Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Karlskrona is als marinestad op de tekentafel bedacht
Foto: Lars H Knudsen / PexelsKarlskrona werd in 1680 gesticht als thuishaven van de Zweedse marine, op een eilandengroep die door zijn ondiepe vaarwater makkelijk te verdedigen was. De stad werd in één ontwerp aangelegd, met een geometrisch stratenplan en een enorm plein in het midden, en staat sinds 1998 als marinehaven op de werelderfgoedlijst van UNESCO.
Dit artikel gaat over de stad, de scheepswerf, de archipel eromheen en het beste seizoen.
Het Marinmuseum vertelt het hele verhaal
Foto: Dang Dao / Pexels
Het Marinmuseum aan de rand van het centrum is het nationale marinemuseum van Zweden en gaat terug op een modellenkamer uit 1752. Binnen staan galjoensbeelden, scheepsmodellen en een gang met glazen bodem waaronder een scheepswrak op de zeebodem ligt.
Het bekendste onderdeel is de onderzeeboot Neptun uit de jaren zeventig, die je van binnen kunt bekijken; de gangen zijn krap, dus wie slecht tegen kleine ruimtes kan slaat dat over. De entree is gratis, wat voor een museum van deze omvang uitzonderlijk is. Reken op twee tot drie uur, en houd er rekening mee dat delen in de winter beperkt open zijn.
Het centrum staat vol barok en hout
Het Stortorget is met zijn afmetingen een van de grootste marktpleinen van Noord-Europa en wordt gedomineerd door twee kerken van dezelfde architect, Nicodemus Tessin de Jongere: de Fredrikskyrkan uit 1744 met haar gele pleisterwerk en twee torens, en de ronde Trefaldighetskyrkan.
Daaromheen ligt de houten bebouwing van de wijk Björkholmen, waar de scheepstimmerlieden woonden in lage huizen met smalle straatjes die naar hun bewoners zijn vernoemd. Het contrast tussen dat volksdeel en het monumentale plein op de heuvel is het aardigste van een stadswandeling; reken op twee uur voor de ronde.
De oude scheepswerf en de forten
Foto: Lars H Knudsen / Pexels
De marinewerf van Karlskrona is nog altijd in gebruik en daarom deels afgesloten, maar in het zomerseizoen zijn er rondleidingen over het terrein, onder meer langs het lijnbaangebouw van ruim 300 meter waar scheepstouw werd geslagen.
In de vaargeul liggen de forten die de haven moesten beschermen. Drottningskär op het eiland Aspö dateert uit de jaren 1680 en geldt als een van de best bewaarde vestingwerken uit die tijd in Zweden; het is vrij toegankelijk en gratis. Aan de overkant ligt Kungsholms fort, dat alleen met een georganiseerde rondvaart bezocht mag worden omdat het militair terrein is.
De archipel telt honderden eilanden
Voor de kust ligt de Blekinge-scherenkust met ruim 1.600 eilanden en klippen, van bewoonde eilanden met dorpen tot kale rotsen. De veerboten van de gemeente varen jaarrond naar Aspö, Hasslö, Sturkö en Tjurkö en zijn gewoon openbaar vervoer; een enkeltje kost enkele euro's.
Aspö is het populairst voor een dagtocht: overvaart van ongeveer een half uur, een fort, stranden en fietspaden. Tjurkö heeft een oude granietgroeve waar in de 19e eeuw stenen voor Europese steden werden gehakt. Neem je fiets mee op de veerboot, want op de eilanden is dat het handigste vervoer.
Kajakken en zwemmen in de scheren
De Blekinge-archipel is beschut, ondiep en heeft weinig getij, en dat maakt hem geschikt voor beginnende kajakkers. Verhuur kost doorgaans 40 tot 60 euro per dag voor een zeekajak, en er zijn begeleide tochten van een halve dag.
Het Zweedse allemansrecht geldt ook hier: je mag vrijwel overal aanlanden, picknicken en één nacht kamperen, mits je afstand houdt van woonhuizen en broedgebieden vermijdt. Houd er rekening mee dat de Oostzee koud blijft: in augustus rond de 18 tot 20 graden, en in juni nog een stuk kouder. Vogelklippen zijn in het broedseizoen afgesloten.
Eriksberg en het achterland
Op ongeveer een half uur rijden ten westen van de stad ligt het wildpark Eriksberg, een omheind gebied van ruim 900 hectare waar Europese bizons, edelherten, damherten en wilde zwijnen vrij rondlopen. U rijdt er met de eigen auto doorheen of gaat mee met een safaribus; entree ligt rond de 20 euro.
Verder landinwaarts wordt Blekinge groen en heuvelachtig, met de eikenbossen bij Ronneby en het beekdal van de Mörrumsån, dat bekendstaat om de zalmvangst. Vissen vergt hier een dagvergunning, die per traject verschilt en al gauw 40 euro of meer kost.
Eten in een marinestad
De keuken hier draait om de Oostzee: haring in alle bereidingen, gerookte vis uit de rokerijen op de eilanden, en in het najaar de kreeftpremière. Een visschotel in het centrum kost 20 tot 28 euro, een lunchbuffet doordeweeks rond de 12 euro, wat de goedkoopste warme maaltijd van de dag is.
Op het Stortorget en aan de haven zitten de terrassen. Zweden betaalt met kronen, reken op zo'n 11 kronen per euro, en vrijwel alles gaat per kaart; contant geld is in veel zaken zelfs niet meer welkom.
Praktisch en wanneer je gaat
Karlskrona ligt op ongeveer twee uur rijden van Malmö en de Öresundbrug, en er is een rechtstreekse trein vanuit Kopenhagen in ongeveer drie uur. Vanuit Nederland is het met de auto een lange dag rijden via Denemarken. Parkeren in het centrum kost enkele euro's per dag.
Juni tot augustus is het seizoen: dan varen alle veerboten volgens zomerdienst, zijn de rondleidingen er en is het water op zijn warmst. Mei en september zijn rustiger en goedkoper, maar dan draaien sommige eilandvoorzieningen niet. Houd er rekening mee dat het in de winter hier vroeg donker wordt en dat een groot deel van het eilandaanbod dan stilligt.