Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Termoli is de enige haven van Molise
De hele kust van deze regio is ongeveer 35 kilometer lang en er is maar één stad van betekenis aan: Termoli. De oude kern, het Borgo Antico, staat op een rots die de zee in steekt en is met een muur omsloten; daarbinnen liggen ongeveer honderd huizen en de straten zijn te smal voor auto's.
Campobasso, de hoofdstad, ligt 65 kilometer landinwaarts op 701 meter hoogte, en de Samnitische vindplaatsen liggen daar weer een uur voorbij. Dit artikel loopt die drie af, met entreeprijzen, openingstijden en reistijden. Italië betaalt met de euro.
Het Castello Svevo staat op de punt van de rots
Foto: Gabriella Clare Marino / Unsplash
Keizer Frederik II liet dit vierkante kasteel in 1247 herbouwen op een ouder fort; het heeft ronde hoektorens en staat pal boven het water. Vanaf de muren kijk je over de haven en bij helder weer zie je de Tremiti-eilanden liggen.
Entree kost enkele euro's en het is doorgaans van dinsdag tot zondag open, met een middagpauze. Reken op een half uur. Op 3 en 4 augustus wordt het feest van San Basso gevierd, waarbij het beeld van de beschermheilige over zee wordt gevaren en er vuurwerk vanaf het kasteel gaat; die twee dagen is het in het stadje druk en zijn de hotels vol.
De kathedraal van Termoli heeft twee heiligen in de crypte
De Cattedrale di Santa Maria della Purificazione werd in de twaalfde en dertiende eeuw gebouwd in de Apulisch-romaanse stijl, met een gevel van blinde bogen en een portaal met reliëfs. In de crypte liggen de resten van San Basso en van San Timoteo, die in 1945 bij werkzaamheden onder de vloer werden teruggevonden.
Toegang is gratis en de kerk is dagelijks open, met een pauze tussen de middag. Reken op een half uur. Een paar straten verderop ligt A Rejecelle, een steeg van ongeveer 40 centimeter breed die als de smalste van Italië te boek staat; er past één persoon zijwaarts doorheen.
Langs de kust staan de trabucchi in zee
Dit zijn houten vissteigers op palen, met giekarmen waaraan een vierkant net hangt dat met een lier omhoog wordt gehaald. Ze staan op rotspunten tussen Termoli en de grens met Abruzzen, vooral rond Petacciato en Montenero di Bisaccia, en sommige zijn honderden jaren oud van ontwerp.
Kijken kost niets en er lopen paden vanaf de kustweg naartoe. In een paar ervan wordt gekookt, en dan kost een menu met vis 40 tot 70 euro en moet je reserveren. De stranden ten noorden en ten zuiden van de stad zijn zand; een ligbed met parasol kost 12 tot 20 euro per dag en er zijn vrije stukken tussen de strandtenten.
Vanuit Termoli vaar je in een uur naar de Tremiti-eilanden
Foto: Gabriele Romano / Unsplash
Deze vijf eilanden liggen ongeveer 40 kilometer uit de kust en horen bij Puglia, niet bij Molise. Op San Nicola staat een versterkte abdij uit de elfde eeuw; San Domino is het groenste en heeft een pijnboombos en baaien met helder water. Eromheen ligt een beschermd zeegebied waar duiken alleen met een vergunning mag.
De draagvleugelboot doet er ongeveer een uur over en kost 30 tot 50 euro retour, de gewone veerboot anderhalf uur en iets minder; de dienst loopt van april tot oktober en vaart niet bij ruwe zee. Auto's mogen er in de zomer niet heen. Reken op een hele dag.
Campobasso ligt onder een kasteel op 790 meter
Het Castello Monforte staat boven de stad op de plek van een Samnitische en later Longobardische versterking; het huidige gebouw werd rond 1450 opgetrokken en na de aardbeving van 1456 hersteld. Het plein ervoor is gratis en je kijkt er over de Matese-bergen en bij helder weer tot de Maiella.
De oude stad eronder loopt in trappen langs de helling, met de romaanse kerken San Bartolomeo en San Giorgio uit de elfde en twaalfde eeuw. Rondlopen kost niets. Campobasso stond eeuwenlang bekend om zijn messen- en scharenmakers, en in een paar werkplaatsen wordt dat nog gedaan; een handgesmeed mes kost 40 tot 150 euro.
Op sacramentsdag hangen er kinderen in de lucht boven Campobasso
De Sagra dei Misteri is de bekendste optocht van de stad: dertien draagbare stellages van ijzer en hout, in de achttiende eeuw bedacht door Paolo Saverio Di Zinno, waarin kinderen en volwassenen in harnassen zo zijn opgehangen dat ze zwevend lijken. Ze stellen heiligen, engelen en duivels voor en worden door dragers door de straten gedragen.
Kijken is gratis; de optocht is op sacramentsdag, zestig dagen na Pasen, dus eind mei of in juni. De stellages staan de rest van het jaar in een museum in de stad, voor enkele euro's van dinsdag tot zondag. Let op: op die dag is het centrum afgezet en zijn er geen parkeerplaatsen binnen de ring.
In het Museo Sannitico staat de wapenrusting van de Samnieten
Dit museum in het centrum van Campobasso toont bronzen borstplaten, helmen met horens en gordels uit de vierde en derde eeuw voor Christus, gevonden in graven in de omgeving. Daarnaast liggen er sieraden, aardewerk en votiefbeeldjes uit de heiligdommen.
Entree kost enkele euro's en het is van dinsdag tot zondag open. Reken op een uur. De Samnieten leefden hier vanaf ongeveer de zevende eeuw voor Christus en vochten drie oorlogen tegen Rome tussen 343 en 290 voor Christus; bij de Caudijnse passen dwongen ze in 321 een heel Romeins leger tot overgave, en pas daarna werden ze onderworpen.
Pietrabbondante is het belangrijkste heiligdom van dat volk
Foto: Gabriele Romano / Unsplash
Op ongeveer 1.000 meter hoogte in de provincie Isernia liggen een theater uit de tweede eeuw voor Christus en twee tempels. Het theater bood plaats aan ongeveer tweeduizend mensen; de stoelen op de eerste rijen hebben armleuningen in de vorm van griffioenpoten en schuin gekapte rugleuningen. Een inscriptie wijst erop dat de grote tempel aan de godin Victoria was gewijd.
Entree kost enkele euro's en het terrein is doorgaans van dinsdag tot zondag open. Reken op een uur. Vanaf Campobasso is het ruim een uur rijden over bergwegen voor nog geen 60 kilometer. Bij Sepino ligt daarnaast de Romeinse stad Saepinum, met muren, een theater en een forum, gratis toegankelijk.
De natuur zit in het binnenland, niet aan de kust
Bij Vastogirardi en Pescolanciano liggen de bossen van Montedimezzo en Collemeluccio, volgens Unesco sinds 1977 als biosfeerreservaat aangewezen; het gaat om oude beuken- en zilversparopstanden met wandelpaden van 2 tot 8 kilometer. Toegang is gratis en er is een bezoekerscentrum.
De Biferno is met ongeveer 84 kilometer de enige rivier die volledig binnen Molise loopt en mondt bij Termoli uit; de Trigno vormt de grens met Abruzzen. In de Matese-bergen ten zuidwesten liggen toppen tot 2.050 meter en een karstmeer. Reken vanaf de kust op anderhalf uur rijden, want er loopt geen snelweg het binnenland in.