Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Italië › Molise › Molise, rust, bergen en traditie in onontdekt Italië
Bestemming 8 min lezen

Molise, rust, bergen en traditie in onontdekt Italië

Robin van den Bosch
Robin van den Bosch Redacteur · 27 mei 2025

Molise is de jongste regio van Italië en na Valle d'Aosta de kleinste

Tot 1963 hoorde dit gebied bij Abruzzen; toen werd het een zelfstandige regio met twee provincies, Campobasso en Isernia. Het meet ongeveer 4.460 vierkante kilometer en telt rond de 290.000 inwoners, minder dan de stad Bologna. Dat verklaart meteen de rust: er is geen enkele snelweg door het binnenland, alleen de A14 langs de 35 kilometer kust. Wie hier komt, rijdt over bergwegen van 40 kilometer per uur en doet er langer over dan de kaart doet vermoeden. Dit artikel behandelt de bergen, de dorpen en de kust, met afstanden, entreeprijzen en openingstijden. Italië betaalt met de euro.

Door de streek lopen de oude schaapsdriften

Traditioneel leven in de dorpjes van Molise
Foto: Ka Lacasse / Pexels
De tratturi zijn brede graspaden waarover kuddes eeuwenlang tussen de bergen van Abruzzen en de vlakte van Foggia trokken. De grootste, de Tratturo Magno van L'Aquila naar Foggia, is ongeveer 244 kilometer lang en was op papier 111 meter breed; stukken ervan liggen dwars door Molise en zijn als wandelpad in gebruik. Lopen kost niets. Volgens Unesco staat deze trek sinds 2019 op de lijst van immaterieel erfgoed. Bij Sepino loopt een tratturo pal door de Romeinse stad heen, en aan de randen liggen nog de stenen grenspalen uit de achttiende eeuw. In mei en september is het er aangenaam lopen; in juli is er op de open stukken geen schaduw.

De muren van Saepinum zijn Romeins, de Samnitische liggen hoger

De opgraving bij Altilia onder Sepino toont een compleet Romeins stadje: een omwalling van ongeveer 1.200 meter met vier poorten, een theater voor rond de drieduizend mensen, een forum en een badhuis. De muren zijn rond het begin van onze jaartelling gebouwd, dus niet door de Samnieten. Die woonden hoger op de berg, bij Terravecchia, en hun muren van ongestapelde kalkstenen blokken uit de vierde en derde eeuw voor Christus liggen daar en op Monte Vairano. Saepinum is gratis en het terrein is dagelijks toegankelijk; het museum is van dinsdag tot zondag open. Reken op anderhalf uur. Er wonen nog boeren binnen de muren, met schuren tegen het theater aan gebouwd.

In Pietrabbondante staat een Samnitisch theater tegen de berg

Op ongeveer 1.000 meter hoogte ligt het belangrijkste heiligdom van de Samnieten, met een theater uit de tweede eeuw voor Christus en twee tempels erachter. De stenen zitplaatsen op de eerste rij hebben armleuningen in de vorm van griffioenpoten, en de rugleuningen zijn schuin gekapt zodat je er goed op zit. Entree kost enkele euro's en het terrein is doorgaans van dinsdag tot zondag open. Reken op een uur. Vanaf de bovenste rij kijk je over het dal tot aan de Maiella. Let op: de weg erheen is smal en kronkelig, en vanaf Isernia ben je ruim drie kwartier onderweg voor nog geen 30 kilometer.

Het klooster van San Vincenzo al Volturno heeft fresco's uit de negende eeuw

Drie edellieden uit Benevento stichtten het rond het jaar 703 aan de bron van de Volturno; in de negende eeuw woonden er naar verluidt honderden monniken en was het een van de grotere kloosters van Europa. In 881 werd het door Saraceense benden geplunderd en afgebrand. Wat ervan over is, is de crypte van abt Epifanio met een beschilderd gewelf uit de jaren 824 tot 842, een van de best bewaarde Karolingische fresco's die er zijn. Bezoek gaat op afspraak via de zusters van het huidige klooster en kost enkele euro's; reken op drie kwartier. De opgraving ernaast is gratis. In de crypte mag niet gefotografeerd worden.

Het nationale park deelt Molise met Abruzzen en Lazio

De kustlijn van Termoli
Foto: Gabriele Romano / Pexels
Het Parco Nazionale d'Abruzzo, Lazio e Molise beslaat ongeveer 50.000 hectare en is in 1922 ingesteld. Er leven naar schatting vijftig tot zestig Marsicaanse bruine beren, de laatste van hun soort, plus wolven en Apennijnse gemzen. De Molisaanse kant ligt rond Pizzone, Castel San Vincenzo en Rocchetta a Volturno; Pescasseroli en Scanno, die vaak in één adem worden genoemd, liggen in Abruzzen. Toegang is gratis, maar voor de gevoeligste dalen geldt een gidsplicht en een dagelijks maximum. Bij Castel San Vincenzo ligt een stuwmeer met turkoois water waar gezwommen mag worden. Let op: er gelden regels over afval en voedsel omdat beren anders naar de dorpen komen, en honden moeten aan de lijn.

Capracotta ligt op 1.421 meter en heeft langlaufsporen

Het nationaal park van Abruzzo, Lazio en Molise, een paradijs voor natuurliefhebbers
Foto: C1 Superstar / Pexels
Dit is een van de hoogste dorpen van de Apennijnen. Op Prato Gentile, op ongeveer 1.500 meter, ligt een langlaufcentrum met sporen van 5 tot 15 kilometer; een dagkaart kost 5 tot 10 euro en de sneeuw ligt er van december tot maart. In maart 2015 viel hier in anderhalve dag ruim twee meter sneeuw. In de zomer is het hier 10 graden koeler dan aan de kust. De Giardino della Flora Appenninica bij het dorp toont op ongeveer 10 hectare de planten van deze bergen en is van juni tot september open voor enkele euro's. Campitello Matese, het andere skigebied, ligt in het Matese-massief onder de Monte Miletto van 2.050 meter en heeft afdalingen tussen 1.400 en 1.900 meter.

In Agnone wordt sinds bijna duizend jaar klokken gegoten

De Fonderia Marinelli giet hier klokken, naar eigen zeggen al sinds rond het jaar 1000, wat het tot een van de oudste familiebedrijven van Italië maakt; er hangen klokken van deze gieterij in Vaticaanstad. Je ziet de mallen van leem, het wassen model en de oven waarin het brons wordt gegoten. Een rondleiding met museum kost rond de 10 euro en duurt een uur; het is van dinsdag tot zondag open en gieten gebeurt niet op vaste dagen. In hetzelfde stadje zitten smeden en koperslagers. Agnone ligt op 830 meter en is vanaf Isernia een uur rijden over een bergweg van 45 kilometer.

Scapoli is het dorp van de doedelzakmakers

De zampogna, een doedelzak van geitenvel met twee of vier pijpen, wordt hier nog met de hand gemaakt; in de winter trokken de spelers vroeger naar Rome en Napels om voor de kerststal te spelen. In het dorp zit een museum met instrumenten uit heel Europa, voor enkele euro's van dinsdag tot zondag. Eind juli is er een festival waar spelers uit verschillende landen komen; overnachten in de buurt is die dagen krap. Een instrument kopen kost 300 tot 900 euro, afhankelijk van de maat. Scapoli ligt op 650 meter aan de rand van het nationale park, op twintig minuten van Isernia.

De keuken draait om schaap, kaas en truffel

Uit Agnone komt de caciocavallo, een gerijpte koemelkkaas in de vorm van een peer die aan een touw hangt; een halve kilo kost 10 tot 16 euro. In San Martino in Pensilis wordt de pampanella gemaakt, varkensvlees met veel paprikapoeder dat in de oven gaart. Van de bossen komt truffel: Molise levert volgens de streekorganisaties een aanzienlijk deel van de Italiaanse oogst, vooral de zwarte. Een maaltijd in een agriturismo kost 25 tot 40 euro en de wijn is de Tintilia, een inheemse blauwe druif die sinds 2011 een eigen herkomstbenaming heeft; een fles kost 12 tot 25 euro bij het wijnhuis. Proeverijen kosten 10 tot 20 euro per persoon en gaan op afspraak, want veel bedrijven zijn klein en er is niet altijd iemand.
Robin van den Bosch
Over de auteur
Robin van den Bosch

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Robin van den Bosch →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine