Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.

Home › Ierland › Ruige natuur, gastvrije dorpen en groene heuvels in Ierland
Bestemming 11 min lezen

Ruige natuur, gastvrije dorpen en groene heuvels in Ierland

Robin van den Bosch
Robin van den Bosch Redacteur · 27 mei 2025

Op het eiland liggen twee landen met twee munten

De Republiek Ierland betaalt met de euro; Noord-Ierland hoort bij het Verenigd Koninkrijk en rekent in ponden. Sinds 2025 heb je voor Noord-Ierland vooraf een elektronische reistoestemming nodig, ook als je er alleen een dag doorheen rijdt naar Belfast of de Giant's Causeway. De grens zelf merk je niet: er staan geen posten, en vaak zie je alleen dat de snelheidsborden van kilometers op mijlen overgaan. Dit artikel behandelt het hele eiland, met afstanden, entreeprijzen en regels.

De Cliffs of Moher lopen over veertien kilometer tot 214 meter op

De kliffen in County Clare zijn volgens het bezoekerscentrum ongeveer 14 kilometer lang en komen bij O'Brien's Tower tot rond de 214 meter. Landinwaarts ligt de Burren, een kale kalksteenvlakte waar de dolmen van Poulnabrone staat, een graf van ruim vijfduizend jaar oud. Entree met parkeren kost 7 tot 12 euro en geldt voor een tijdslot; buiten de uren van 11.00 tot 16.00 uur is het goedkoper en rustiger. Wie vanaf Doolin of Liscannor over het kustpad loopt, betaalt niets. Let op: achter de muur is geen beveiliging en er zijn bezoekers omgekomen die eroverheen klommen voor een foto. Bij storm sluit het pad. Kliffen aan de Ierse westkust

In Donegal vallen de kliffen van Slieve League zeshonderd meter omlaag

Slieve League in het noordwesten valt met rond de 600 meter in zee, bijna drie keer zo diep als de Cliffs of Moher. Het zijn niet de allerhoogste van het eiland, zoals vaak wordt geschreven: Croaghaun op Achill Island komt tot 688 meter, maar die wand is alleen vanaf zee of na een lange wandeling te zien. Toegang is gratis; er is een parkeerplaats onderaan en een smalle weg naar boven waar in het seizoen een pendelbus rijdt voor enkele euro's. Reken op twee uur. Het pad over de rand, One Man's Pass, is onbeveiligd en bij wind niet te doen; blijf bij het lagere uitzichtpunt. Noordelijker ligt Malin Head, het meest noordelijke punt van het eiland.

Rond Dingle loopt een kustweg van vijftig kilometer

De Slea Head Drive is een smalle lus van ongeveer 50 kilometer om het schiereiland Dingle, langs kliffen, stenen veldmuurtjes en bijenkorfhutten uit de vroege middeleeuwen. Vanaf de westpunt zie je bij helder weer de Blasket-eilanden liggen, die tot 1953 bewoond waren. Rijden is gratis, parkeren bij de uitzichtpunten kost 2 tot 5 euro. Reken op een halve dag, en rijd met de klok mee, want de touringcars doen dat ook. De dolfijn Fungie, die decennialang in de haven van Dingle leefde en waar de plaats om bekendstond, is in 2020 verdwenen; boottochten gaan nu over de kust en de vogels.

De Ring of Kerry is honderdnegenenzeventig kilometer lang

Deze lus voert langs bergen, meren en dorpen als Sneem en Kenmare. Toerbussen rijden hem in één vaste richting; rijd dezelfde kant op, want elkaar passeren op de smalle stukken kost tijd en zenuwen. Reken op een volle dag met stops, of twee dagen als je wilt wandelen. Parkeren bij de bekende punten kost 2 tot 5 euro. In Killarney National Park is toegang gratis, Muckross House vraagt rond de 10 euro en een ritje met een jaunting car kost 20 tot 40 euro per persoon. Vanuit Portmagee varen boten naar Skellig Michael, maar alleen bij rustige zee en maanden vooruit volgeboekt.

In Connemara loopt een pad naar de top van Diamond Hill

Connemara National Park bestaat uit veen, heide en de kwartsietbergen van de Twelve Bens. Naar de top van Diamond Hill op 442 meter loopt een aangelegd pad van 7 kilometer heen en terug, met vlonders over het natste veen. Toegang en parkeren zijn gratis en het bezoekerscentrum bij Letterfrack is van 9.00 tot 17.30 uur open. Reken op drie uur. Let op: het pad ligt volledig open en er is geen schuilplek; het weer slaat hier meerdere keren per dag om, ook in juli. Vanuit Galway varen boten naar de Aran-eilanden, waar op Inis Mór het fort Dún Aonghasa op de rand van een klif staat. Veenlandschap in het westen van Ierland

De Giant's Causeway ligt aan een gratis kustpad

De basaltzuilen aan de noordkust ontstonden ongeveer zestig miljoen jaar geleden bij het afkoelen van lava; het zijn er ruim veertigduizend, de meeste zeshoekig. Het bezoekerscentrum vraagt entree, maar de rotsen zelf liggen aan een openbaar pad. Een kaartje met parkeren kost 13 tot 18 pond; wie vanaf Bushmills over het kustpad loopt, 4 kilometer heen, betaalt niets. Reken op drie uur. De zuilen zijn nat en glad en de zee komt er dichtbij; blijf van de onderste rijen af bij hoge deining. De whiskystokerij van Bushmills verderop vraagt 15 tot 25 pond voor een rondleiding. Basaltzuilen aan de noordkust

Dublin en Belfast liggen op tweeënhalf uur van elkaar

De twee steden liggen ongeveer 165 kilometer uit elkaar; de trein doet er twee uur en een kwartier over voor 20 tot 50 euro. In Dublin kost de Guinness Storehouse 25 tot 35 euro en Trinity College met het Book of Kells 18 tot 25 euro, beide met tijdslot; Temple Bar ernaast is de duurste buurt van de stad om iets te drinken. In Belfast kost Titanic Belfast 20 tot 25 pond. Een rondleiding langs de muurschilderingen van Shankill en Falls Road, over de Troubles, kost 15 tot 25 pond en wordt vanuit beide gemeenschappen gegeven. Straat in Dublin

Bij Blarney Castle lig je op je rug om een steen te kussen

In de borstwering van Blarney Castle, 8 kilometer van Cork, zit een steen waar bezoekers achterover hangend bij komen; een medewerker houdt je vast terwijl je onder de rand door buigt. Volgens de overlevering krijg je er welsprekendheid van. Entree kost 20 tot 26 euro, dagelijks van 9.00 tot 18.00 uur. Reken op drie uur, want de tuinen eromheen zijn groter dan het kasteel zelf. In het seizoen staat er een rij van een uur voor de trap naar boven; kom voor 10.00 uur. Twintig kilometer zuidelijker ligt Kinsale, met een haven en twee zeventiende-eeuwse forten. Kasteel in het zuiden van Ierland

Waterford is in 914 door Vikingen gesticht

Waterford in het zuidoosten gaat terug op een Vikingnederzetting uit 914 en is daarmee de oudste stad van het eiland. In de Viking Triangle liggen drie musea over die geschiedenis, met Reginald's Tower als oudste bouwwerk. Een gecombineerd kaartje kost 15 tot 22 euro, dagelijks van 9.30 tot 17.00 uur. In Kilkenny verderop staan stadsmuren en een kasteel, met entree van 8 tot 14 euro. De Wicklow Mountains ten zuiden van Dublin hebben gratis wandelroutes van 5 tot 20 kilometer, met het kloosterdal Glendalough als bekendste punt. Ten noorden van de hoofdstad ligt Brú na Bóinne, waar de grafheuvel Newgrange uit ongeveer 3200 voor Christus ouder is dan Stonehenge; entree 8 tot 18 euro, alleen met de bus vanaf het bezoekerscentrum. Straat in een middeleeuwse Ierse stad Historisch centrum in het zuidoosten Bergen ten zuiden van Dublin

Praktisch

Vanuit Nederland vlieg je in anderhalf uur naar Dublin; met de auto en de veerboot ben je vijftien tot twintig uur onderweg. Je rijdt links en de landwegen zijn smal met hoge heggen waar je niets langs ziet. De Wild Atlantic Way, de bewegwijzerde route langs de westkust, is ruim 2.500 kilometer lang; kies er stukken uit in plaats van hem in één reis te willen rijden. Mei tot september geeft 14 tot 20 graden en de meeste zon, met regen in elke maand. Huurauto's vragen hier een hoge eigen bijdrage bij schade; lees de voorwaarden na, want schade aan de linkerkant is de meest gemelde.
Robin van den Bosch
Over de auteur
Robin van den Bosch

Redacteur bij Vakantiewoningen.nl.

Alle artikelen van Robin van den Bosch →
Bij dit artikel

Drie huizen uit ons aanbod

Bekijk prijs en beschikbaarheid bij onze boekingspartner. Je ziet de totaalprijs vóór je betaalt.

Lees ook

Meer uit het magazine