt, de witte wijn die zijn naam aan een reizende bisschop moet danken. Voor wie geen hele etappe wil, is het stuk vanaf Montefiascone naar het water een afdaling van ongeveer een uur.

Civita di Bagnoregio is alleen over een brug bereikbaar

Op een tufsteenpunt boven een ravijn ligt Civita di Bagnoregio, dat door erosie van het omringende land is losgeraakt; het is nu alleen te bereiken over een voetgangersbrug van ruim 300 meter. De rots brokkelt nog steeds af, waardoor het plaatsje het stervende stadje wordt genoemd. Entree tot het dorp kost rond de 5 euro. Er wonen nog maar enkele tientallen mensen permanent. De brug is stevig maar steil en er is geen schaduw; in de zomer doe je het voor tien uur 's ochtends. Voor het beste zicht op het geheel loop je naar het uitkijkpunt aan de rand van Bagnoregio zelf, wat gratis is. De kloof eronder, de Valle dei Calanchi, heeft eigen paden.

Bij Torre Alfina ligt een bos dat als monument is beschermd

Onder het kasteel van Torre Alfina ligt het Bosco del Sasseto, een oud bos met reusachtige beuken en met tufsteenblokken die met mos zijn begroeid, ontstaan uit een vulkanische afzetting. Het geldt als een van de best bewaarde oude bossen van Midden-Italië, en middenin staat het mausoleum van Edoardo Cahen, de negentiende-eeuwse eigenaar. Het is alleen met een gids te bezoeken, op vaste tijden en na reservering, voor rond de 10 euro. De rondgang duurt ongeveer anderhalf uur over een pad met trappen. Dat het niet vrij toegankelijk is, verklaart waarom het er zo ongeschonden bij ligt.

De Riserva Naturale Monte Rufeno heeft de langste routes

Wandelen naar de top van de Monte Rufeno voor een uitzicht
Foto: Diana Gradinaru / Pexels
Rond de beboste Monte Rufeno bij Acquapendente, tegen de grens met Toscane en Umbrië, ligt een reservaat van bijna 3.000 hectare met gemarkeerde paden van 5 tot 20 kilometer door eikenbos en langs de Paglia. Toegang is gratis. De hoogste punten liggen rond de 780 meter, wat in de zomer verkoeling geeft ten opzichte van het meer. In Acquapendente staat het bezoekerscentrum met kaarten. Let op: de bewegwijzering is er wisselend en op sommige paden verdwenen; neem een route op de telefoon mee en vertrouw niet alleen op de bordjes.

De Sabijnse heuvels zijn olijfgebied

Ten oosten van Rome liggen de heuvels van de Sabina, waar op grote schaal olijven worden geteeld; de olie heeft met de Sabina DOP een beschermde herkomstaanduiding. Bij Canneto Sabino staat de Olivone, een olijfboom die volgens de plaatselijke overlevering ruim duizend jaar oud is en waarvan de stam met meerdere mensen niet te omvatten is. Er lopen paden tussen de gaarden en de dorpen, met tochten van 8 tot 15 kilometer en klimmen van 200 tot 400 meter. De oogst valt in november; molens laten dan bezoekers toe. Buiten die periode zijn proeverijen bij de producenten op afspraak mogelijk, voor 10 tot 20 euro per persoon.

De abdij van Farfa gaat terug tot de vroege middeleeuwen

Midden in dat heuvelland ligt de Abbazia di Farfa, een benedictijnenabdij die volgens de overlevering rond 680 op oudere resten werd gesticht en die in de negende eeuw onder de Karolingers tot de machtigste van Europa hoorde. De kerk heeft een vloer en fresco's uit verschillende eeuwen, en de bibliotheek bewaart middeleeuwse handschriften. De abdij is te bezoeken met een rondleiding voor enkele euro's, doorgaans van 09.30 tot 12.30 uur en van 15.30 tot 18.00 uur. Eromheen ligt een gehucht met winkeltjes in oude pelgrimshuizen. Vanaf de abdij lopen paden het dal van de Farfa in, over 8 tot 12 kilometer; het is een geschikt startpunt voor een halve dag.

Het Lago di Vico ligt hoger en is beschermd

Ten zuidoosten ligt het Lago di Vico, een kleiner kratermeer dat volledig binnen een natuurreservaat valt, omringd door beukenbos op de kraterrand met de Monte Venere als schiereiland erin. Zwemmen is er beperkt toegestaan en motorboten zijn verboden. Rond het meer loopt een pad van ongeveer 18 kilometer, grotendeels vlak en door bos; wie wil klimmen gaat de Monte Fogliano op. Het is er koeler dan bij het grote meer, doordat het op ongeveer 500 meter ligt. Voor vogels is het najaar de beste periode; in de zomer is het een van de weinige plekken in deze provincie met schaduw over de hele route.

Praktisch

Het gebied ligt op anderhalf tot twee uur rijden ten noorden van Rome; er rijden treinen naar Viterbo en Orte, maar tussen de dorpen heb je een auto nodig. Vanuit Nederland vlieg je in ruim twee uur op Fiumicino. Italië betaalt met de euro. April, mei, september en oktober zijn de beste maanden om te wandelen, met 18 tot 26 graden. In juli en augustus loopt het op naar boven de 33 graden en is wandelen alleen in de vroege ochtend verstandig; het meer is dan wel op zijn warmst. In de winter is het groen en stil, maar zijn veel restaurants in de dorpen doordeweeks gesloten.
Jorrit Drenth
Over de auteur
Jorrit Drenth

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Jorrit Drenth →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine