Foto: Small Steps / Pexels
Stockholm is gebouwd op veertien eilanden, verbonden door 57 bruggen, maar het merendeel van de grote musea staat op Djurgården: een groen eiland op ongeveer 20 minuten lopen van het centrum.
Dat is voor uw planning het handigste gegeven van de stad. U kunt er drie musea op een dag doen zonder ooit in een tram te stappen. Dit stuk zet de belangrijkste op een rij, met wat ze zijn en wat ze kosten.
De Vasa lag 333 jaar op de bodem
Foto: Jon Flobrant / Unsplash
Volgens het museum zonk het oorlogsschip Vasa in 1628 in de haven van Stockholm, een paar minuten na vertrek op zijn eerste vaart. Het lag 333 jaar op de bodem en werd in 1961 gelicht, vrijwel compleet, doordat de paalworm die hout aantast in het brakke water van de Oostzee niet voorkomt.
Het schip staat nu in zijn geheel in een museum dat eromheen is gebouwd, en dat is een aanblik waar foto's tekortschieten: ruim 60 meter lang en over zeven verdiepingen te bekijken. Reken op anderhalf uur en op drukte; ga vroeg of laat op de dag.
Skansen is het oudste openluchtmuseum ter wereld
Foto: Abhishek Navlakha / Pexels
Op hetzelfde eiland ligt Skansen, in 1891 gesticht door Artur Hazelius, en daarmee het oudste openluchtmuseum ter wereld. Er staan historische gebouwen uit heel Zweden, van boerderijen tot een complete stadswijk, met mensen in kostuum die het werk voordoen.
Er zit bovendien een dierentuin bij met Scandinavische dieren: eland, beer, wolf en veelvraat. Reken op een halve tot hele dag; het terrein is groot en heuvelachtig.
Het koninklijk paleis telt ruim 600 kamers
Foto: Rach Teo / Unsplash
Aan de rand van de oude stad staat het koninklijk paleis, de officiële residentie van de koning, met meer dan 600 vertrekken. Een deel is te bezichtigen, waaronder de staatsievertrekken, de schatkamer en het wapenmuseum.
De wisseling van de wacht is dagelijks en gratis te zien op de binnenplaats. Wees ruim op tijd, want de goede plekken zijn een halfuur van tevoren bezet.
Drottningholm staat sinds 1991 op de werelderfgoedlijst
Foto: Kabir Baidhya / Unsplash
Buiten de stad, aan het Mälarenmeer, ligt Drottningholm: het woonpaleis van de koninklijke familie, met een Chinees paviljoen en een park. Het geheel kwam in 1991 op de werelderfgoedlijst.
Het bijzonderste is het hoftheater uit 1766, waarvan de toneelmachinerie nog volledig intact is en nog steeds werkt: decorwisselingen gaan er met het doek open, met houten wagens en katrollen uit de achttiende eeuw. U komt er met de boot in een uur vanaf het stadhuis.
In het stadhuis wordt het Nobelbanket gehouden
Foto: Ana Bórquez / Unsplash
Het stadhuis werd in 1923 voltooid naar een ontwerp van Ragnar Östberg. In de Blauwe Hal, die ondanks de naam van rode baksteen is, wordt elk jaar op 10 december het Nobelbanket gehouden.
Het gebouw is alleen met een rondleiding te bezoeken en die duurt ongeveer 45 minuten. De toren is apart toegankelijk en geeft het beste uitzicht over de eilanden; in de zomer is er een wachttijd.
De smalste steeg is 90 centimeter breed
In de oude stad ligt Mårten Trotzigs gränd, op het smalste punt 90 centimeter breed. Het is een trap tussen twee huizen door en er passen maar net twee mensen zijwaarts langs elkaar.
Het is twee minuten werk en het staat op elke foto van Gamla stan. Ga er vroeg heen, want overdag staat er een rij mensen te wachten om er een foto te maken.
De metro is de langste kunstgalerie ter wereld
Foto: Norman Tsui / Unsplash
Het metronet van Stockholm meet ongeveer 110 kilometer en meer dan 90 van de 100 stations zijn door kunstenaars ingericht: uitgehakte rotswanden in kleur, mozaïeken en beelden op de perrons.
Met een gewoon dagkaartje rijdt u ze allemaal langs. Dat is de goedkoopste museumbezoek van de stad en het kost u een uur of twee; de blauwe lijn heeft de spectaculairste stations.
Praktische zaken
Reken op 150 tot 250 kronen entree per museum. Er bestaat een stadspas die zich terugverdient vanaf ongeveer drie bezoeken op een dag; reken dat vooraf uit, want met twee musea bent u goedkoper uit met losse kaartjes.
Contant geld hebt u niet nodig en veel plekken nemen het niet eens aan. Musea zijn hier doorgaans op maandag gesloten, met uitzondering van de grootste op Djurgården.
Wanneer u komt
Juni tot en met augustus is het hoogseizoen, met lange lichte dagen en terrassen die tot laat open zijn. Rond midzomer is het ruim 18 uur per dag licht.
In de winter is het rond de vier uur al donker en zijn de dagen kort, maar dan zijn de musea rustig en de hotels goedkoop. Dat is met deze stad, waar het aanbod grotendeels binnen is, een verdedigbare keuze.