Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
Het Gardameer heeft honderdachtenvijftig kilometer oever
Foto: Andreas Schnabl / Pexels
Het grootste meer van Italië meet ongeveer 370 vierkante kilometer en is op het diepste punt 346 meter. Waar je verblijft bepaalt hier meer dan elders: het noorden bij Riva del Garda en Torbole is smal en door bergen omsloten, het zuiden bij Sirmione en Peschiera vlak en breed.
Dit artikel behandelt vijf dorpen om in te verblijven, met wat elk praktisch betekent aan afstanden, prijzen, drukte en bereikbaarheid. Italië betaalt met de euro.
Gargnano aan de westoever is het rustigste van de vijf
Dit dorp van ongeveer 3.000 inwoners ligt tegen de bergwand aan de westzijde, met een oude haven, een citroenkas van metselwerk en olijfgaarden erachter. Er is geen groot strand en geen boulevard, en dat is precies het punt.
Overnachten kost hier 90 tot 160 euro per nacht voor twee, minder dan in het zuiden. Met de auto ben je in een half uur bij de drukkere plaatsen en in een uur in Verona. Let op: de kustweg is smal met tunnels en in het weekend rijden er veel motoren; inhalen kan nergens.
Salò heeft de langste promenade van het meer
De grootste plaats aan de zuidwestoever telt rond de 10.700 inwoners en heeft een boulevard van ongeveer 3 kilometer langs het water. Er staat een kathedraal uit 1453 en op dinsdag is er markt langs de kade.
Overnachten kost 110 tot 200 euro per nacht voor twee. De plaats was van 1943 tot 1945 de zetel van de marionettenregering onder Duitse controle die naar dit stadje is genoemd; in een museum en enkele gedenktekens komt dat terug. Hier vind je de meeste winkels, apotheken en artsen van deze oever, en er stoppen lijnboten.
Lazise aan de oostoever heeft nog een complete stadsmuur
Foto: Vanja Djakovic / Pexels
Dit ommuurde stadje aan de zuidoostkant heeft een middeleeuwse haven, een Scaligerburcht en een ronde doorgang naar het water. Het kreeg in 983 een oorkonde die het tot een van de eerste vrije gemeenten van Italië maakte.
Overnachten kost 100 tot 190 euro per nacht voor twee. Van de vijf ligt dit dorp het dichtst bij de grote pretparken, op 3 tot 6 kilometer; dat maakt het met kinderen praktisch en in juli en augustus druk. Er is een strandbad met ligbedden voor 15 tot 25 euro per dag en het water loopt hier geleidelijk af.
Sirmione ligt op een schiereiland van vier kilometer
Foto: Mikhail Nilov / Pexels
Aan de zuidkant steekt een landtong het meer in, met aan het begin de Rocca Scaligera uit de dertiende eeuw die volledig door water is omgeven, en aan het uiteinde de Grotte di Catullo: de resten van een Romeinse villa van ongeveer 2 hectare tussen de olijfbomen.
Entree voor de burcht kost rond de 8 euro en voor de villa rond de 10 euro; beide zijn van dinsdag tot zondag open. Let op: het oude centrum is grotendeels autovrij en alleen gasten met een hotelbevestiging mogen erin rijden. Parkeren voor de poort kost 2 tot 3 euro per uur en staat in de zomer vol voor tien uur.
Tremosine ligt driehonderdvijftig meter boven het water
Dit is geen dorp maar een gemeente van achttien gehuchten op een plateau boven de westoever. Vanaf het terras bij de kerk van Pieve kijk je recht naar beneden op het meer, ruim 350 meter lager; het is een uitkijkplek met een glazen vloerrand.
De weg erheen, de Strada della Forra, loopt door een kloof met tunnels die in de rots zijn uitgehakt; hij is smal en bij druk verkeer traag, en te breed of te hoog verkeer mag er niet in. Overnachten kost hier 80 tot 150 euro per nacht voor twee, en het is er 3 tot 5 graden koeler dan aan het water.
De wind bepaalt of je kunt zeilen of surfen
Op dit meer waait het volgens de zeilverenigingen vrijwel dagelijks in een vast patroon: 's ochtends de Pelér, een noordenwind van de bergen af, en vanaf het middaguur de Ora uit het zuiden. Dat maakt het noordelijke deel bij Torbole en Riva del Garda een van de beste zeilgebieden van Europa.
Een surfles van twee uur kost 50 tot 80 euro per persoon en een zeilboot huren 100 tot 200 euro per dag. De ochtendwind is de sterkste en dan zijn de golven het hoogst; met kinderen is de middagwind rustiger. In het zuiden waait het merkbaar minder, wat daar juist prettig zwemmen is.
Tussen de dorpen vaar je sneller dan je rijdt
Er vaart een net van lijnboten en snelle draagvleugelboten over het hele meer, met aanlegsteigers in alle plaatsen uit dit artikel en in Malcesine, Limone en Desenzano. In het hoogseizoen varen ze van 's ochtends zeven tot 's avonds acht.
Een enkele reis kost 5 tot 15 euro afhankelijk van de afstand; een dagkaart voor het hele meer kost rond de 35 euro. In juli en augustus staat de kustweg vast en doe je met de boot in vijftig minuten wat met de auto anderhalf uur kost, zonder parkeerprobleem aan de overkant. Sommige boten nemen fietsen mee.
Praktisch
Vanuit Nederland rijd je in ongeveer tien uur over 1.000 kilometer, of je vliegt in anderhalf uur op Verona of Milaan en rijdt vandaar een uur. Tol op de Italiaanse snelweg kost enkele euro's per traject. Rond het meer geldt in de dorpskernen vaak een autoluwe zone met camera's.
Mei, juni en september geven 22 tot 28 graden met meerwater van 20 tot 24 graden. In juli en augustus is het 30 tot 35 graden, zijn de dorpen vol en zijn de huisprijzen twee keer zo hoog. In april en oktober is het 15 tot 20 graden en is een deel van de horeca dicht; van november tot maart ligt het toerisme vrijwel stil.