De vuurtoren die vaak bij Blekinge wordt genoemd, staat in Skåne
Foto: Lars H Knudsen / Pexels
De bekende vuurtoren op de zuidpunt van Zweden hoort bij de buurprovincie en ligt ruim 100 kilometer westelijker. Blekinge heeft eigen bakens, maar dat is er niet een van.
De provincie is met ongeveer 2.940 vierkante kilometer de op een na kleinste van het land en telt rond de 159.000 inwoners. Voor de kust liggen naar schatting 1.650 eilanden en klippen. Dit artikel behandelt de scherenkust en het achterland, met prijzen, vaartijden en afstanden.
De hoofdstad is op drieëndertig eilanden gebouwd
Foto: Lars H Knudsen / Pexels
De marinestad in het oosten werd in 1680 vanaf niets aangelegd als vlootbasis en ligt verdeeld over drieëndertig eilanden, met een barokke plattegrond en een houten kerk uit 1685. Volgens Unesco staat het geheel sinds 1998 op de werelderfgoedlijst.
Rondlopen kost niets. Het marinemuseum aan het water is gratis toegankelijk en dagelijks open van 10.00 tot 16.00 uur, in de zomer langer. Daar loopt u door een glazen tunnel onder water langs een gezonken achttiende-eeuws schip. Reken op twee uur.
Kajakken tussen de eilanden kan zonder ervaring
De scherenkust ligt beschut: de buitenste eilanden breken de golven, waardoor het water daarbinnen vlak blijft. Daardoor is dit een van de eenvoudigste kajakgebieden van Zweden.
Een kajak huren kost 350 tot 500 kronen per dag; een begeleide dagtocht kost 800 tot 1.200 kronen per persoon. Het seizoen loopt van mei tot september. Onder het algemene toegangsrecht mag u op de meeste eilanden één nacht kamperen, mits niet op een privéerf en zonder open vuur bij droogte.
In het wildpark leven wisenten achter een hek van tien kilometer
Ten westen van de hoofdstad ligt een omheind terrein van ruim 900 hectare met wisenten, edelherten, damherten en moeflons, waar u met een safaribus of in de eigen auto doorheen rijdt.
Entree kost rond de 250 kronen voor volwassenen en de helft voor kinderen; het is van april tot oktober dagelijks open van 10.00 tot 17.00 uur. Reken op drie uur. Let op: uitstappen mag alleen op de aangegeven plekken, want wisenten wegen tot 900 kilo en zijn onberekenbaar bij kalveren.
Op het autovrije eiland is één herberg en verder niets
Vanaf een aanlegsteiger op het vasteland vaart een bootje in ongeveer tien minuten naar een eiland zonder auto's, met een herberg, een paar zomerhuisjes, klippen en een zwemsteiger.
De overtocht kost rond de 100 kronen retour en vaart van mei tot september enkele keren per dag. Overnachten in de herberg kost 400 tot 900 kronen per persoon. Neem mee wat u nodig hebt: er is een klein caféaanbod en verder geen winkel. Dit is de eenvoudigste manier om een nacht op de scherenkust door te brengen.
De havenstad in het westen is het vertrekpunt van de landverhuizers
Uit deze streek vertrokken in de negentiende eeuw tienduizenden mensen naar Noord-Amerika, en de haven in het westen was hun laatste Zweedse grond. Aan de kade staat sinds 1959 een beeld van een emigrantenpaar uit een bekende romanreeks.
Kijken kost niets. In dezelfde stad zit een klein museum over die emigratie en over de plaatselijke drankstokerij; entree kost enkele tientallen kronen en het is van dinsdag tot zondag open van 11.00 tot 16.00 uur. Reken op anderhalf uur.
Het kuurpark in het midden is een van de grootste van het land
Rond een negentiende-eeuwse bron ligt een parkgebied van ruim 100 hectare met rozentuinen, een Japanse tuin en paden door oud loofbos. Het was een kuuroord waar men het ijzerhoudende bronwater kwam drinken.
Toegang is gratis en het park is dag en nacht open. Er is een rozentuin met honderden soorten die in juni en juli bloeit. Reken op twee uur. Aan de rand ligt een brunnenhotel en een klein museum; de bron zelf is nog te zien en het water mag u proeven, al smaakt het naar roest.
Het klimaat hier is milder dan de breedtegraad doet vermoeden
Foto: Aleks Magnusson / Pexels
Deze provincie wordt de tuin van Zweden genoemd omdat het er warmer en langer groeizaam is dan verder noordelijk: eiken en beuken groeien hier goed en er staan zelfs walnoten en moerbeien.
Dat betekent praktisch dat het badseizoen langer duurt: in juli en augustus haalt de zee 19 tot 22 graden en in september is het nog rond de 17. De stranden zijn gratis en hebben in het seizoen kleedhokjes. Neem muggenwerend middel mee voor de avonden bij het water.
Praktisch
U vliegt in anderhalf uur op Kopenhagen en rijdt daarna over de brug in tweeënhalf uur oostwaarts, of u neemt de trein in ongeveer dezelfde tijd. Er vaart daarnaast een veerboot vanuit Polen die er tien en een half uur over doet.
Zweden betaalt met kronen, niet met euro's, en het land is vrijwel volledig cashloos: veel zaken nemen geen contant geld aan. Juni tot augustus geeft 19 tot 25 graden en lange lichte avonden. In mei en september is het 12 tot 18 graden, rustiger en goedkoper, maar dan varen de eilandbootjes minder vaak.