Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De kusttrein is het goedkoopste vervoer van de streek
Tussen Nice-Ville en de Italiaanse grens rijdt de kusttrein elk half uur langs Villefranche-sur-Mer, Beaulieu, Monaco en Menton. Een enkele reis kost 2 tot 6 euro, afhankelijk van de afstand, en naar Monaco ben je in vijfentwintig minuten.
Daarmee is de trein hier sneller en goedkoper dan de auto, die in de zomer op de kustweg stilstaat en in de dorpen niet te parkeren is. Dit artikel zet de dagtrips op een rij, met prijzen, reistijden en de plekken waar het misgaat.
Èze ligt 429 meter boven zee en je komt er met de bus
Foto: AXP Photography / Pexels
Het middeleeuwse dorp Èze staat op een rots van 429 meter, met nauwe steegjes die naar de Jardin Exotique op de top lopen. Het station aan de kust ligt aan de voet, maar dan heb je nog het hele hoogteverschil te gaan.
Bus 82 of 602 brengt je vanaf Nice in een half uur naar het dorp voor rond de 2,50 euro. De Jardin Exotique kost 7 tot 9 euro en is dagelijks open. Let op: het dorp is klein en zit tussen elf en vier vol met dagjesmensen; kom voor tien uur of blijf tot na zes uur.
Tussen die twee loopt het Nietzschepad omhoog
Foto: Constantin / Unsplash
Vanaf Èze-sur-Mer aan de kust klimt het Nietzsche-pad in ongeveer 430 hoogtemeters naar het dorp. Het heet zo omdat de filosoof hier volgens de overlevering het middendeel van zijn bekendste boek bedacht tijdens het klimmen.
Lopen kost niets. Reken op anderhalf uur omhoog over een steil pad met losse stenen en treden; naar beneden is het een uur. Let op: er is onderweg geen schaduw en geen water, dus loop het niet tussen elf en vier in juli, en neem schoenen met profiel mee.
De drie corniches zijn drie verschillende dagen
Foto: Laura Paredis / Pexels
Tussen Nice en Menton lopen drie wegen naast elkaar op verschillende hoogtes. De Basse Corniche volgt de kustlijn door de dorpen, de Moyenne Corniche hangt halverwege de helling met het uitzicht op Èze, en de Grande Corniche klimt tot ruim 500 meter langs de oude Romeinse weg.
Rijden kost niets en bus 82 volgt grotendeels de hoogste route. Reken op een dag per corniche als je stopt. Boven op de Grande Corniche ligt het Parc de la Grande Corniche met het Fort de la Revère als uitzichtpunt, gratis toegankelijk; lager staan het Fort du Mont Alban op de Mont Boron en de Colline du Château boven de Baie des Anges in Nice zelf. Let op: de kustweg staat in juli en augustus vanaf tien uur vast.
Menton houdt in februari een citroenfeest van 140 ton
Menton, vlak bij de Italiaanse grens, bouwt in februari twee weken lang beelden van citrusvruchten in de tuinen aan zee, waarvoor volgens de organisatie ongeveer 140 ton citroenen en sinaasappels wordt gebruikt.
De tuinen kosten 10 tot 15 euro en de optochten 12 tot 30 euro; het stadsbeeld bekijken is gratis. Vanaf Nice rijdt de trein er in vijfendertig minuten heen. Let op: in die weken zijn de hotels in Menton vol en de treinen naar de optochten overvol; kom met de trein en niet met de auto.
De Fondation Maeght is geen dorpsmuseum
Buiten Saint-Paul-de-Vence staat sinds 1964 de Fondation Maeght, een museum voor moderne kunst met werk van Miró, Giacometti en Chagall in een gebouw met een beeldentuin eromheen. In 2024 is het met een nieuwe vleugel uitgebreid.
Entree kost 16 tot 20 euro en het is dagelijks van 10.00 tot 18.00 uur open. Reken op twee uur. Vanaf Nice rijdt bus 655 in een uur naar het Village; vanaf de halte is het tien minuten lopen omhoog. In Vence ernaast staat de kapel die Matisse ontwierp, en in Biot verderop zit een glasblazerij. Dit is de reden om hierheen te komen, meer nog dan het dorp zelf.
Het dorp Saint-Paul-de-Vence zelf is klein en vol
Foto: Rich Martello / Unsplash
Het ommuurde dorp telt één hoofdstraat van ongeveer 400 meter, met aan weerszijden galeries en souvenirwinkels. Het is prachtig en het staat op zomerse middagen zo vol dat doorlopen niet lukt.
Rondlopen kost niets en parkeren buiten de muur 3 tot 6 euro per uur. Reken op een uur. Op de begraafplaats aan het eind ligt Marc Chagall begraven. Let op: kom voor tien uur of tegen de avond; tussendoor is de hoofdstraat een file van mensen en zijn de terrasprijzen het dubbele van die in Vence, 4 kilometer verderop.
De trein de bergen in rijdt sinds december 2025 weer helemaal
Foto: Jamie Street / Unsplash
De spoorlijn van Nice het dal in naar Tende, die na de storm van oktober 2020 zwaar beschadigd raakte, rijdt sinds december 2025 weer over het hele traject. De route klimt in tweeënhalf uur van zeeniveau naar ruim 1.000 meter, door tunnels en over viaducten.
Een kaartje kost 10 tot 20 euro. Onderweg stap je uit bij dorpen aan de rand van het Nationaal Park Mercantour, met wandelpaden en een Via Ferrata vanaf het perron; op het Plateau de Caussols en bij de Baou de Saint-Jeannet lopen routes met uitzicht tot aan de Middellandse Zee. Reken op een hele dag. Dit is de goedkoopste manier om de bergen in te komen zonder auto.
Monaco is een halve dag en geen hele
Monaco meet ongeveer 2 vierkante kilometer en je loopt van de rots met het paleis naar de haven en het casino in een uur. De wisseling van de wacht bij het paleis is om 11.55 uur en duurt tien minuten.
De trein vanaf Nice kost rond de 5 euro en doet er vijfentwintig minuten over. De Jardin Exotique kost rond de 12 euro en het oceanografisch museum 16 tot 21 euro. Let op: parkeren is er duur, het casino vraagt entree en een kledingcode, en de terrassen aan de haven rekenen 8 tot 12 euro voor een koffie.
Een indeling voor vier dagtrips
Dag één de kusttrein naar Villefranche-sur-Mer en Saint-Jean-Cap-Ferrat, met de Villa Ephrussi de Rothschild voor rond de 18 euro. Dag twee met bus 82 naar Èze en terug over het Nietzsche-pad. Dag drie de trein naar Menton en Monaco. Dag vier landinwaarts naar Vence, Saint-Paul-de-Vence en de parfumstad Grasse, waar de rondleiding bij de Parfumerie Fragonard gratis is.
Reken per dag op 10 tot 25 euro vervoer en 20 tot 40 euro entrees. Wie een auto heeft, voegt de Gorges du Loup, Tourrettes-sur-Loup en het rotsdorp Gourdon toe, op een uur rijden, of rijdt over de Col de Turini naar de bergdorpen Peille, Peillon en Lucéram. Langs de kust liggen Antibes met het Château Grimaldi en Marineland, en bij Saint-Jean-Cap-Ferrat de Villa Kérylos naar Grieks model.
Wanneer je gaat en wat je vermijdt
Mei, juni en september geven 22 tot 28 graden en de helft van de drukte van juli en augustus, wanneer het 28 tot 33 graden wordt en alle dorpen vollopen. Het zeewater haalt in september 23 tot 25 graden, warmer dan in juni.
Let op: in de laatste week van mei rijdt de Grand Prix in Monaco en zijn de hotels aan de hele kust twee tot drie keer zo duur; in februari is het citroenfeest in Menton. Buiten die weken is de kust in het voor- en naseizoen juist rustig en zijn de dorpen weer van de bewoners.